De knoflookkus
zaterdag 1 juli 2017
Eten in je eentje kan een aangenaam, onbekommerd gebeuren zijn: Er is geen tot verslikkens toe boeiende conversatie te onderhouden. Er gloeit geen plaatsvervangend schaamrood op de kaken wegens onsmakelijk kauwen aan de overkant van de tafel. Ik hoef mijn voet niet in zijn kruis te zetten om zijn aandacht te trekken. Ik hoef mij niet af te vragen of hij het wel lekker vindt. Ik hoef niet voor te wenden dat ik het lekker vind. Nee, ik hoef alleen maar eten te koken en het op te eten. Bord op de krant? Hoe kan ik anders die column lezen? Zoete aardappel tot snot gewokt? Ik snij er een bosuitje door en hij smaakt me prima. Een hele bol verse knoflook door de yoghurt dressing? Ha, wilde je zoenen, vanavond?
Het was waanzinnig warm geweest, die dag. Pas na het avondeten is het koel genoeg om mijn dagelijkse ommetje te lopen. Stap voor stap over het schelpenpad langs het water - tot ik de lange man ontwaar die in tegenovergestelde richting over het schelpenpad loopt. Mijn ademhaling stokt. Ik hoef niet te denken dat het over is, dat ik hem niet meer aantrekkelijk vind. Onderbuikgevoelens gaan officieel niet over seksuele verlangens, anders kon er niet vrijelijk over geschreven worden in kranten en tijdschriften. Maar toch. In dit geval zijn ‘onderbuikgevoelens’: dat wat ik blijk te willen terwijl ik zeker wist dat ik het niet meer wilde. Volkomen weerloos voel ik hoe de vlammen oplaaien terwijl we naar elkaar toelopen. Tot mijn verrassing spreidt hij zijn armen uit - en ik nestel me aan zijn borst, zet mijn nagels naast zijn ruggengraat in de dunne stof van zijn poloshirt. Het is lila, dat poloshirt. Hij heeft de looks van een reusachtige pinksterbloem - wat nogal helpt om de vlammen bezweren. We laten elkaar weer los; we staan nu eenmaal midden op het schelpenpad en de hondenmensen moeten er langs. ‘Nee hij doet niks’. ‘Jawel hij doet wel wat, hij snuffelt aan m’n kuiten’. De lila man en ik glimlachen en we vertellen elkaar simpelweg wat we gisteren deden, toen de zon ook zo brandde. Dit is de eerste keer dat we over dagelijkse gebeurtenissen praten; voor ons is dat blijkbaar lastiger dan samen een filosofische stellingname ontrafelen. De theorie is veiliger dan de praktijk, nietwaar? Ik vertel hem hoe lekker de salade van gekookte biet, zoete aardappel en kruiden uit de tuin was, die ik voor mijn zussen heb gekookt. En dat we er gulzig een dressing van yoghurt met een hele bol verse knoflook over hebben gegoten. Hij staart naar mijn mond en ik vermoed dat hij de knoflook al heeft geroken. Hij is een beleefde man, hij zegt dat hij nu graag verder wil met zijn ommetje. Ik houd hem tegen met het gebaar dat we inmiddels van elkaar kennen: Ik leg mijn hand op zijn pezige onderarm. Hij kijkt me vragend aan. Ik ga op m’n tenen staan en geef hem een vochtige kus half op zijn mond. Een knoflookkus. Hij vertrekt zijn gezicht, maar zijn ogen lachen. Tevreden lopen we bij elkaar weg: hij over het pad waar ik vandaan kom, ik over het pad waar hij vandaan komt. We komen elkaar wel weer tegen.
geplaatst door RodeJas - 8326 keer gelezen
Vorige berichten
Als het meezit, word ik vanzelf jaren jonger
Jaren jonger worden, als dat toch eens waar zou kunnen zijn, fantastisch! Wat moet ik daar voor doen? Allereerst beginnen ongezonde eetgewoonten aan te passen. Vanaf ongeveer je 30e levensjaar kan je niet meer ongestraft zomaar alles eten. Ik zal het fastfood dus moeten gaan beperken tot een uitzondering. Wel met smaak nuttigen als ik te gast ben bij iemand of alleen bij een bijzondere gelegenheid, maar niet zelf kopen.
