Een hekel aan ouder worden?
dinsdag 13 december 2022
Als je niet oud wilt worden moet je jong doodgaan, een wijsheid van mijn vader.
En al klinkt het wat rauw, het is wel de realiteit. Ik vermoed dat weinigen hier zullen zeggen: Van mij hoeft het niet meer, want om op een datingsite te staan houdt je toch altijd hoop voor de toekomst, een leuke relatie of een mooie vriendschap die iets langer duurt dan een paar weken.
Toch zijn weinig mensen gecharmeerd van het ouder worden. En dan vraag ik me af: willen deze mensen dan weer jong zijn, en wat is de leeftijd waar ze naartoe zouden willen time-lapsen?
Als ik naar mezelf kijk kan ik zeggen dat alle periodes leuke elementen hadden, mijn schooltijd was leuk, veel gelachen, ook wel wat geleerd, de meeste zorgen maakte ik over mijn komende rapporten want echt huiswerk maken deed ik niet aan, ik hoopte dat slapen met mijn huiswerk onder mijn kussen zou helpen, helaas gaf dat weinig succes…
Mijn opleiding was in het begin erg wennen, ik zat intern in een zusterhuis en al gauw ontdekte ik het uitgaan, binnen een jaar kende ik de meeste kroegen en zij kenden mij.
Toen verkering, verloofd- getrouwd en kinderen, ook leuk en spannend.
Maar elke periode had ook zijn keerzijdes, het was niet altijd lang-leve-de-lol, rozengeur en maneschijn, er zijn ook moeilijke momenten en tijden geweest.
Ook heb ik keuzes gemaakt, meestal bewust, soms onbewust en vaak niet beseffend wat de gevolgen van die keuzes zouden zijn. Soms denk ik wel eens: stel je voor als ik wel goed mijn huiswerk had gemaakt, als ik wel was geëmigreerd, als ik……maar spijt heb ik niet, dat vind ik zonde van mijn tijd en alle keuzes hebben mij gebracht naar waar en wie ik nu ben.
Wat jammer is zijn de wat lichamelijke probleempjes die op de voorgrond komen met het ouder worden, sommige zaken worden minder, slijtageplekken worden meer merkbaar, het gaat allemaal wat langzamer.
En toch, zou ik weer terug willen in de tijd?
Eerlijk gezegd niet, ik heb zoveel om met plezier om op terug te kijken, ik geniet ook van de tegenwoordige tijd met al zijn ups en downs, en ik kijk uit naar de toekomst, ik herken in mijn kleinkinderen dingen die mijn kinderen ook uithaalden en moet stiekem lachen als ik de reacties zie van mijn kinderen, zo herkenbaar.
Ik mag nu meer en moet nu minder, in wezen ben ik nog dezelfde persoon die ik vroeger was met soms uitschieters, slap lachen, hevig debatteren, emotioneel over onrecht, sentimenteel bij speciale gelegenheden.
Maar ook beschouwender, meer vergevingsgezind, en dat voelt best prettig.
Leeftijd is maar een nummer, belangrijker is hoe ga je om met het ouder worden, wanhopig de eeuwige jeugd najagen is verspilde moeite, maar het grijze hoofd neerleggen zwelgend in medelijden over een leeftijd is ook niet goed.
Maak er wat van, hang zelf de slingers op en als het niet lukt is er misschien wel iemand in de buurt die je er mee kan helpen, misschien op deze site.
geplaatst door Angi - 2263 keer gelezen
Vorige berichten
Hoe oud moet je zijn?
“Mijn leeftijdsrestrictie staat tussen de 51 en 69 jaar, want leeftijd zegt niets. Iemand van 55 kan al achter de geraniums zitten, terwijl iemand van 68 nog vol in het leven staat.”
“Die laatste vind ik veel interessanter, maar daar kan ik dan niet op reageren…”
De intro en de regel hierboven vormen samen de reactie van een 55-jarige lezeres op mijn vorige blog over de rol die afstand speelt bij het wel of niet beginnen aan een relatie.
