De vraag
zaterdag 23 september 2017
Onlangs belde hij me weer, m’n favoriete ex - en het werd een lang telefoongesprek. Nu eens niet over hoe onwijs goed we het hadden en hoe eeuwig zonde toch dat het voorbij is, maar over hoe het leven in te richten nu onomstotelijk vaststaat dat alle wegen terug leiden naar een modderige poel waarin gevoelens niet kunnen stromen. Kortom, hij is ook aan het daten. En hij stelde een vraag waarop ik direct het antwoord wist en die me desondanks aan het denken heeft gezet. Want klopt dat antwoord wel? Hij vroeg: “Waar let jij op bij een date?” - en mijn antwoord was: “Nergens op. Ik laat het gewoon gebeuren.” Wat hij geweldig vond. Hij heeft namelijk een lijst.
Ik heb nog nooit een date gehad met een man met een lijst, althans niet met een openlijke lijst. Wel met een van zijn gezicht af te lezen mentale lijst: Hij stelde me vragen die hij af vinkte in zijn hoofd. Het was een stroef verlopende date. Hoe dan ook, met of zonder lijst: tijdens een date nemen we een beslissing over de ander. Vanaf die cruciale eerste seconden tot het al dan niet ongemakkelijke afscheid beoordelen we elkaar. Idealiter is het een grotendeels onbewust proces, zodat we tijdens het beoordelen genoeglijk kunnen keuvelen en misschien al wat voorzichtig aftastend zoenen. Let ik echt nergens op? Niet op zijn gebaren, niet op de stand van zijn oren, niet op stembuigingen die mogelijk een slecht karakter verraden, niet op de lengte en de opbouw van zijn zinnen, niet of hij wel klopt met zijn profieltekst en -foto’s, niet of zijn nagels schoon zijn? Nee, echt niet. Ik ervaar of hij me raakt, ontroert, of hij me nieuwsgierig maakt. Ik ervaar of hij handen heeft die me mogen aanraken, een mond met wie ik zou willen zoenen. Het hele dating-proces is nu eenmaal een inefficiënte sollicitatieprocedure met geheimhoudingsplicht over het werkelijke doel: een levensgezel vinden die seksueel aantrekkelijk is. Ik heb die geheimhoudingsplicht doorbroken, ooit, en in mijn profiel geschreven: ‘Goede seks is het mooiste dat twee geliefden elkaar kunnen geven.’ Ik heb daar veel, en mooie reacties op gekregen. Toch heb ik die zin weggehaald: één man had hem niet goed gelezen en dat was één man te veel. Hij zat tegenover mij aan een tafeltje en hij begreep niet waarom niet nu meteen en waarom niet met hem. Ik keek hem aan, zag de woede in zijn ogen en zei: “Ik stel voor het hierbij te laten.” Wat hij wel begreep. Soms is seks als woord alleen al gevaarlijk.
Tja, en dan loop ik een uurtje mee in het leven van een mogelijk toekomstige geliefde - en hij in het mijne. Zijn gestalte is aangenaam, zijn ogen zijn vriendelijk en er straalt een weldadige intelligentie uit. Z’n handen zijn sterk, z’n kleren schoon en met zorg gekozen, zijn stem is prettig om te horen en ons spreken en luisteren is in balans. Hij is beslist een aardige man. Maar ik hoef niet te weten hoe hij smaakt, hoe het voelt om hem aan te raken, welke chocolade hij het lekkerst vindt, of hij ook zo van de zee houdt, welke droedels hij tekent tijdens een saai telefoongesprek, hoe zijn ogen veranderen als we elkaar lang aankijken, hoe het zal zijn die eerste keer, of ik naar hem mag kijken terwijl hij zich scheert.
Mijn antwoord klopt: Ik let nergens op tijdens een date. Ik laat het gewoon gebeuren. En ik kijk uit naar die ene ontmoeting met die ene man die me de razende nieuwsgierigheid laat voelen die nodig is om de menselijke soort in stand te houden.
geplaatst door RodeJas - 8769 keer gelezen
Vorige berichten
Een verrassend gesprek
Ondraaglijk.
