Zus en zo
zaterdag 4 november 2023
Het is de tijd van het jaar. Het is alweer de tijd van het jaar. De maan schijnt door de verlichte bomen en nog steeds gelooft niemand in mijn idee, van vier oude verhalen één groot eindejaarsfeest te maken. Een feit is, dat de heilige Nicolaas zich in de nesten heeft gewerkt dit jaar. Zijn verzen moeten rijmen op hennepthee, spaakverlichting, kastplantje, badmintonrackets en kettingontvetter. Ssst, niet voorzeggen, ik kan dat, het komt helemaal goed met die verzen. Het leven rijmen met de dood, dàt is pas lastig.
‘Als je wacht wordt iedereen moe, en iedereen werpt zijn schitterende gaven grotendeels af om de finish te halen.’ (uit: Witte huizen, van Amy Bloom)
Wij, mijn ene zus en ik, waren onderweg naar onze andere zus. Maar ze was te ziek die dag, dus gingen we koffie drinken in Zwolle en uiteindelijk moest ik helemaal terug naar huis. Hoe dan? Eerst tot voorbij Leiden reizen leek me de beste manier: dat ene Sinterklaas cadeautje kopen bij die ene winkel in Den Haag en dan pas de trein naar huis nemen.
Leiden Centraal ziet er door het raam van een stilstaande trein uit als het meccano bouwsel van een verwend jongetje. Grijs, gedeukt, vergeten. Niet uitstappen nu, als ik hier uitstap ben ik verloren, is deze dag verloren. Ga dat Sinterklaas cadeautje kopen, en koop ook een rode jurk, een fluffy vest, een kerstboom desnoods - als het maar die diepe kerven van zelfverwijt oplevert. Zelfverwijt dat harder schreeuwt dan mijn machteloos verdriet.
Terug op Den Haag Centraal blijken er de komende uren geen treinen naar Leiden te rijden. Heel goed, dan zet ik hier mijn tanden in. Ik knoop een gesprekje aan met een man die zachtjes staat te vloeken, een man die zegt zich allang niets meer aan te trekken van uitvallende treinen. Een man die, als ik hem herinner aan zijn zojuist uitgesproken woorden, grinnikend naar zijn reptielenbrein verwijst. ‘Ik ben vanmiddag nog Leiden voorbij gereisd, voor een zondig rondje frustratie shoppen,’ zeg ik desgevraagd. Hij tast met zijn ogen de zak biologische spinazie boven in mijn tas af. ‘Het zondige ligt er onder,’ zeg ik dus ook. Het zijn hamburgers, rood troostvlees - wat ik niet zeg. Van mij mag hij zijn eigen zondigs onder mijn spinazie leggen. Hij is charmant. Zijn donkere krullen verraden een goede kapper, zijn stem is warm, en ik zou wel naast hem willen zitten. Ik zou wel willen slapen met mijn gezicht in zijn wollen jas, slapen tot alles is gebeurd wat onvermijdelijk gaat gebeuren. Maar de app op zijn telefoon geeft mijn idee om via Holland Spoor naar Leiden te reizen niet weer, dus blijft hij staan waar hij staat en stap ik in de sprinter naar Dordrecht.
Soms denk ik dat ik het bijna snap. Dat het alleen maar een kwestie is van weten wanneer ik een man mijn gids en mijn held moet laten zijn.
geplaatst door RodeJas - 1939 keer gelezen
Vorige berichten
Zo vrij als een vogeltje of een vleermuis
Voor middelgrote afstanden (tot pakweg 25 km.) maak ik bij voorkeur gebruik van mijn gewone fiets zonder elektrische ondersteuning. Voor grotere af
Herinneringen liggen aan de bron voor de toekomst
Herinneringen liggen aan de bron van de toekomst
Herinneren…Weet je nog mam, toen we… Onlangs zaten we met heel ons gezin aan
Als je voor een dag een man zou mgen zijn
Iedere maandagmiddag ontmoet ik in het dorpshuis een groepje alleeenstaande dames. Onder leiding van een activiteiten begeleidster gaan dan we iets