Uit eten
donderdag 17 november 2022
Een tijdje terug ging ik uit eten met een aardige vrouw; dat had ik via de datingsite met haar afgesproken. Bij voorkeur ga ik dan liever een stukje wandelen, met het idee dat het dan meer ongedwongen is. Maar daarvan ben ik teruggekomen. In de praktijk blijkt toch dat alle energie in het gesprek zit, amper aandacht voor de omgeving en (daardoor) ook nog eens het risico om de weg kwijt te raken ;-\ Een picnic daarentegen is onverslaanbaar, altijd gezellig, ongedwongen in de vrije natuur. Maar het picnicseizoen was voorbij, de wintertijd alweer ingegaan en de sfeervolle avondverlichting in de stad lonkte.
Dîner à deux, eerlijk gezegd had ik er in het verleden niet zulke positieve ervaringen mee, in elk geval niet met iemand die ik nog maar net ken. Het kon ook wel eens benauwend zijn, door het gebrek aan bewegingsvrijheid, ook soms lichte paniek om er anderhalf uur aan vast te zitten. Zo’n nerveuze toestand is een geheid recept voor mislukking. Maar door ervaring een beetje wijzer geworden en met wat meer zelfvertrouwen ging ik er toch weer eens voor en het pakte deze keer gelukkig goed uit, heerlijk genoten van een diner-bij-gedempt-licht. Ogen die glimmen, rimpels die voor eventjes verdwenen zijn... tegenover iemand zitten die twintig jaar jonger lijkt en erop vertrouwen dat dat wederzijds is :-)
Het was toch wel een openbaring voor me. Het zal er wel mee te maken hebben dat ik tegenwoordig wat losser ben geworden, tja ouder worden heeft niet enkel nadelen - naast levenservaring ook datingervaring opgedaan. Ik heb gemerkt hoe belangrijk en fijn het is om letterlijk ‘met overgave’ te genieten. Heerlijk achterover leunen en verwend worden, ervan genieten met volle teugen, dat is trouwens voor het restaurant-personeel ook het leukst.
Gewoon door dat gevoel van loslaten en genieten met elkaar te delen, ‘mmm wat zitten we hier heerlijk te genieten’, hoeft er over verdere gespreksstof nauwelijks meer te worden nagedacht. De ontmoeting overkomt je als het ware - in positieve zin dan. Misschien bedoelen mensen dat als ze "in hun gevoel" zijn. Wat je tegenwoordig een ‘geluksmoment’ noemt komt wel aardig in de buurt.
Nu las ik laatst dat samen lekker eten ook heel goed is voor de aanmaak van het liefdeshormoon Oxytocine, ook wel knuffelhormoon genoemd. Dat roept in ons een gevoel van liefdevolle verbondenheid op. Ook mooi meegenomen, zoiets als het liefdesdrankje van de Fairy Godmother van Shrek! Dan is het wel weer jammer dat het het effect tijdelijk is - zoals ook in dit geval weer bleek.
geplaatst door Pelgrim - 2322 keer gelezen
Vorige berichten
Je Perspectief
Mijn tuin is momenteel zo mooi! Heel veel staat al in bloei, van sommige dingen is dit de enige bloei die ze zullen hebben. Zoals mijn brem die prachtig staat te pronken met lange takken bomvol gele bloemetjes die heerlijk geuren.
Achter de vorig jaar nieuw aangelegde border, met nu al bloeiende korenbloemen, groeit een weelde van boshyacinten. Je moet er wel even voor omlopen om die te kunnen zien omdat ze een beetje verstopt staan achter de hoge planten in de border.
Niet alles in de tuin -of in het leven- is in één oogopslag zichtbaar.
Ik geniet altijd intens van mijn tuin al is hij niet in tiptop perfecte staat van onderhoud. Hij is te groot voor mij alleen om dat voor elkaar te krijgen. Maar ik ben er blij mee, zie de schoonheid van de natuur, de bloemen overal, de hommeltjes die dankbaar honing komen drinken. En straks zelfs een paar wespen die blij zijn met het water uit het watervalletje en vijverton.
Vreemde mensen echter zeggen óf niets óf komen met iets als “ach, ik hou wel van een natuurtuin.” Wat een beleefde manier is om te zeggen dat ze het maar een zootje vinden, of als ze het ergens wel waarderen dat ze het zeker zelf niet zouden willen hebben.
De schoonheid die zo uitbundig aanwezig is, lijkt men niet te zien. En ook niet de liefde en het vele werk die ik er in stop. Meestal denkt men dat ik er amper wat aan doe.
Ik heb nog nooit iemand gehad die zei, “Wauw, wat goed dat jij dat in je eentje zo mooi kunt houden!”
Perspectief is zo’n apart iets.
Het gros van de mensen is niet heel positief georiënteerd, al zeggen ze zelf van wel. Maar het is net een beetje als in de stressvolle Westerse maatschappij leven. Dan voel je niet meer dat je stress hebt, maar het is er toch.
In daten speelt hoe je dingen ziet ook een grote rol. Sowieso al om iemand te treffen die op dezelfde golflengte zit en eenzelfde kijk heeft als jij.
Maar ook hoe je zelf potentiële partners ziet.
Net zoals je in mijn tuin niet direct de boshyacinten ziet staan, kunnen bepaalde karaktertrekken ook niet meteen in het oog springen.
Belangrijk om niet te snel te zijn met oordelen zodat je niet het kind met het badwater weggooit.
Maar net zo belangrijk om eventuele rode vlaggen op tijd op te merken en niet te negeren.