Frisdrank zit ook vol suiker of andere kunstmatige zoetstoffen, weg ermee. Drink liever koffie of thee is het algemene advies, zonder suiker uiteraard. Veel water drinken is ook altijd goed om afvalstoffen kwijt te raken, dat kan ik bijna onbeperkt doen. Ik ben met pensioen, dus zal ik er goed op moeten letten dat ik niet teveel op de bank blijf hangen. Iedere dag genoeg bewegen is mijn motto geworden. Hoeft niet per se sporten te zijn, wel regelmatig wandelen, fietsen en af en toe tuinieren. Veel buiten zijn is sowieso prima.
Mijn gezicht en handen insmeren met een hydraterende crème is ook een belangrijk onderdeel. Dat kan gewoon uit de bekende blauwe familiepot zijn, of een goedkope pot van een bekende drogist of zelfs de supermarkt, zonder al die dure toevoegingen Als ik iedere dag 2x per dag flink smeer, blijft mijn gezichtshuid zacht en soepel, de bovenkant van mijn handen droogt ook minder snel uit.
Iedere dag ruim een kwartier oefeningen doen met armen en benen doet wonderen, daarna nog 5 minuten rekken en strekken. Mijn spieren belonen me door minder stijf te zijn. Helemaal top als ik 1 x per week ook nog wat aan krachttraining doe. Maar hoezo word ik van dit alles jaren jonger? Simpel, als ik fitter word, gaat mijn biologische leeftijd vanzelf dalen, soms wel met 10 jaar. Als ik al deze dingen goed kan volhouden, is mijn beloning tevens een goed BMI-getal. Tel uit je winst.
Uiteraard zijn er ook mensen die tot op hoge leeftijd alles kunnen eten en drinken, niet gaan sporten, maar toch niet noemenswaardig in gewicht aankomen. Helaas zijn er ook mensen die gewoon zwaar gebouwd zijn en daar zelf niks aan kunnen veranderen. Maar laat ik bij mezelf blijven : ik ben gezonder gaan eten en daardoor sterker geworden, dat straal ik ook uit. Uiteraard word ik ieder voorjaar gewoon weer een jaartje ouder, al voelt dat nu veel minder zo. Bijkomend voordeel is ook dat ik fitter en energieker overkom, niet onbelangrijk bij het daten, toch?
Single Story: de Minimalist
"Minder."
“Dat is het. Het hele antwoord.”
“Mensen vragen me wat ik zoek in een vrouw. Ik zeg dan: ‘Minder’. Ze denken dat ik een grapje maak. Ik maak nooit grapjes. Een grap is een omweg. De kern is een rechte lijn. Daarop is geen ruimte voor meer.”
“Kijk, ik snap het wel. Ik zit op zo’n datingsite voor 50-plussers. Dan wordt er iets van je verwacht. Een profiel. Een verhaal. Een etalage vol met je beste zelf. Ik heb één foto. Zwart-wit. En twee zinnen: ‘De rest ontdek je. Of niet.’ Dat is geen luiheid, dat is een filter.”
“De meeste mensen zijn ruis. Ze vullen de stilte op met hobby's, vakanties, lachende foto's met vrienden. Voor mij is dat allemaal ballast. Als je zes foto's nodig hebt om te laten zien wie je bent, ben je een collage. Ik zoek geen fotogalerij. Ik zoek een portret. En dan ook nog uniek.”
“Soms denk ik: waarom doe ik dit eigenlijk? Mijn leven is af. Mijn huis is een selecte verzameling keuzes. Elke stoel, elke lamp, elk koffiekopje heeft zijn plek verdiend. Gewoon door alles te zijn wat het moet zijn en niets meer dan dat. Het is hier rustig. Gecontroleerd. Een tweede persoon is per definitie een verstoring. Een onvoorspelbare onbekende.”