Het is weer het weer. Niets anders wordt zoveel besproken. Om een gesprek te beginnen, om te klagen, om te zeggen hoe heerlijk het weer weer is. Het weer is altijd wel een aanknopingspunt voor een praatje. Tegen een voorbijganger. Tegen een vreemde. In de winkel, of waar, of tegen wie dan ook. In het voorbij gaan: Mooi weer hè! en… Koud hè! Op elk moment, op elke plaats. Je kunt het zo gek niet bedenken.
Maar op dit moment is het allerminst koud. Code rood in het gehele land. Hitterecords in Nederland en Europa. Zelfs mijn laptop had het een week geleden begeven. Maar dat kwam niet door de hitte. Op dit moment van schrijven op deze vroege zondagochtend, na hevige onweersbuien afgelopen nacht, is het voldoende afgekoeld om deze laptop in te wijden met mijn blog.
Om toch iets aan beweging te doen stapte ik afgelopen dinsdagmorgen om half acht op de fiets. Het was nog heerlijk koel. Aangenaam voelde het aan. Afkoeling vind je bij warm weer dikwijls aan het water, Op dit eiland, de Hoeksche Waard, hoef je daar niet ver voor te gaan. Ik nam plaats op een bankje aan de rivier de Dordtse Kil. Ik houd van de bewegingen op het water. Diverse schepen te zien, die verschillende goederen vervoeren. Plezier jachten waarop mensen luierend liggen op het achterdek en soms zwaaien naar mensen op de wal. Net zoals op stations mensen in treinen te zien aankomen en vertrekken. Ieder met een eigen verhaal, waar ik alleen maar over kan fantaseren. Fantaseren over verhalen van mensen met grote koffers, verliefde stelletjes, oudere echtparen. Mensen met een aktentas op weg naar het werk? Bij het volgen van dit alles kan ik mij nooit vervelen.
Een hond kwam naar mij toegelopen en ging zuchtend aan mijn voeten liggen. Even later kwam de eigenaar naast mij zitten Hij wees naar de witte labrador aan mijn voeten. “Zij heeft het ook warm.” En natuurlijk ging het over de hitte en het warme weer wat ons deze week nog te wachten stond. Opeens merkte hij op: “Jij komt hier ook niet vandaan?” Deze vraag wordt mij wel vaker gesteld. Klaarblijkelijk zijn enkele aspecten van het dialect uit de regio Salland niet geheel verdwenen. Er ontsproot zich een leuk gesprek tussen ons over onze afkomst. Veelal herkenning van de omgeving, de plaatsen, de natuur en dat rivier de IJssel zo’n mooie plek is om aan te vertoeven. Zijn moeder bleek afkomstig te zijn uit Zutphen, zijn vader uit Vlissingen. Hij was geboren in Ommen. Evenals ik had hij na zijn jeugdjaren nog gewoond in Zeeuws Vlaanderen. Hij kende mijn vroegere woonplaats Philippine goed. We bleken allebei meer van de weidsheid en het water te houden dan van de bossen. Hoewel de regio Salland en de Achterhoek natuurlijk ook prachtig zijn. Daar waren we het ook wel over eens. En… last but not least: Hij blijkt in dezelfde woonplaats te wonen als ik. Afijn, hoe interessant en leuk ons gesprek ook was, het werd te heet voor mens en dier. We zaten in de volle zon en er was weinig wind. We namen afscheid. Zijn woorden: “Misschien komen we elkaar nog eens tegen.”
Je weet maar nooit! Het was in elk geval een spontane, verrassende ontmoeting. Een leuk gesprek vol met herinneringen, wederzijdse herkenningen door onze geboortes in dezelfde streek en de gebieden waar we gewoond hebben.
Liefs,
Monique
Open tuinen weekend
Afgelopen weekend kon ik in Heiloo een aantal mooie tuinen bezoeken die aan het open tuinenweekend van Groei en Bloei meededen. Op internet kon ik de adressen vinden en ook of de tuin op zaterdag of zondag open was. Mijn festivalmaatje heeft ook een grote tuin en wilde wel met me meegaan. Onze fietsen ingeladen in zijn bestelbus en met de uitgeprinte adressenlijst + overzichtskaart hoe er makkelijk te komen naar Heiloo. De auto in de schaduw neergezet en verder met de fiets op stap.
