Een beertje en een zoen
maandag 1 januari 2024
Het is maandag vandaag; de allereerste dag van het nieuwe jaar. Ik moet niks en ik hoef niks. Nou ja, een blog schrijven en mijn tas inpakken voor morgen, wanneer ik met de trein op weg ga, nu naar een station voorbij Zwolle. En douchen misschien, aankleden. Fluffy vest en pyjama uit, rustig afspoelen met de handdouche, van voetzolen naar schouders en van schouders naar voetzolen. Koud water. De laatste wandeling van het jaar, gisteren, was de eerste wandeling sinds tijden dat ik mijn jas uitdeed, dat ik mijn eigen schaduw voor me uit zag lopen op het pad, dat de zon mijn rug verwarmde zoals een arm om mijn schouders mijn rug verwarmt.
Hij had een beertje voor me meegebracht.
Een dag eerder, een wandeling eerder. Ik zag mezelf al op een duintje zitten, mijmerend wachtend totdat de heren wandelaars hun tocht naar het einde van de pier en weer terug hadden volbracht.
Ik zou, uitkijkend over de zee, lijstjes maken over het afgelopen jaar. Het mooiste boek, de mooiste serie, de meest aangrijpende muziek, de beste beslissing, de meest ingrijpende gebeurtenis, de gelukkigste dag. Zelf was ik al eens helemaal tot aan het einde van de pier gelopen, ooit, toen de zon scheen en het aantal te wandelen kilometers minder bedroeg dan de eenendertig van vandaag. Het hek dat de pier afsloot, leek er al een tijdje te staan. Het was half gesloopt. We liepen terug over het harde, natte strand, teleurgesteld. Zo hoog schuimde de zee vandaag nou ook weer niet.
Hij heeft een beertje voor me meegenomen.
Drie dagen eerder. Het was zowel indrukwekkend als beangstigend, dat hoge, diepzwarte water van de stadsgracht. Het kabbelde verraderlijk vriendelijk over de kademuren. De schepen leken zich maar net te kunnen beheersen om niet voorbij die kademuren te gaan liggen. En dan de duisternis, de schitterende, inktzwarte duisternis - met even verderop de lieflijk verlichte stadspoort. En juist op deze avond, juist nu, loop ik hier, samen met deze man.
Later, in het wijnhuis waar we thee dronken uit hoge glazen, zal hij me een beertje geven. Een knuffelbeertje, een troostbeertje. Troost voor wat er onvermijdelijk gaat gebeuren met mijn zusje. Ik gaf hem een omhelzing en een zoen. Wat mij bij lange na niet genoeg leek, maar ja.
Trouwens, de wetenschap schrijft heilzame, haast magische krachten toe aan knuffeldieren. Wel heel dicht tegen je aan houden, anders werkt de magie niet. Of, zoals hij subtiel opmerkte: dit beertje heeft het hoogste rendement als ik het bij mij in bed leg. Nou ja. Ik word domweg blij van mijn beertje omdat het zijn beertje is. Het is net als met een kaarsje aansteken: Het helpt niet, maar het helpt wel.
geplaatst door RodeJas - 1890 keer gelezen
Vorige berichten
Zo vrij als een vogeltje of een vleermuis
Voor middelgrote afstanden (tot pakweg 25 km.) maak ik bij voorkeur gebruik van mijn gewone fiets zonder elektrische ondersteuning. Voor grotere af
Herinneringen liggen aan de bron voor de toekomst
Herinneringen liggen aan de bron van de toekomst
Herinneren…Weet je nog mam, toen we… Onlangs zaten we met heel ons gezin aan
Als je voor een dag een man zou mgen zijn
Iedere maandagmiddag ontmoet ik in het dorpshuis een groepje alleeenstaande dames. Onder leiding van een activiteiten begeleidster gaan dan we iets