“En toch… Soms, in de volmaakte stilte, ontstaat van binnen een levensvraag. Geen schreeuw, meer een verraderlijke echo van mijn innerlijke wens. Het kennelijk ontembare verlangen naar een zielsverwant. Naar een vrouw die binnenstapt, de ruimte overziet en niet vraagt: ‘Waar is de rest?’, maar knikt. Begrijpt. Ziet dat dit geen leegte is, maar helderheid. Dat verlangen is de enige onrust die ik in mijn leven tolereer.”
“Laatst had ik een match. Een vrouw met een profiel vol vragen die ik kon billijken. Ik stuurde één woord: ‘Koffie?’. Haar antwoord was een volzin: "Goed idee; wanneer en waar?". Een paar dagen later zaten we tegenover elkaar. We hadden nog geen vijf minuten gesproken of ze had al drie onderwerpen aangesneden: haar werk, haar kat en een vakantie naar Kreta.”
“Ik keek haar aan en zei: ‘Laten we eerst deze koffie proeven. Dat is het enige wat nu echt gebeurt.’ Ik wachtte even. ‘De rest moet nog komen.’ Toen werd het stil. ‘Goed’, dacht ik. ‘Eindelijk.’ ‘Essentie.’ Ineens stond ze op en liep ze weg. Daarna hebben we elkaar nooit meer gesproken.”
“Een vriend van me vroeg laatst: ‘Maar wat zeg je dan als je voor het eerst een bericht stuurt? In je profiel geef je nauwelijks informatie.’ Hij snapt het niet. De ultieme verbinding ontstaat niet in wat je zegt, maar in wat je niet hoeft te zeggen.”
“Mijn openingszin is dus geen zin. Het is één woord. Dat woord kan variëren. Maar als ze terugvraagt wat ik ermee bedoel, is het kansloos. De juiste vrouw snapt de vraag die niet gesteld wordt, of in elk geval de impliciete betekenis. Dat is de verbinding die ik zoek. En zelfs dan is er geen garantie. Voor mij is minder nu eenmaal het meest.”
Deze Single Story is fictief. Het verhaal is 'opgetekend' in Grand Café 'De Nieuwe Kans', dat alleen op digitaal papier bestaat. Dat het allemaal verdacht veel op de werkelijkheid lijkt, is puur toeval. Maar misschien ook niet...
Genieten van Groei
**Maandag geschreven**
Vandaag had ik mijn eerste powervrouw training.
En jemig, wat heb ik ervan genoten en wat was het leuk!
En dat terwijl ik vanochtend in eerste instantie in frisse weerstand zat om te gaan. Niet zozeer dat ik serieus overwoog niet te gaan. Dat dan weer niet. Maar de weerstand was er wel.
Echter, hoe later het werd, hoe meer zin ik er in begon te krijgen.
Dat was al een eerste nieuwe ervaring voor me. Een stukje groei.
Deze bijeenkomst was vooral kennismaken door je kort voor te stellen en dan met elkaar wat leuke oefeningen te doen. Hierdoor leerden we elkaar ook echt al een beetje beter kennen en kwam er ontspanning en voor mij een gevoel van saamhorigheid.
Dat laatste had ik eigenlijk al bijna meteen omdat op één na alle vrouwen ook single zijn. Dat had ik eigenlijk niet verwacht.
Met de oefeningen merkte je meteen ook wie onzeker was, gevoelig, en wie ook soortgelijke interesses heeft als ik.
Van één had ik dat finaal niet verwacht, dus dat was een hele mooie ervaring.
Ik had me voorgenomen heel open de groep in te stappen. Geen oordeel over niemand, want oordeel komt alleen uit onzekerheid en gebrek aan zelfliefde. En gezien ik toch zeven jaar pestverleden achter me heb, kunnen zulke dingen soms nog een beetje de kop opsteken.
Met één oefening moesten we achter een streep op de vloer gaan staan. We kregen dan vragen en als het antwoord erop voor jou “ja” was, stapte je over die streep.
Er waren simpele vragen als, “wie heeft er huisdieren?” maar ook “ben je een powervrouw?”
Met die laatste vraag stapte ik zonder enige twijfel, en als eerste, naar voren over de streep. Ik moet zeggen dat ik wel verbaasd stond over mezelf. Maar het kwam echt uit mijn tenen. Ik hoefde er niet over na te denken, voelde me niet onzeker erover, het was echt een “Ja, dat ben ik!”
