Een aai over je bol, dat doet de mens goed...
dinsdag 23 oktober 2018
Onlangs stond ik lang voor een verkeerslicht voor fietsers te wachten. Nog voor mij stonden een man en een vrouw (ook) te wachten totdat rood groen zou worden. Opeens legde de man heel liefdevol zijn hand op haar hoofd en haalde die door haar krullen, waarna zij haar arm op zijn schouder legde en hem met een glimlach aankeek. Ik vond dit heel vertederend.
De maatschappij lijkt de laatste decennia helaas niet alleen te verloederen maar ook te verharden. Waar gaat het nu om? Liefde, intimiteit en seks worden over één kam geschoren. Het zijn enkel woorden, begrippen. Over het in de praktijk brengen van tederheid lees je weinig, te weinig naar mijn smaak.
Hoe komt dit? Zijn we door de Me too discussie bang geworden om positieve gevoelens naar een ander toe te uiten? In 2006 gebruikte Tarana Burke uit New York het begrip Me too voor het eerst op de website My Space. Ik vind, dat er veel verschil is tussen aanranding of erger en een welgemeende aanraking, omdat je iemand aardig vindt, of om iemand even uit het slop te halen. Uiteraard moet je ook in die situatie er van verzekerd zijn, dat de ander zich door jouw actie niet beklemd voelt; je intentie moet zuiver zijn. De ander mag niet het gevoel hebben, dat je uit bent op iets anders.
Het is nu herfst, traditioneel een jaargetijde waarin velen met meer psychisch leed kampen dan in andere jaargetijden. Fijn is het om in het najaar met je partner of vriend(-in) hand in hand door een bos te lopen, waarin de bomen in de prachtige herfstkleuren getooid zijn. Soms kijk je elkaar even aan, je wisselt een blik van verstandhouding. Dat is genieten van de omgeving, de tijd én van elkaar! Zo’n uur, waarin je de bladeren onder je schoenen hoort knisperen, waarin je vogeltjes met hun geluidjes in de bomen hoort, is dat niet heerlijk?
Wandelend door een drukke winkelstraat is het verbazingwekkend te zien, hoe weinig mensen er gelukkig uitzien. Het lijkt wel overal kommer en kwel. Een paar jaar hebben op verschillende plaatsen in de wereld jongeren geprobeerd hier wat aan te doen door zich met een bord in zo’n straat te posteren; op dit bord staat dan “Free Hugs” (Gratis knuffel).
In een relatie is het heel belangrijk als je realiseert, hoe waardevol zo’n knuffel is. Je vernieuwt daardoor wat je in het verleden opgebouwd hebt. Zie het als de restauratie van een schilderij, waarvan het vernis is gaan afbrokkelen. De verflagen worden aangetast, er moet nodig aan gewerkt worden om het schilderij te behouden.
Er zijn mensen, die er moeite mee hebben om hun gevoelens te uiten. Daar kunnen allerlei dingen oorzaak van zijn. Zij kunnen beschadigd zijn geraakt door een partner of andere mensen uit hun omgeving. Dan kun je niet gemakkelijk tederheid accepteren. Wel kan je aangeven, waarom je dat niet kunt. Ook dat laatste, goed verwoorden hoe je daar in zit, valt niet mee. Gelukkig zijn de meesten van ons niet zo, dat ze bang zijn voor een lieve aai.
Veel liefde allemaal, veel liefdevolle aandacht!
geplaatst door Aktivo1 - 4744 keer gelezen
Vorige berichten
Geven & Ontvangen
Wat me de laatste tijd steeds duidelijker begint te worden, is hoe geven en ontvangen werkt tussen man en vrouw. Of hoe het zou moeten werken.
En als ik dat begrijpen als een soort blauwdruk over vorige relaties leg, zie ik ook waar het mis is gegaan wat dat betreft. En wat het effect daarvan was –op termijn- op de relatie.
Waarschijnlijk heeft het zelfs regelrecht aangestuurd op de beëindiging ervan.
Jaren terug hoorde ik al van een dating- & relatiecoach dat je een man niet meer geeft dan hij verdient.
Het gaat erom dat als een man zelden of nooit iets voor jou doet, in wat voor zin dan ook, de meeste vrouwen automatisch meer gaan doen.
