Het zonnetje in ons leven
maandag 14 april 2025
Ik zat een paar dagen geleden te genieten van het lentezonnetje, dat uitbundig scheen op de tegels en de border van mijn patio. Hoewel het volgens het weerbericht op deze zevende april nog maar 13 graden was, voelde het toch aangenaam. De warmte blijft “hangen” tussen de schutting en de muur van de achterburen. En nu, om drie uur ’s middags, schijnt de zon heerlijk uit het westen. Tot 12 uur wordt hij tegen gehouden door de hoge muur en dakkapel van de achterburen.
Door die zonnestralen word ik zelf ook geestelijk verwarmd. De zon geeft mij energie om naar buiten te gaan, dat ene boodschapje dat ik had uitgesteld te doen en om aardig te zijn als er iemand mijn pad kruist. Zo kom ik regelmatig ook zonnetjes in mijn leven tegen.
Wat word ik blij als iemand mij oprecht welkom heet in een groep, waar ik wat ga drinken. Als ik een keer daar niet ben is men belangstellend: “Waar was je vorige week?”. Zo’n simpele vraag getuigt al van empathie, mee voelen met mij.
Wat doet het mij goed als die autochauffeur of – chauffeuse mij met mijn fiets voorrang geeft op een dubieus kruispunt.
Wat is het aardig als ik met drie boodschapjes in mijn hand bij de kassa voor een vrouw mag die voor de kassa wacht en zelf een boodschappenkar volgeladen met allerlei zaken heeft.
De rollen kunnen ook omgekeerd zijn. Ik ken nu in korte tijd zeven mensen die in een zorgcentrum verblijven, voor een deel zelfs op loopafstand. Als ik zie hoe klein hun wereld is geworden terwijl ik hen in het verleden heel anders heb meegemaakt. De man met ALS, veel jonger dan ik, die enkel palliatieve zorg krijgt en toch heel opgewekt blijft. Aan zijn instelling kan ik een voorbeeld nemen. Door hem regelmatig te bezoeken ben ik een van de zonnetjes in zijn leven. In dezelfde instelling verblijft een echtpaar, weliswaar op aparte kamers. Hij is uitbehandeld. Ik heb ze nog maar een half jaar geleden actief meegemaakt. Het was zijn lust en zijn leven om op een doordeweekse dag keihard (hij is heel doof) op een kerkorgel te spelen, dat gaat nu niet meer. Zij was op zo’n dag altijd koffieschenkster in de inloop. Nu zijn ze wel de hele dag bij elkaar maar “wonen” toch in twee aparte kamers. Gelukkig zijn er heel wat zonnetjes die nu afleiding geven in hun leven.
Ook voor mensen die (nog) niet fysiek of psychisch in de kreukels zitten zijn er zonnetjes. In het bedrijfsleven kan een goede meelevende chef veel betekenen voor zijn medewerkers. Ik prijs mij gelukkig dat ik de laatste pakweg 20 jaar van mijn werkzame leven zo’n “baas” had. Het was ook een meewerkende groepsleider. Altijd klaar staan voor mij en voor mijn collega’s, een luisterend oor. Zo’n zonnetje heeft weer een uitstraling op het hele team.
Er zijn ook in een relatie zonnetjes. Een van beide partners (m/v) komt thuis na een werkdag en hij of zij wordt welkom geheten door de andere partner of door een van de kinderen. Als opa word ik vertederd als een van mijn kleinkinderen open doet. Even een knuffel.
Ik geloof dat die zonnetjes een van de eerste levensbehoeften zijn. Net als de zonnestralen in de tuin nodig zijn voor een goede groei van de planten. Niettemin, een regelmatig buitje regen is ook onontbeerlijk voor alles wat er in de tuin boven de grond komt, om maar te zwijgen over de bloemen en de vruchten aan de struiken en bomen.
Misschien hebben die zonnetjes in het leven nog een andere functie. Ze neutraliseren de negatieve uitingen, onaardige opmerkingen naar ons toe, nare dingen die iedereen meemaakt. Het zijn de oppeppertjes die ik tenminste maar moeilijk kan missen. Als ik niet zo gauw een zonnetje kant en klaar voorhanden heb ga ik er naar op zoek, of ik ga iets gezelligs ondernemen om de ellende te vergeten. Elke dag streef ik naar een goede balans tussen dingen, die ik als noodzakelijk kwaad beschouw en leuke zaken.
