Kleren maken de man maar zeker de vrouw?
donderdag 6 februari 2020
Mijn moeder maakte vroeger veel van haar kleren (en soms ook van onze ) zelf. Moeder had een abonnement op patronen van kleding, die ze moest overzetten op lappen stof.
Om die patronen te vertalen in de sneden in de stof gebruikte ze een pantograaf, een ingenieus apparaat van kunststof, waarmee ze krijtstreepjes aanbracht volgens het patroon van de papieren patronen. Het vereiste wel enige behendigheid en ervaring. Daarnaast breide ze voor mij truien, die door de grove wol, die ze gebruikte soms flink kriebelden als ik ze droeg.
Mijn ouders hadden het niet breed, maar ze deden er alles aan om mij en mijn zusje een fijne jeugd te bezorgen. In wezen kwamen mijn zus en ik niets tekort. Zij en ik gingen wel vrij casual gekleed, er waren altijd andere kinderen, waarvan ik kon zien dat hun ouders meer geld te besteden hadden. Voor mijn gevoel deden mijn ouders toch wonderen met het salaris van mijn vader. Met Sinterklaas en met verjaardagen waren er altijd leuke cadeautjes, terwijl ze zichzelf niet zo ruim bedeelden!
Ik heb de indruk, dat tegenwoordig veel minder mensen zelf hun kleding maken.
Als je de advertenties leest, komt alles uit de geijkte kledingzaken (C&A e,a,), dan wel uit de zaken die ik vind in de PC Hooftstraat. Verder bestellen velen hun kleding via een site op internet, anderen halen het bij een kringloopwinkel of er wordt gekocht bij de stalletjes op de markt. Daar heb ik ervaring mee… Jarenlang heb ik op de Albert Cuyp en de Westerstraat in Amsterdam geholpen bij de verkoop van bloesjes, leggings, jurkjes en shawls.
Ik vind het zo bijzonder, dat vrouwen, als ik hier de profielen goed lees, meer belang hechten aan kleding van een man dan mannen aan kleding van een vrouw. Hoe zou dit komen? Het spreekwoord luidt toch: Al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding,
Nu is die uitspraak uiteraard weer gechargeerd, niemand oogt leuk in een jute zak of een overall. Toch heeft zeker een dame in werkkleding iets bijzonders.
Ooit las ik dat sommige vrouwen vielen op mannen in uniform. Die straalden iets uit: zelf verzekerd zijn, misschien betrouwbaarheid. Het is natuurlijk zo, dat er op hun beurt mannen zijn, die een dame in een mantelpak aantrekkelijker vinden dan vrouwen in een rok of jurk.
Verder staat niet elke soort kleding iedereen. Lengte en postuur spreken een woordje mee..
Iemand die wat stevig is doet er niet verstandig aan om een trui met breedte-strepen aan te trekken. Een dame die al van nature lang is kiest meestal niet voor hoge hakken..
Raar, dat mannen zich veel minder gelegen laten in hun kledingkeuze. Terwijl de dames hier wel degelijk op letten..
Is het te kort door de bocht om te stellen, dat het in wezen gaat om de inhoud en niet om de verpakking? Voor kleding is het een eerste vereiste, dat de drager zich er prettig in moet voelen. Het moet natuurlijk passen, en daarbij moet het gevoel er zijn, dat de drager er mee voor de dag kan komen. Maar nu: De reacties van de omgeving! Er zijn voorbeelden te over van kinderen die op de basisschool gepest zijn door wat zij dragen. En kinderen worden vaak meer gerespecteerd als ze merkkleding dragen. Is die kleding dan kwalitatief echt beter dan een broek of jurk uit een winkel als C&A (hoewel daar ook duurdere kleren verkocht worden)? Nee, het heeft mijns inziens meer te maken met de status van hun ouders, en daardoor ook de status van de kinderen, die van die kleding afstraalt.
