Dingen die ik niet zeg tegen de man in huis maar wel tegen de kat
maandag 20 november 2017
Vóór alles: ik heb geen kat en ik wil geen kat hebben. Maar af en toe pas ik met alle plezier op de kat van mijn dochter, in het huis van mijn dochter. En die man in huis? Die loopt nog los rond, ergens op deze site...
“Waar je ook mee bezig bent, stop ermee!” (De kat staat op de leuning van de bank en maakt heftig golvende bewegingen met zijn rug. Er gaat iets smerigs uit hem stromen - uit de voorkant of uit de achterkant.)
“Blijf even zitten zo, dan kan ik een leuke foto van je maken.” (De kat zit op de vensterbank en denkt dat hij niks te maken heeft met het lawaai en de scherven op de vloer.)
“Het bestaat niet dat jij nu alweer honger hebt.” (De kat onderbreekt hoopvol zijn ochtenddutje als ik koffie met koek voor mezelf klaarmaak in de keuken.)
“Ik zal hem wel voor je prakken.” (De kat heeft onhandig schransend zijn plak zalmpaté achter de koelkast gewerkt.)
“Wat ik echt leuk aan je vind, zijn je dwangrondjes.” (De kat dribbelt lemniscaten rond de grote tafel in de achterkamer en de kist met de theepot erop in de voorkamer.)
“Nu doodgaan is niet de bedoeling.” (De kat ligt bewegingloos op de bank en wil niet geaaid worden.)
“Daar ben je te oud voor, schat.” (De kat probeert begerig op het aanrecht te klimmen, naar de zalmpaté.)
“Als stiekum onder het bed zitten het enige is dat je in de slaapkamer komt doen, kan je er net zo goed wegblijven.” (De kat zit, inderdaad, onder het bed en komt er pas onderuit als ik de kamer heb verlaten.)
“Hit the road, Jack!” (De kat zit verongelijkt mauwend voor de keukendeur en blijft daar zitten als ik de deur wijd open heb gezet.)
“Ik trek mijn jas aan. Dat is wat ik doe, mijn jas aantrekken. Hoe kom je erbij dat ik voorgoed bij je weg ga?” (De kat staat vastgenageld aan de keukenmat naar me te staren terwijl ik in de gang m’n jas aantrek.)
“Ik heb jou liever dan de mentale geiten die me in m’n eigen huis voor de voeten lopen.” (De kat heeft gelukkig op zijn fleecedeken gekotst en niet op de bank.)
“Het is helemaal hip om een dood dier in de boekenkast te hebben.” (De kat laat zich liever platdrukken door de glazen deurtjes dan desgevraagd de boekenkast te verlaten.)
“Ik doe dit voor je eigen bestwil.” (De kat wacht tevergeefs op nog een portie brokjes.)
“Ja, ik praat tegen je. Jij miauwt tegen mij, dus wat is het probleem?”
“Nee, alweer?” (De kat staat naast me op de bank, kijkt me strak aan en laat me me met een tik van zijn machtige poot weten dat hij gestreeld wil worden.)
geplaatst door RodeJas - 5883 keer gelezen
Vorige berichten
Baas over eigen zaken
"Baas in eigen buik" is een iconische leus en actie van de feministische actiegroep Dolle Mina, ontstaan in maart 1970 (bron: Nationaal archief). Ik wil dit zelfbeschikkingsrecht, dat over de abortuswetgeving ging, nog wat ruimer bekijken.
Wie single is ontleent aan zijn of haar burgerlijke staat zowel voordelen als nadelen. De nadelen lees ik vaak in profielen, vaak verhuld. Iemand schrijft dat zij of hij het alleen-zijn zat is en zo graag een nieuwe partner zou willen omarmen.
Alleen-zijn heeft ook en misschien wel vooral voordelen. Zelf beslissen wat je gaat doen, niet gebonden zijn aan de mening van een partner bij belangrijke aankopen. Je maakt zelf uit met wie je om wilt gaan. Jij bepaalt waar je met vakantie naar toe gaat, welke film je gaat zien.
Door de bank genomen klopt deze visie. Er zijn evenwel singles die die vrijheid niet hebben. Door allerlei gebeurtenissen zijn ze in een moeilijke situatie terecht gekomen, waardoor het niet meer verantwoord is dat ze zelf hun zaken behartigen. Wanneer ze dat geconstateerd hebben, al dan niet na gesprekken met hulpverleners, kan er een moment komen dat ze (een deel van) hun vrijheid uit handen (moeten) geven. Dat kan op vrijwillige basis en in het ergste geval is er sprake van dwang om hen tegen zichzelf te beschermen.