Nog niet zo heel lang geleden zou ik eerst afwachtend zijn blijven staan. Even kijken of iemand anders naar voren durfde te stappen op die vraag. Nu niet meer.
Weer zo’n gevoel van “wauw!” met lichte verbazing. Zoals gezegd steekt zeven jaar pestverleden soms nog de kop op. Ik heb daar door de decennia al veel aan gewerkt. Blijkbaar heb ik er wéér een grote stap in gezet.
En ik voel me buiten dat ook echt gewoon een powervrouw. Geen harde bikkel. Dat is geen powervrouw. Maar een vrouw met zachte kracht, wetend wie ik ben en waar ik voor sta. Rechtop, in mijn kracht en mijn licht uitstralend.
Dan vang je ook veel “wind” en dat is me ook niet vreemd. Maar ondanks dat verrek ik het mezelf klein te maken uit angst daarvoor. Ik sta!
Daarmee zie en voel ik ook de groei die ik doorgemaakt heb als vrouw en op gebied van vrouwelijkheid, vrouwelijke kracht.
Daar ben ik ook al héél lang mee bezig. Al bijna twintig jaar. Sinds me ooit verteld is dat ik een zielentaak heb op het gebied van het vrouwelijke.
Ik kon daar toen alleen nog niets mee. Het resoneerde absoluut, maar wat en hoe, daar kon ik mij geen helder beeld van vormen. Dat is door de jaren heen gegroeid.
Daar zat dan een flink stuk persoonlijke groei in, wat ik ironisch genoeg voor een deel te danken heb aan een hele nare relatie met een narcist. Omdat met hem niets werkte, ben ik na gaan denken. Zo van, “waar zit het hem nou in?” Dat heeft me achteraf gezien op het juiste pad voor mij gezet.
Later groeide dat stuk vrouwelijkheid uit tot me enthousiast verdiepen in het vrouwelijke & het mannelijke. Dat stuk is nog altijd in ontwikkeling. Ik ben daar de laatste tijd ook weer actief zoet mee, dagelijks.
Een aantal jaren terug heb ik er een aantal coaching cursussen in gegeven aan vrouwen, met heel mooi resultaat.
Toch is alleen dat doen ook niet mijn roeping en dus niet vervullend. Eén aspect ervan kan het wel zijn.
Maar effe terug naar die training. Waar ik me realiseerde, en ook uitgesproken heb, was dat het zo goed voelde. Normaliter werd ik met het voorstelrondje in een groep tijdens een workshop toch altijd verlegen. Ik kreeg dan altijd ook een kleur wat ik erg vervelend vind omdat het me herinnert aan de dagen van mijn pestverleden.
Maar dit keer met het voorstellen, had ik dat helemaal niet?
Normaal hou ik me in groep ook altijd op de achtergrond. Ook dat gebeurde dit keer niet. Ik was gewoon mezelf. Een aantal keren heb ik bewust niet meteen mezelf geuit. Het is duidelijk dat velen toch wat aarzelend zijn daarmee, terwijl ik daar zelf helemaal geen moeite mee heb, mits ik mezelf veilig voel.
En ik heb denk ik zo’n flink stuk groei doorgemaakt dat ik me eerder veilig voel dan vroeger. Hoe lang geleden “vroeger” dan was, weet ik niet.
Maar voor mij echt een eye-opener, een opsteker.
Ik ging dan ook met een heel goed gevoel weg. Buiten nog even met één mede-cursiste gekletst tot zij naar haar werk moest. Ze zei, “leuk je te hebben leren kennen!”
Wauw!
Er gaat een soort wereld voor me open. Hoe leuk het kan zijn om onder de mensen te komen, ook in een groepje vrouwen wat toch niet altijd even vriendschappelijk eraan toe gaat.
Hoe anders dingen gaan als je zelf goed in je vel zit en niet onzeker bent.
Ik ben tot ver in mijn volwassen jaren altijd heel onzeker en verlegen geweest. Voor mij is dit echt geheel nieuw.
Ik hoop dat deze training me nog veel meer mooie ervaringen gaat geven.
Dat neem ik mee mijn leven in, en met daten!