Want hoe oud moet je eigenlijk zijn voor de liefde? En hoe oud moet die ander zijn? Op deze datingsite lijkt het antwoord simpel: dat bepaal je zelf met de schuifbalk. Met één muis- of vingerbeweging op het scherm stel je de harde grenzen in. Alsof de klik tussen twee mensen zich laat dwingen door een geboortejaar.
Eenrichtingsverkeer
De lezeres die deze reactie achterliet, liep misschien pardoes tegen de muur van de instellingen van haar potentiële partner op. Waar haar eigen schuifbalk ruim genoeg stond om die vitale man van 68 te zien, had hij de digitale deur aan zijn kant mogelijk iets strakker in het slot gegooid. Eenrichtingsverkeer door een algoritme. Het laat precies zien hoe de schuifbalk, die bedoeld is om te filteren, verandert in een boemerang. En dat roept de vraag op of ‘we’ de neiging hebben om een getal te verwarren met een karakter.
De biologische illusie
Het selecteren op een geboortejaar is een overblijfsel uit de tijd dat we dachten dat de cijfers op de verjaardagskalender onze vitaliteit bepaalden. Vroeger was je met zestig oud. Punt. Dan mocht je gaan zitten wachten op het einde.
Vandaag de dag is die grens vloeibaar. Je hebt vijftigers die mentaal al met de vut zijn en achter de geraniums zitten. Maar het omgekeerde is net zo waar: er lopen zestigers en zeventigers rond die marathons lopen, reizen, ontdekken en een agenda hebben waar een dertiger een burn-out van krijgt. En toch vertrouw je blind op die digitale restrictie.
Het filter als schild
Waarom doe je dat? Waarom richt je de focus zo scherp op de geboortedatum? Misschien is het angst. Angst voor de mismatch, of simpelweg de drang naar grip op je eigen leven. Het filter is je schild. Het beschermt je tegen de chaos van de werkelijkheid. Als je de vijver maar klein genoeg maakt, blijft het overzichtelijk.
Maar met het uitsluiten van het risico, sluit je ook de verrassing buiten. De lezeres van 55 die niet kan reageren op de man van 68 is het slachtoffer van een digitaal systeem dat geen nuance kent. Want op datingsites is de leeftijdgrens vaak een onverbiddelijke uitsmijter: wie één dag over de grens is, komt de club niet in. Hoe goed je van binnen ook danst.
Achter de geraniums
De vraag 'Hoe oud moet je zijn' gaat naar mijn idee helemaal niet over cijfers, maar over de blik in de ogen en het vuur in de ziel. Er is een wezenlijk verschil tussen biologische leeftijd en mentale leeftijd. De geraniums zijn geen bloemen; het is een gemoedstoestand. Het is het moment waarop de nieuwsgierigheid sterft. Het moment waarop iemand besluit dat alles wat de moeite waard was, al achter hem/haar ligt.
Je herkent ze direct: de mensen die alleen nog praten over hun fysieke ongemakken en waarom vroeger alles beter was. Ze hebben de deur naar de wereld op slot gedaan. Aan de andere kant staat de categorie die weigert te capituleren. De man of vrouw tegen de 70 die nog volop durft te dromen; die zich laat verrassen door een nieuw boek, een vreemde stad of een spontane ontmoeting. Die niet vraagt: 'Hoe lang heb ik nog?', maar: 'Wat gaan we vandaag doen?'
De kilometerstand
Dus, hoe oud moet je nu eigenlijk zijn? Misschien moeten we die schuifbalken gewoon met rust laten. Misschien moeten we accepteren dat de liefde zich niet laat vangen in een vooraf ingesteld bereik. Wat zegt een getal nu helemaal over de warmte van een stem, de scherpte van een grap of het vermogen om er simpelweg te zijn?
De uitdaging is simpel, al vraagt het wel wat moed: zet die restrictie aan jouw kant naar beide kanten eens vijf (of toon lef: tien) jaar ruimer dan je comfortzone nu toelaat. Kijk niet naar het bouwjaar, maar naar de kilometerstand en het onderhoud. Je zou zomaar iemand kunnen tegenkomen die nooit geraniums heeft gehad en ook niet van plan is om die in huis te halen. Want uiteindelijk gaat het er niet om hoeveel jaren er in je leven zitten, maar hoeveel leven er in je jaren zit. En dat laat zich niet filteren.