Feitelijk ga je daarmee achter een man aan jagen. En dat is iets wat instinctief een man afstoot.
De reden daarvan gaat weer terug naar hormonen, want je mannelijk of vrouwelijk voelen, hangt daar 100% vanaf.
Geven is eigenlijk voor de man. Dat is namelijk een uitgaande, uitreikende energie. Anders gezegd is het penetrerend. Alles wat mannelijk is, is globaal gezien penetrerend.
Het vrouwelijke is ontvangen van wat de man aanreikt.
Daarmee kom je meteen op één van de lastigste dingen voor de meeste mensen: ontvangen. Echt kunnen ontvangen.
Om dat te doen, moet je hart open zijn en bij bijna iedereen is het hart grotendeels of geheel gesloten.
Denk eens aan een complimentje krijgen van iemand. Hoe normaal is het dan niet om dat waar je een pluim voor krijgt teniet te doen, kleiner te maken.
En zelfs als je wél “dank je wel” zegt, voel je dat dan echt diep van binnen?
Meestal is het een soort getrainde reactie dat je dat hoort te zeggen op zo’n moment.
Als je het echt binnen kunt laten, vervult het je met vreugde. Dan stroomt er liefde door je heen.
Maar terug weer naar het geven.
Ik weet nog dat ik hier in mijn laatste relatie tegenaan liep. Ik geef zo graag, vind dat zo leuk!
De eerste keer dat hij naar mij zou komen, mopperde hij wat over de afstand. Hij zei toen dat hij wel kwam, maar alleen als ie koffie en een knuffel kreeg.
Voor de grap had ik voor hem een knuffel konijntje gekocht. Niets bijzonders, gewoon voor E2 of zo bij de Action.
Ik vond het gewoon leuk gezien de woordspeling.
Toen hij hier was en we aan de koffie zaten, gaf ik hem die knuffel. Hij was helemaal verbouwereerd, wist niet heel goed hoe te reageren. Het levenslot van het konijn was ook geen liefdevolle plek in zijn woon- of slaapkamer. Het arme beestje kwam achteloos op de achterbank van zijn auto te liggen.
Maanden later naderde Valentijnsdag. Ik verwachtte stiekem een verrassing van hem. Ik had zelf een hele mooie kaart gekocht, leuke tekst erin geschreven en opgestuurd.
Maar… ik kreeg geen kaart terug, noch iets anders. Ik verwachte dat mijn kaart wel ergens bij hem in huis stond of hing op een ereplekje. Hij had een zuil in de keuken waar allerlei kaarten op hingen. Maar mijn kaart hing er niet tussen.
Met mijn verjaardag was hij hier. Hij had een mooie bos bloemen bij en een kaart die helemaal bij me paste. Maar geen kado. Met een beschaamde blik zei hij dat hij niet wist wat hij voor me moest kopen.
Ik snapte dat niet, want ik ben toch geen vrouw die geen hobby’s of interesses heeft. En hij kende me goed genoeg.
Met zijn verjaardag een paar maanden later maakte ik een schilderij, liet een T-shirt bedrukken en kocht nog iets kleins waarop ik een persoonlijk tekst liet graveren.
Toen ik hem zijn cadeaus gaf was hij totaal overdonderd. Ik voelde heel duidelijk dat het veel te veel was. Maar ik had het met zoveel vreugde en liefde gemaakt en gekocht…
Een hoop voorbeelden van hoe je teveel kunt doen, meer dan een man verdient. En hij voelde en wist dat het veel meer was dan hij in mij investeerde, vandaar dat hij zich ernstig ongemakkelijk eronder voelde.
Toen de relatie tot een eind kwam, had ik daarna echt iets van, “ik kan in een relatie met een man niet mezelf zijn, want als ik mezelf ben, ben ik gul en vrijgevig. Daar geniet ik van. Maar het ruïneert een relatie! Ik moet me dus anders voor gaan doen dan ik ben?!”
Nu begint het allemaal beter tot me door te dringen hoe het in elkaar zit, of hoort te zitten.
Een man geeft om te krijgen, een vrouw geeft als ze heeft ontvangen/gekregen.