Er is echter ook een ander iets wat voorkomt. Als je langere tijd zoekende bent als single, of minder leuke ervaring achter de rug hebt in relatie of daten, kun je een beetje vast komen te zitten in een bepaald perspectief. Eentje die niet helpt. Bijvoorbeeld te snel oordelend, te bang, niet meer echt open, er niet meer in geloven, rigide in plaats van flexibel.
Het advies van John Gray –auteur van Mannen komen van…- is dan misschien best wel eens een goede!
Dat is om een jaar lang te gaan daten maar niet met het idee dat je je droompartner of soulmate gaat ontmoeten. Dat laat je los. Je gaat met het idee daten dat je pas na een jaar die ene geweldige partner gaat ontmoeten.
Het doel is om weer te gaan leren ontspannen, open te zijn, niet bang of rigide enzovoorts.
Dat is uiteraard allemaal veel makkelijker als je (tijdelijk) niet het doel hebt dat je je droompartner moet vinden. Je wordt dan vanzelf al veel ‘losser’.
Als je dat zo een jaar doet, kom je op een heel andere flow, je straalt heel anders uit. Je haalt met dit doen de druk van de ketel.
De kans dat je dan daarna je soulmate gaat vinden én dat het ook gaat werken omdat je niet meer zo ‘strak’ staat, is veel groter.
En er blijft natuurlijk altijd de mogelijkheid dat je gedurende dat jaar alsnog die geweldige partner ontmoet.
You never know!
Slecht nieuws
De al wat oudere man is vaker het onderwerp van slecht nieuws in de vorm van een overlijdensbericht dan de al wat oudere vrouw, las ik. Wat ook slecht nieuws is voor die al wat oudere vrouw - in het bijzonder als ze single is, en op zoek naar een man om van te houden, een man om haar leven mee te delen. Zo blijven er immers steeds minder goede mannen over die een mogelijk toekomstige geliefde zouden kunnen zijn? Egoïstisch? Joh, het zijn maar woorden. En alleen iemand die mij niet kent, zal mij hier helemaal in herkennen.
Dit is al de achtste week van de steigers rond mijn flat. Naar buiten kijkend door de opening tussen mijn bolletjes gordijnen, zie ik niet de lindeboom die naar binnen kijkt, maar een steigerpaal. En mijn tuintje heeft het moeilijk. De mahonia’s bij het muurtje kunnen mij niet zoveel schelen; die stonden hier al, en zelf zou ik nooit voor een haag van mahonia's kiezen. De aardbeitjes, de primula’s, het daslook, en de jonge krentenbomen, taxussen en zwarte vlieren gaan mij wel aan het hart. Maar ja, waar moeten de werkmannen anders hun voeten neerzetten, onderweg naar een nieuw karwei? Ik vroeg hen wanneer het door de hogedrukspuit ontstane gat schuin boven mijn kamerraam gerepareerd zou worden. Het voegwerk aan de gevel leek immers afgerond te zijn? Ze kwamen een kijkje nemen, de twee mannen. Maar nee, mevrouw, dat is betonrot, en reparatie van betonrot staat niet in onze opdracht. Hè, betonrot, alarm, onmiddellijk repareren! Toch? Ik dacht aan de lijdensweg met de lekkende asbestleiding in mijn badkamer, een paar jaar geleden. Het laten repareren van betonrot zou weleens evenmin simpel kunnen zijn. Ze snapten het, geloof ik, die werkmannen. Eentje maakte een foto; hij ging contact opnemen met de beheerder.
Die al wat oudere mannen en het slechte nieuws: In de nieuwsbrief van het CBS las ik, dat het aantal in het verkeer omgekomen mannen het afgelopen jaar is gestegen, terwijl het aantal omgekomen vrouwen is gedaald. Het betreft vooral fietsende mannen, en vrijwel alleen fietsende mannen van zeventig jaar en ouder. Gevalletje vergrijzing, en van mannen die meer fietskilometers blijken te maken dan vrouwen? Of is het gecompliceerder? Zijn mannen, ook de al wat oudere, competitiever dan vrouwen, en zijn vrouwen meer risicomijdend? Deze vrouw in ieder geval wel: Vanwege de vele (door auto’s!) omver gereden fietsers in mijn nieuwe, oude woonplaats Leiden, verplaats ik mij daar te voet of per step. En ik vraag jullie, al wat oudere mannen… Nee, ik vraag jullie niks, helemaal niks. Wees vooral gelukkig, op die veel te snelle fiets!
Bron: CBS nieuwsbrief, cbs@nieuwsbrief.cbs.nl
Bakfiets
Er dendert weer zo'n fiets voorbij.
Dat hij, toen ik nog kroost had, niet bestond,
stemt me trouwens blij.
Ik geef toe, het was in mijn tijd meer gesjor,
een stoeltje achter en een stoeltje voor,
maar de mise-en-scène
smeedde een verbond,
dat ons vormde tot drieëenheid,
Vader, zoon en dochter.
Nu ik mijn driewielertijdperk met rasse schreden voel naderen,
kan ik me niet meer heugen,
is er iets dat dat geluk nog kan benaderen?
Niet direct, maar mocht er
iets in mij opkomen, dan zeg ik het geheid.
Ik weet, geheugen is een leugen,
en betekent voor de toekomst niets.
Wie weet, rijden wij hem ooit samen tegemoet
in wat dan ook, desnoods zo'n bakfiets.
Zit ik dan achter en jij voor?
Maakt mij niet uit, ik ga ervoor.
Eind goed, al goed.