Zo’n verandering in de leefsituatie is het gevolg van een proces. Voor de betrokkenen is het nooit iets om trots op te zijn, en het is uiteraard niet prettig. Soms hebben ze spijt van hun beslissing om zich onder bewind te stellen. Dat gebeurt trouwens door een uitspraak van de rechter, ook als iemand het bewind wil beëindigen moet daar een rechter aan te pas komen. Of dit eenvoudig gaat heb ik niet kunnen nagaan.
Ook iemand die zijn of haar zaken niet meer zelf kan behartigen kan heel erg verlangen naar gezelschap, naar vriendschap en uiteindelijk naar een relatie. Voor wie onder bewind staat zijn er veel hindernissen op de weg naar een maatje. Het zou dan uit kunnen draaien op een ongelijkwaardige verhouding. Is het mogelijk de vicieuze cirkel waarin de onder bewind gestelde persoon verkeert te doorbreken? Of zitten daar risico’s aan vast voor die man of vrouw, die daar aan wil werken?
En hoe zal de hulpverlening reageren, als bekend wordt dat hun cliënt een vriend of vriendin heeft, waarmee hij of zij samen verder wil gaan? Wettelijk is het in elk geval zo, dat iemand, die onder bewind staat wel een relatie, vriendschap of zelfs een geregistreerd partnerschap of huwelijk kan aangaan. De bewindvoerder mag daar geen invloed op uitoefenen. Een mentor, begeleider zal wel met zijn / haar cliënt hier in gesprek over gaan!
Ik denk, dat het enige wat hierbij past echt gemeende empathie is, en waar mogelijk en gewenst met raad en daad terzijde staan. Misschien ook een fijn kaartje, alles ter bemoediging.
Niettemin vind ik het uiterst jammer, dat mensen, die in een min-situatie verkeren, ook zo beperkt kunnen zijn in hun contacten. En, dat kun je niet meteen zien. Pas na een aantal gesprekken wordt de glazen bol als het ware opgepoetst. Dan komt de werkelijkheid boven water. Niemand laat in een eerste gesprek het achterste van zijn of haar tong zien.
Ik wens niemand toe dat hij of zij geen baas meer over de eigen zaken is. Tegelijk hoop ik dat iedereen begrip heeft als iemand uit de omgeving in zo’n situatie terecht komt! Naarmate we ouder worden kan dit ook ons zomaar gebeuren!
Warmte in handen gevangen...
Klok en de tijd
ij het wakker worden vanochtend keek ik op mijn wekker en zag, dat het half zeven was. Half zeven? In mijn gedachten en gevoel voelde het veel te vroeg. En dat was het natuurlijk ook! Eigenlijk was het half zes, maar nu…, op deze zondagmorgen eind Maart dus alweer oude tijd! Even wennen dus aan die nieuwe tijd, maar ook aan de temperatuur. Koud in de slaapkamer toen ik uit mijn warme bed stapte. Langzamerhand werd het licht en ik zag de witte daken. Eénmaal terug in bed het dubbelgevoel. Een verschuiving in de tijd. Mijn biologische klok loopt nog op de “oude tijd”, terwijl de wereld al een uur vooruit is gegaan.
De klok dicteert een uur later. Eén uur in de tijd, dat in een mum is verdwenen. Zonder dat er iets is gebeurd. Een uur zonder oorlog, een uur zonder honger, een uur zonder herinneringen. Het glipt weg tussen twee ademteugen in. We slapen er doorheen, of we missen het wanneer we de wijzers van de klok een uur vooruitzetten. Voor degenen die nachtdienst hadden, een uur eerder naar huis, maar voor degene die hem/haar moest aflossen een uur minder slaap. De verloren tijd halen we weer het najaar in. En de belofte van de zomertijd is, dat het licht langer blijft.