Hoe ieder hier zichzelf presenteert is zijn of haar eigen keuze en verantwoordelijkheid. Gelukkig heeft de site wel enkele richtlijnen aangegeven. Het is in ons eigen belang daar rekening mee te houden. Of ben ik dan te bekrompen? Wat kan wel en wat niet? Ik ga daar nu lekker niets meer over zeggen… Lees mijn blog over bloot er nog maar eens op na.
geplaatst door Aktivo1 - 3327 keer gelezen
Vorige berichten
Geluk kan ik ook vinden in kleine dingen
Dat genieten lang niet altijd in opwindende zaken of grote wensen hoeft te zitten, is algemeen bekend. Maar zoals altijd kan ik alleen maar voor mezelf spreken. Doordat mijn gezondheid het afgelopen jaar me behoorlijk in de steek heeft gelaten, kan ik sommige dingen niet meer en ben ik in 2025 en in 2026 niet met vakantie geweest. Ik ben echter niet bij de pakken neer gaan zitten. Ik kan ook veel plezier beleven aan dagjes uit. Gelukkig heb ik een museummaatje en een festivalvriend, dus dat zit wel goed. Alleen op pad gaan is een stuk moeilijker voor mij en samen genieten is bovendien dubbel genieten.
Maar ondanks dat ik veel meer aan huis gebonden ben dan andere jaren heb ik genoten van mijn tuin, zowel voor als achter mijn huis. De rododendron heeft uitbundig gebloeid. Mijn verzameling Hortensia's die ik ooit gekregen heb van visite en later in de tuin heb geplant, zitten ook vol met bloemen. Ik moet voor mijn gezondheid veel wandelen, maar heb daar niet altijd zin in. Dit heb ik gedeeltelijk opgelost door mijn hortensia's, die enorme waterslurpers zijn, met een kleine gieter iedere avond water te geven. Gewoon 36 keer op en neer lopen. Daarna uitrusten onder mijn zonnescherm in een comfortabele tuinstoel en genieten van alle kleurenpracht en de ondergaande zon.
Ook mijn kleinzoon, die eind mei 2 jaar werd is een bron van vreugde voor mij. Een heerlijk kereltje met gezonde ontdekkingsdrang. Met zijn loopfiets op straat is hij amper bij te houden. Zijn vader rent dan achter hem aan en ze wachten samen bij iedere zijstraat op oma. Ik zie tijdens dat tochtje zijn zijdezachte haren wapperen in de wind. Oma mag dan bij iedere zijstraat met haar vinger naar rechts wijzen en "Kijken" zeggen, vervolgens met mijn vinger naar links wijzen en "Kijken" zeggen. dan samen oversteken en hij gaat er weer vandoor met zijn loopfiets.
Ook houdt hij erg van klimmen. In mijn woonwijk zijn vorig jaar wadi's ingericht om al het overtollige regenwater in op te vangen. daarin staan ook lange loopbalken voor kleine kinderen op verschillende hoogtes, stapstenen en een kronkelige houten vlonder in het diepste gedeelte. Geen groter plezier voor hem om wel 3 x achter elkaar al deze hindernissen met hulp van papa en oma te nemen. Een heerlijke leeftijd heeft hij, geen internet, nog geen behoefte aan duur speelgoed. Hij geniet gewoon van zijn loopfiets en de hindernisbanen vlakbij mijn huis. Een oma geniet van hem met volle teugen.
Ik besef me terdege dat ik 74 jaar ben. Als ik nu nog 54 was geweest had ik met alle plezier allerlei uitdagingen aangegaan. Op die leeftijd en ook nog volledig gezond heb ik daar ten volle van genoten, eerlijk is eerlijk. Maar ik zoek nu geen partner meer die met een camper of een tent door Europa wil trekken. Ik hoef ook niet meer achterop de motor te zitten bij hem. Al die dingen heb ik vroeger al gedaan en zijn een gepasseerd station. Laat mij maar rustig genieten in mijn buurt of in zijn buurt met een leuke man. Verweggistan hoeft voor mij niet meer zo nodig...