Het krijgen van de man zit hem in de blijdschap van de vrouw om wat hij heeft gedaan of gegeven.
Een man geeft om een vrouw gelukkig en blij te maken.
Daar gaat zijn testosteron van omhoog en maakt dat hij zich goed voelt, het verlaagt zijn stress enzovoorts.
Dat houdt in dat als je als vrouw dankbaar en blij reageert op wat hij voor je doet, je hem al teruggegeven hebt!
Wat je als vrouw geeft, is globaal gezien je vreugde, warmte, speelsheid en blij zijn met wat hij voor je doet.
Als je als vrouw meer voor een man doet dan hij voor jou, verlaag je zijn testosteron, dan ontman je hem feitelijk.
Dat heb ik met mijn ex heel goed gemerkt. Het was zichtbaar op zijn gezicht, zijn lichaamshouding en gehele reactie. Hij wist zelf verdomd goed dat hij niet half zoveel deed voor mij als andersom en voelde zich daar duidelijk niet prettig onder.
Ik heb het helder en hopelijk lukt het me een volgende keer ook om in het vrouwelijke ontvangen te blijven!
Over thuiskomen
Een droom. Ik sta voor een zaaltje vol vrolijke mensen, het zaaltje waar ik een lezing zal gaan houden over mijn Drentse afkomst, mijn thuisgrond die totaal niet aanvoelt als thuisgrond. Op het papier in mijn hand staat een rijtje steekwoorden, in het handschrift van mijn Rotterdamse vader. Het is een verfrommeld stukje bruin pakpapier. Ik kijk vol vertrouwen het zaaltje rond: ook hier zal zo’n man zitten die na mijn eerste zes zinnen het woord neemt en mij uitlegt wat ik heb gezegd, en wat ik zal gaan zeggen. Het komt wel goed. Naast mij staat een leraar, mentor, presentator, organisator, geldschieter of wat zijn rol hier dan ook is. Hij kijkt op mijn briefje en lacht naar me - wat ik opvat als het sein om te beginnen. Prompt vormen de vrolijke mensen groepjes om mijn woorden alvast te bespreken. Tevreden ga ik de kat eten geven: zelfgebakken zandkoekjes. Ze zijn een beetje nat geworden, die koekjes.
Hij had een vakantiereis naar Indonesië geboekt, vertelde mijn medewandelaar - en ik vroeg mij plotseling bezorgd af hoe de komende kilometers zouden verlopen. Hij is een leuke, slimme vent. Ooit heeft zich ergens in mijn hoofd het idee genesteld dat leuke, slimme mannen te weldenkend zijn om nog met het vliegtuig op vakantie te gaan. ‘Heb je een speciale reden om juist naar Indonesië te willen’, vraag ik voor alle zekerheid. Ik ben tenslotte ook twee keer heen en weer met het vliegtuig naar New York geweest, omdat mijn dochter daar woonde met haar gezin. Zijn grootouders blijken in Indonesië gewoond te hebben, in dienst van de overheerser. Zijn moeder is daar geboren. Hij wilde onderzoeken of daar zijn, thuiskomen zou betekenen. Hm, twijfelgeval. We worden het eens, de leuke, slimme man en ik: Vliegvakanties kunnen echt niet meer, niemand zou nog met het vliegtuig op vakantie moeten gaan, echt niemand. Alleen die ene aardige vriend, die mag wel. Omdat je hem het plezier zo gunt.
Ik heb mijn pumps verplaatst. Lagen ze eerst in een plastic krat in de schuur, nu liggen ze in de kledingcontainer. ‘Geen afval inwerpen’, staat er op die container. Gelukkig maar, het zijn immers best deftige pumps: soepel, bruin leer, zolen van zwart rubber. Mijn pumps vies laten worden van het afval, zou onverdraaglijk zijn. En ach, zo zonder pumps kan ik altijd nog op sneakers trouwen. Wat ik makkelijk kan beloven. Ooit heb ik beloofd dat ik mijn knalblauwe hardloopschoenen zou dragen op een beslist deftig, besloten korenfestival. Mijn jurk was halflang, getailleerd en van zware, glanzend donkerblauwe stof. En dan die schoenen! Ach, ik had toen al kunnen weten dat ik nooit meer pumps zou dragen. En ik wil ook helemaal niet trouwen, ik wil thuiskomen.