Weer of Geen Weer
Er zijn toch maar weinig dingen zoveel besproken als het weer! In Nederland dan toch.
Toen ik in Jakarta woonde hadden we het zelden over het weer, omdat het daar vrijwel altijd hetzelfde was. Alleen in het regenseizoen mopperde je wat vaker, maar dan heb je ook een reden om te mopperen ook!
Een Nederlandse regenbui is doorgaans kinderspel vergeleken met een tropische stortbui.
Het weer heeft gewoon een grote invloed op de mens. Toen ik in Den Bosch in de kunsthandel van mijn ouders werkte, werd het impact ervan duidelijk. Een kunsthandel is natuurlijk sowieso al niet zo druk bezocht als een supermarkt of Blokker, maar met slecht weer kwam er meestal de hele dag niemand.
En als er al iemand kwam, waren ze meestal niet in een goed humeur. Drijfnat, een paraplu waar nog flink water afliep. Daar moest je als winkelier ook een oplossing voor hebben, want die lekkende regenschermen wil je niet je hele winkel door.
Als de zon scheen, kwamen er veel meer mensen, ook wel meer kijkers, en dan waren mensen veel vrolijker en meer ontspannen.
Heel vroeger had ik een enorme hekel ik had aan regen. Ik moest op de fiets naar school en in het najaar hadden we geregeld pittige buien. Ik had een regencape en dat hielp wel wat, maar de onderkant van je broekspijpen en je schoenen werden alsnog kletsnat.
Ik had echt altijd een snerthumeur als ik door regen moest fietsen. Dan kwam ik ook goed sjaggo thuis.
Ook met daten kan het weer een grote rol spelen. Als het 36C is, is in de auto kruipen om iemand te gaan ontmoeten niet uitnodigend. Oké, bijna iedereen heeft dan wel airco, maar toch.
Ik heb zelf geen airco, althans, die werkt helaas niet, en ik ga met flinke hitte liever niet in mijn zwarte autootje op pad. Dan zou ik een date verplaatsen.
Als het pijpenstelen regent, zit je ook weer. Dat kan je keuze van kleding al flink beïnvloeden. En indien je een stuk moet lopen van parking naar bestemming moet de paraplu voor de dag komen.
Je kunt ook voor een pet of capuchon of iets dergelijks gaan, maar als vrouw vind ik dat niets. Ik wil dan geen nat geregend haar, vreselijk, maar haar wat zo plat zit als wat door een capuchon vind ik ook niet prettig.
En dan heb je nog perikelen met vorst, eventuele gladheid en kou. Dat kan ook je plannen overhoop gooien om af te spreken of beperken wat je samen gaat doen.
Ik ben geen held met autorijden als het glad is. De laatste paar jaar viel me op dat er ook minder gestrooid wordt. Zeker ook iets om rekening mee te houden. Hier in dit achteraf gebied zijn nogal wat smallere ‘boerenweggetjes’ die je met gladheid beter links kunt laten liggen.
Maar er zijn ook nog andere weer-gerelateerde factoren waar je mee van doen kunt krijgen.
Zo had ik een eerste ontmoeting met iemand in juni. Het was prachtig mooi weer, lekker zonnetje. Niet te heet, echt heerlijk.
Vóór de ontmoeting moest ik nog even snel de stad in en daar merkte ik hoe ontzettend druk het was. De winkelassistente vertelde dat er iets te doen was waardoor er heel veel toeristen waren. Zeker gezien het zulk mooi weer was.
Meteen had ik helder dat de ontmoeting op de afgesproken plek niet zou gaan werken. We zouden elkaar treffen bij een restaurant vlakbij mij, maar met die drukte zou het heel lastig worden je auto ergens kwijt te kunnen.