Privacy, overal ingewikkeld!
Ik woon in een benedenwoning, bijna op de hoek van de straat. Op die hoek woont mijn buurvrouw. Samen delen we al 12 jaar de patio. Omdat zij behoefte heeft aan nog meer privacy overweegt zij tussen haar (een derde) deel van de patio en mijn deel een niet zo hoge schutting te plaatsen.
Onze gezamenlijke privacy wordt volgend jaar voor de derde keer verstoord door werkzaamheden aan het dak en de “blinde” muur van mijn achterburen die tegelijk ook de buren zijn aan de zijkant van mijn buurvrouw. Mede omdat die klus twee jaar eerder niet goed uitgevoerd is zullen buuf en ik voorjaar 2027 opnieuw naar schatting 4 á 5 weken verblijd worden door een steger op onze patio en met name ook op de border. Het is raar, maar op grond van het zogenaamde ladderrecht is men verplicht dit toe te laten, wettelijk zit er geen vergoeding en in principe zelfs geen termijn aan vast. Alleen aantoonbare schade moet vergoed worden. Het plan van plaatsing van de steigerdelen zorgt al voor onrust, mijn buurvrouw wil niet dat dit opnieuw door haar door haar te ontruimen “achterom” geschiedt en ik wil het ook niet zien gebeuren door mijn woning! Onlangs werd mijn privacy verstoord door werkzaamheden aan de gevel van mijn bovenburen, in plaats van een ladder stond er een steiger pal voor mijn voordeur, zodat ik gevangene in mijn eigen woning was. Gelukkig duurde dit maar een paar uur, maar toch..
De behoefte aan een stukje privé is heel essentieel. Als door wat dan ook daar inbreuk op wordt gemaakt veroorzaakt dat irritaties, boosheid en zelfs verwijdering tussen mensen, waar eerst sprake was van een goede verstandhouding. Als er, zoals in het door mij aangehaalde voorbeeld sprake is van de belangen van drie partijen (noodzakelijke werkzaamheden, inbreuk op privacy en kans op schade en naschade) wordt het vervelend.
De verhouding tussen buren is in wezen een relatievorm. In elke relatie waarin twee mensen genegenheid voor elkaar voelen en met elkaar woonruimte delen of elkaar als latje regelmatig zien blijft privacy onontbeerlijk.
Pakweg 50 jaar geleden werd de behoefte aan bescherming van de persoonlijke levenssfeer anders ingevuld. Grote zonneschermen in de tuin, de gordijnen gingen in sommige straten dicht. Ook waren er afspraken over wat je wel en wat je niet deelde met familie en kennissen. Die afspraken zijn er tegenwoordig vaak stilzwijgend ook nog wel, maar door de ontwikkelingen in de digitale wereld kunnen ze moeilijk nagekomen worden. Wie op Facebook of een andere community actief is weet dat er meer over hem of haar bekend is dan je kunt vermoeden.
Vaak gaat het onschuldige gegevens, een leuke foto waar niemand aanstoot aan neemt of een bericht over een positieve gebeurtenis, zoals de geboorte van een kleinkind.
Helaas worden op FB en die andere sites ook zaken gedeeld, die je liever niet openbaar wilt hebben. Het is moeilijk om een grens te bepalen van wat wel en wat niet acceptabel is. Soms worden mensen teruggefloten als er zaken gedeeld worden, die niet door de beugel kunnen.
Ook op een datingsite is een stuk privacy van belang. Het gebruik van nicknames voorkomt veel narigheid. Soms gaat er iets mis, en dan moet een beheerder van de site ingrijpen.
Ik wens iedereen veel wijsheid in het omgaan met alles, dat min of meer vertrouwelijk ter kennis is gekomen.