Mijn handen in zijn handen. De stof van zijn handschoenen is wollig en omsluiten met warmte mijn koude handen. Zittend tegenover elkaar, onze gestrekte armen rustend op de tafel, vormen onze ineengestrengelde handen in het midden een plek van warmte waarin twee werelden samenkomen. Letterlijk uit twee landen. Hij een taalvrager uit Turkije en ik een taalcoach uit Nederland. Stilzwijgend en zonder woorden. Terwijl mijn handen warmer worden ontstaat er in die stille uitwisseling een bijzondere verbondenheid van warmte, waarbij de tijd lijkt stil te staan. Zelfs voor een natte neus, laat ik de zakdoek in mijn jaszak zitten om dit moment vast te houden. Het moment dat twee werelden elkaar even raken, elkaar vasthouden. Voor mijn gevoel een bijzondere, warmvolle intimiteit. Een oogenblik in de tijd om te blijven vasthouden en nooit meer los te laten.
Elkaars warmte in handen gevangen.
Liefs,
Monique
Zelfspot is iets anders dan zelfdiscipline
De meeste mensen weten van zichzelf best wel wat de zwakke punten zijn. Iets anders is de vraag, doe je er ook wat mee? Tegen mezelf zeggen : ik was ver weg met mijn gedachten, ik weet niet meer waar ik mijn huissleutels gelaten heb. Dat is gewoon een slap excuus omdat ik ze niet gelijk in mijn tas heb opgeborgen, of terug heb gehangen op de vaste plaats. Het kost me soms veel tijd om ze weer terug te vinden. Ik heb ze gewoon ergens achteloos op een rare plaats neergekwakt, toen ik binnen kwam. Daar heb ik gelukkig alleen maar zelf last van, toch overkomt het me af en toe opnieuw. Gewoon een kwestie van teveel afgeleid zijn, of automatisch handelen zonder na te denken.
Lastiger wordt het als anderen de dupe zijn van onnadenkend gedrag. Ik had een zwager die op elk verjaarsfeest de schaaltjes met lekkere hapjes bijna in zijn eentje zat leeg te eten. Hij vergoeilijkte dat met een portie zelfspot : Ik ben nu eenmaal een enorme snoeper, zei hij met een stralende lach. Het gevolg was, dat ik, de gastvrouw, dan maar regelmatig met de schalen hapjes in de rondte ging om mijn andere gasten ook van genoeg lekkers te voorzien. Nou is dit een kleinigheid, dus ik zei er verder niks van. Ik hoopte alleen dat hij de hint begrepen had. We zijn inmiddels vele jaren verder. Hij is allang naar het andere eind van het land verhuisd en hoog bejaard, dus ik zie hem niet meer op feestjes.
Anders wordt het als iemand keer op keer niet op tijd op een afspraak verschijnt, maar meer dan een uur te laat is, zonder even te bellen of te appen. Dan kom je er niet mee weg door nonchalant te zeggen : ik kan gewoon niet goed plannen, ik heb moeite om op te schieten, de tijd gaat altijd sneller dan ik dacht. Als ik dat meerdere keren heb meegemaakt, zeg ik op een gegeven moment : ik vind het vervelend dat ik weer zo lang op je heb moeten wachten, ik was hier wel op tijd. Ik verwacht echt niet een radicale omslag, maar laat je goede wil eens zien door volgende keer wel op tijd te komen. Als die persoon er dan nog niks mee doet, houdt het voor mij op. Eerder van huis gaan is niet zo moeilijk. Gewoon een kwestie van zelfreflectie, lijkt me.
Zelfdiscipline is het moeilijkst. Dat is nodig als je iets wezenlijks aan je gedrag of houding wilt veranderen. Bij mij kwam dat pas echt goed binnen toen ik deze zin van Albert Einstein las : als je blijft doen wat je altijd deed, krijg je wat je altijd kreeg. M.a.w : als je steeds hetzelfde paadje blijft lopen, kom je nergens anders. Het is een oproep tot verandering en het doorbreken van patronen. Het is ook een quote in management- en veranderingsprocessen. Het benadrukt het belang van innovatie, het nemen van andere wegen om vernieuwing te bereiken.
Bij social media en daten werkt het weer anders. Je kent hem of haar meestal nog niet zo goed, dus weet je niet hoe het contact gaat lopen. Het is vaak veel anoniemer door het gebruik van Nicknames. Een veel gebruikte kreet is "doorscrollen" als men iets niet leuk vindt. Als er online discussie ontstaat, haakt iemand soms af met de zin "ik ga op mijn handen zitten". Bij een persoonlijke ontmoeting is tussendoor een vraag stellen beter dan meteen impulsief reageren. Je hoopt de ander beter te begrijpen. Je oordeelt dan ook niet meteen en kan jouw reactie nog bijstellen. Luisteren is tevens ook een goede vorm van zelfdiscipline, toch?