Samen een tafeltje op het terras van het restaurant kon ook nog wel eens problematisch zijn. En een eerste ontmoeting waarbij je beiden noodgedwongen aan een andere tafel moet gaan zitten of met andere vreemde mensen een tafel moet delen, schiet natuurlijk ook niet op.
Hij was al onderweg, dus ik heb hem snel geAppt en mijn adres gegeven. Dat doe ik nooit, maar ja, op dat moment bleef er niet veel anders over.
Als je in een toeristisch gebied woont, kan het weer zo indirect ook een grote rol spelen!
En dan is er nog wind. Als het heel heet is, ben je blij met een briesje. Maar wat als je geregeld van doen hebt met harde wind of heftige stormen?
Daar had ik nooit zo over nagedacht tot ik hier in dit dorp kwam wonen. Toch wel het ergste in die zin van het eiland.
Langs de gehele westkust heb je veel meer met wind en storm van doen dan verderop in het binnenland.
Ook dat kan weer een invloed hebben op daten. Zo was ik ooit in Flevoland bij de man waarmee ik al een tijdje aan het daten was.
Ik moest die avond naar huis, wat een rit inhield langs de gehele westkust. Maar het stormde en er werd zelfs gewaarschuwd niet de weg op te gaan als het niet perse hoefde.
Het was zo heftig dat ik moest blijven slapen. Nou waren wij al wat langer samen, maar dan nog.
Maar als je zoiets meemaakt met een nieuw iemand kan dat toch voor ongemakkelijke situaties zorgen.
We klagen er wel eens over dat mensen niet zo moeten klagen over het weer, maar al met al speelt het toch gewoon een grote rol!
Eindig ik ermee ons allemaal een mooie zomer te wensen met heerlijke temperaturen en veel zon!
Op naar beter
Licht! De muur tegenover mij is wit, met hoge, donkere ramen. Een vrouwenstem noemt mijn naam, en nog een keer. Een slang blaast warme lucht mijn bed in, mijn heup is een bal van vuur. Mijn voet ligt naar buiten, dat mag niet! Dat mag helemaal niet! Ik heb alles al kapot gemaakt, ik krijg geen adem meer, dit is een droom, dit moet wel een droom zijn. De vrouw tilt mijn been op en vraagt of ik het kan ontspannen. Nee, te veel pijn. Er is nog een vrouw; ze praten zacht met elkaar en één van de twee geeft me een prik in mijn buik. Het vuur in mijn heup dooft, de pijn trekt weg. Ik droom niet. Vanaf nu ben ik een wandelaar met een heupprothese. Ik krijg een rood waterijsje. De chirurg komt even langs; hij is blij en tevreden. En als hij dat is, ben ik het ook!
Al met al breng ik veel te veel tijd door in mijn inmiddels veelbesproken eenpersoonsbed. Lange nachten, middagslaapjes. Dat moet anders. Voortaan doe ik mijn middagdutjes op de bank.
Mijn rode stoel is het middelpunt van mijn tijdelijke universum. Zittend op die stoel leg ik mijn been omhoog, deed ik de eerste oefeningen, at ik de door mijn dochters gekookte maaltijden en keek ik tv. ‘Good omens’ met de ene dochter, ‘Bodkin’ met de andere. Ze zijn weer terug naar hun eigen huis, mijn schatten van dochters! En hierbij bedank ik ook mijn zusje hoog in de hemelen: Zij heeft me min of meer gedwongen om mijn verrijdbare en verstelbare tekentafel mee te verhuizen. Hij stond bijna acht jaar lang in de schuur, en nu is hij mijn àlles tafel. Zo af en toe bedienen liefdevolle handen de stofzuiger rond mijn universum, anders zou het een muizenparadijs worden.
Tijdens de nacontrole liet de chirurg me een röntgenfoto zien van zijn werk, de ‘nieuwe heup’. Wat ik zag was een futuristisch ogende constructie à la Picasso. Hij leek op een heup zoals een moderne vibrator op een penis lijkt. Helemaal niet dus.
Gistermiddag heeft de fysiotherapeut me geleerd hoe ik in mijn eentje, op krukken, door de zware voordeur van mijn flat naar buiten kan lopen. Op naar beter!