Vertrouwen
Gloednieuwe letters zijn dit - en zijn ze niet prachtig? Getypt op een spiksplinternieuw toetsenbord met toetsen die bij elke aanslag een klein geluidje maken, een blijmakend klein geluidje dat me aan een typemachine doet denken. Je weet wel, zo’n apparaat waarmee je de letters, zonder printer, direct op het papier drukt. Zo’n apparaat waarbij elke letter aan een apart stangetje zit, waardoor we nu nog steeds opgescheept zitten met een qwerty-toetsenbord. Het scherm is helder. Hm, veel te helder eigenlijk, dat kan wel wat minder. En met zo’n groot scherm kunnen de letters ook wel wat kleiner. Daar merk jij als lezer niets van. Ik als schrijver merk dat wel, ik moet dan opnieuw leren inschatten hoe lang mijn blog is - wat vergeleken bij het kiezen, bestellen, ophalen en installeren van een nieuw chromebook uiteraard een peulenschil is.
Achteraf was besluiten dat mijn bijna tien jaar oude makker nu echt vervangen moest worden het meeste werk. Werk van jaren. Geen updates meer? Ik hoef geen updates, dit ding doet het zonder updates goed genoeg. Nou ja, YouTube reageert wat langzaam maar ik heb immers alle tijd? En geldzaken regel ik allang via mijn wel geüpdate, dus veilige smartphone. Uiteindelijk was het één toets. Eén toets die mijn schrijfwerk telkens weer dermate irritant onderbrak, dat het nut van zo lang mogelijk met een al wat ouder apparaat werken mij plotseling ontging: Het was de shift- toets. Die hield zich niet aan de afspraak. Steeds wanneer ik hem gebruikte, voegde hij ook een teken toe, een ) of een #. Zeg nou zelf, zo kan een mens toch niet schrijven? En jawel, hij had beslist gerepareerd kunnen worden, die toets. Maar mijn vertrouwen in het apparaat was weg. Vertrouwen verdwijnt te paard en komt te voet terug. Of nooit. Gewoon zoals dat bij mensen soms ook gaat.
Al met al vind ik het de hoogste tijd worden dat ik minder type en meer praat; dat ik mij minder met mensen van letters en plaatjes bezighoud en meer met mensen van vlees en bloed. Kortom, ik wil weer serieus aan de wandel - en wat mij betreft is het al zover. Dacht ik op een mooie dag. Ik liep dus een ommetje Cronesteyn in mijn normale tempo - voor zover dat ‘normale tempo’ na een jaar nog in mijn spiergeheugen zit. De fysiotherapeut keek me effen aan, toen ik dat vertelde. Wat geen goed teken is. Hij vraagt applaus van de hele sportzaal wanneer ik mijn evenwichtsoefeningen doe, en hij noemde me laatst ‘wondergirl’ omdat ik al best veel kracht kan zetten met die tien weken oude nieuwe titanium heup. Hij vroeg of ik napijn had gehad van dat snelle ommetje. Ja dus. Als ik iets geleerd heb in mijn leven, dan is het dat ik beter wél kan uitkomen voor fysieke pijn. Met mentale pijn is dat nog lastig, maar wees gerust, ik boek vooruitgang. Ik kreeg dus een preek van de man met de effen ogen: Nog niet op snelheid gaan trainen, wel op afstand. Beter twee rustig gelopen ommetjes dan één snel ommetje. Ik knikte gehoorzaam. Hij is de ervaren man - en omdat hij zijn ervaring inzet voor mijn welzijn en ik hem vertrouw, zal ik naar hem luisteren. Wel heb ik mezelf beloond met nieuwe schoenen. Hardloopschoenen in een spetterend zwart-wit design, uitgezocht op de enigszins ronde zool. Ze lopen heerlijk, deze nieuwe schoenen. Maar er al wandelend snelheid mee maken is onmogelijk. Dat worden dus twee ommetjes Cronesteyn, ontspannen tempo, met halverwege een limonade stop op een bankje. Loop je mee?