De trotse eigenaren gaven zelf een rondleiding door hun tuin om toelichting te geven over de prachtig aangelegde borders met bloeiende heesters en fleurige bloemperken. Ze wisten ook bijna alle namen van de soms zeldzame planten in hun tuin. Ik moest af en toe best lachen om de Nederlandse benaming van sommige planten. Ik had bijvoorbeeld nog nooit gehoord van de plant Schout bij Nacht en ook de plant Jan op de Preekstoel was mij volledig onbekend. De topper vonden we allebei een reusachtig grote tuin, bijna aan de rand van het Heiloo-er bos,
Deze tuin had geen schutting nodig, lag (bijna) direct bij het bos. Een aangrenzende, eveneens grote tuin, had alleen wat doorzichtig gaas als afscheiding ivm huisdieren. Een andere buur had helemaal geen afscheiding geplaatst, want dat was makkelijker omdat ze allebei dezelfde grasmaaier gebruikten. Er was nu wel tijdelijk een lint gespannen, want deze buren deden dit jaar niet mee aan Groei en Bloei. Je kon wel hun hele tuin overzien. Het geheel was net een park, met uitzicht aan alle kanten op de hoge bomen van het bos, schitterend gewoon !!
Overal in deze prachtige tuin stonden zitjes, waar je even mocht neerstrijken om volop van de tuin te genieten. De meeste bezoekers waren echtparen op leeftijd, of 2 vriendinnen, die ook deze route per fiets deden. Alleengaande heren heb ik niet gezien, misschien omdat het toen ook best wel warm was. Of is bij anderen in de tuin gaan kijken, hoe de mensen alles zo smaakvol hebben ingericht iets wat vooral vrouwen leuk vinden om te doen?
Aangezien ik in mijn eigen tuin altijd wel een struik zie die gesnoeid moet worden of bloemen die uitgebloeid zijn, die weggeknipt moeten worden, kan ik nooit zo lang stil zitten in mijn eigen tuin. Die behoefte is er niet in andermans tuin. Ik kon heerlijk blijven zitten en ik genoot met volle teugen van deze prachtige tuin. Heel rustgevend en beslist een uitje dat voor herhaling vatbaar is...
Mijn huis
Ik heb een mooi oud en groot huis, waar ik graag en (een beetje trots) binnenkom. Ik ken de geluiden, weet waar het licht mooi valt en waar je fijn zit. Ik kan me hier goed redden.
En dat is misschien wel precies het woord: redden.
Ik kook, ruim op, zet de vuilnis buiten en heb mijn leven aardig op orde. Geen zorgen, goede gezondheid, veel sociale contacten. Maar soms, vooral ’s avonds, als het huis stil wordt, ontbreekt er iets.
Ik mis een partner.
Niet zo zeer voor vakanties of feestdagen. Om ergens te gaan eten of drinken, naar een museum te gaan of een wandeling te maken. Dat zijn fijne dingen, zeker. Maar …..
Ik mis iemand, die er gewoon is. Die niet per se naast mij op de bank hoeft te zitten. Die misschien een film kijkt of in de keuken een kop thee maakt, terwijl ik achter de computer zit. Iemand van wie je de aanwezigheid voelt, zonder dat er gepraat hoeft te worden. Dat je allebei je eigen dingen doet, soms zelfs op grote afstand, maar gewoon weten en vooral voelen: wij horen bij elkaar, wij zijn er voor elkaar. Altijd de verbinding en de liefde voor elkaar voelen.
Mijn huis is mijn huis. Daar ben ik blij mee. Echt. Maar soms denk ik: het zou nog warmer zijn als iemand hier niet op bezoek kwam, maar thuiskwam.
En…. hoe ik ook gehecht ben aan mijn huis. Ik hoop dat duidelijk is, dat dat dus niet het belangrijkste in mijn leven is. Ik zou het graag ruilen voor een gezellig huisje vol liefde ergens op een dijk langs de rivier, naast het bos of bij het strand. Een leuk appartement in het centrum van de stad mag ook. Het maakt eigenlijk niet uit zolang er op zaterdag een ouderwetse papieren krant in de bus ligt en een kopje koffie van je geliefde op tafel staat en er vrede in je hart is.
Terug naar de eenvoud en de essentie van waar het in dit leven echt om gaat. Ergen thuiskomen.