Thuiskomen, uiteindelijk thuiskomen: Weten dat jij het bent voor wie ik al die tijd mijn stukjes heb geschreven.
Kom je zondag ook weer?
Spontane ontmoetingen met een onbekende hebben voordelen boven een date via een datingsite, nadeel is wel, dat je voordien vrijwel niets van de ander weet. Omdat je vanuit je luie stoel kunt lezen, wat iemand bezig houdt en wat zijn of haar achtergronden zijn. Ik vraag me af welke vorm het meeste kans biedt op een geslaagd oftewel duurzaam contact.
Ook is het mogelijk dat je spontaan iemand ontmoet, die je wel oppervlakkig of al heel goed kent, en dat die ontmoeting resulteert in iets moois.
Eind februari dit jaar was ik een kleine week druk met het bezorgen van folders over de verkiezingen voor de nieuwe gemeenteraad van mijn stad. Omdat ik dit jaar zelf als lijstduwer ook op een kandidatenlijst sta en er op een van beide folders ook foto’s van mij staan was ik extra gemotiveerd om een paar duizend folders in die brievenbussen te doen, waar geen nee - nee of nee – ja stickers op geplakt waren. Tijdens die actie ontmoet ik af en toe ook bijzondere mensen.
Voor mij staat een vrouw – vrij klein van stuk, ik zou er zo over heen kijken – en kijkt mij aan. “Kom je zondag ook weer in Amsterdam dansen?” Opeens herinnerde ik mij haar, en ik vinkte in gedachten mijn agenda af. “Jazeker, ik kom!” Bijzonder dat ze zo dicht bij mij in mijn stadsdeel woont, en haar tot nu toe nooit onderweg ben tegen gekomen.
Een halve week later zag ik haar binnenkomen, we hebben en paar keer een dansje gemaakt. Hoewel zij met haar auto was gekomen en ik met het OV heb ik er niet op aangestuurd om een lift te krijgen. Dat zou er te dik bovenop liggen, alleen als ze dat had aangeboden had ik daar dankbaar gebruik van gemaakt.
Ik ben niet iemand die wanneer hij onderweg iemand tegenkomt “urenlang” aan de praat blijft. Liever druk ik mijn gevoelens uit op papier of via de mail. Niettemin heeft zo’n gesprekje mij een fijn gevoel. Ook als iemand mij zomaar op straat groet of bedankt, dat ik hem of haar voorliet gaan bij het passeren op een smalle stoep is een opsteker voor mijn humeur.
Bij de “spontane” ontmoetingen met mensen uit mijn eigen omgeving – eigenlijk bedoel ik daarmee elke ontmoeting met uitzondering van die, die via een datingsite tot stand kwamen – besef ik mij goed, dat ik van velen weinig afweet, hoewel ze al in mijn “inner circle” verkeren. Zeker als mijn gesprekspartner en ik in een groter gezelschap verkeren ga ik niet snel de diepte in. Gevaar is dan dat er meeluisteraars zijn en in het ergste geval dat die zich met ons gesprek bemoeien.
Het valt mij wel op dat spontane ontmoetingen in deze leeftijdsfase minder frequent voorkomen. Of zou er een verschil zijn tussen het wonen in een stad of een dorp of tussen de regio waar we wonen? Hebben mensen op het platteland nog meer aandacht voor elkaar dan stedelingen? Mogelijk ligt het juist aan het karakter, sommigen zullen wat gemakkelijker iemand zomaar aanspreken dan mensen, die zich in het openbaar niet zo gemakkelijk spontaan uiten.
Wellicht is voor die laatste categorie daten via internet dé weg naar een serieuze relatie.
Overigens heeft het contact met het danseresje uit mijn eigen woonomgeving geen vervolg gekregen. Soms denk je dat het geluk binnen handbereik ligt, maar dat is doorgaans “wishful thinking”. Dat betekent dat je dingen graag ziet zoals je hoopt dat ze zijn, in plaats van hoe ze écht zijn. En een ultra korte woonafstand is op zich genomen dus geen garantie voor een duurzaam contact.