Wie van u / jullie is zich ook bewust van zonnetjes en probeert tegelijk een goed evenwicht tussen zon en wolken te creëren?
geplaatst door Aktivo1 - 944 keer gelezen
Vorige berichten
Dans
Dans slingert als een rode draad door mijn levens en mijn liefdes.Dat begon al heel vroeg, mijn ouders deden een tijdje net alsof ze hippies waren, we woonden toen in Amsterdam Zuid en dansten tussen de schuifdeuren op alle hippiemuziek:)
Op de kleuterschool raakte ik bevriend met een klasgenootje wier moeder professioneel danseres en choreografe was en vanaf 1973 zelfs les gaf aan de Kunstacademie. Voor haar best wel eens lastig om met kleuters opgescheept te zitten maar creatief als ze was gaf ze ons gewoon rollen in haar voorstellingen. We moesten bijvoorbeeld dansen als wuivend riet langs de rivier of als waterdruppels in een regenplas en dat ging ons prima af!
Door omstandigheden verhuisden mijn ouders naar een truttig dorp en daar ging het heel anders toe, men ging daar op stijldansen. Ik ben altijd voorstander alles een keer te proberen en ging dus met mijn nieuwe overbuurmeisje tien weken elke woensdagavond naar de dansschool bij het spoor. Er was daar wel een heel leuke jongen dus dat maakte veel goed, maar de lessen zelf waren heel ouderwets, de man moest leiden en de vrouw haar mond houden, blijkbaar waren de jaren zestig in dit dorp nog niet aangebroken. In een soort houdgreep sleurde de dansleraar me over de parketvloer om voor te doen hoe het moest en na tien weken kon ik het wel een beetje maar ik dacht, dit is meer iets voor noodgevallen.
Inmiddels was er disco, punk en new wave uitgebroken en daar voelde ik me meer bij thuis. Mijn zakgeld was ontoereikend en zelfs als ik elke avond ging oppassen kwam ik niet uit de kosten, maar creatief als ik ben, vond ik er oplossingen voor; ik ging gewoon werken in de discotheek, eerst bij de garderobe en later achter de tap, zo hoefde ik nooit meer entree te betalen en draaiden de dj's altijd mijn favoriete nummers:) Mijn schoolresultaten gingen wel wat achteruit en ik irriteerde me aan docenten die klaagden dat ik zat te gapen op maandagochtend, dus ik besloot staatsexamen te doen. Zo kon ik in de weekenden lekker dansen en alvast mijn diploma's halen in mijn eigen tijd. Zodra ik van die docenten verlost was haalde ik binnen 15 maanden twee diploma's en danste naar hartelust!
Niet verwonderlijk misschien dat mijn eerste grote liefde een jongen was die altijd semi ongeinteresseerd langs de dansvloer voor muurbloem speelde. Mijn tweede grote liefde danste twaalf jaar later elk weekend met me in de Melkweg. En mijn laatste grote liefde? Daarmee danste ik voor het eerst op een zomeravond in een romantisch park 915 kilometer hier vandaan:) Maar de aller aller mooiste dansvoorstelling was toch wel die van Scapino, gelukkig is het dit weekend weer zover!
Speelt dans in jullie levens en liefdes ook een belangrijke rol, of kijken jullie alleen nog de Notenkraker met de kerstdagen?
Toeval of Niet?
Ken je dat, van die dingen die je ineens elke keer ergens tegenkomt of hoort? Dat je bij jezelf denkt dat het wel héél toevallig is.
Of zou je dan van synchroniciteit spreken? En de volgende vraag: betekent het wat of is het inderdaad gewoon toevallig toeval.
Net zoals je overal zwangere vrouwen ziet als je zelf zwanger bent of wilt worden. Of overal verliefde stelletjes ziet als je een gebroken hart hebt.
Dan vraag je je ook af, wat is dit?!
Zo kwam ik een aantal jaren terug ineens veel mannen tegen met een bepaalde naam. Dat was een wat ouderwetse Hollandsche naam die anno nu niet meer zo vaak voorkomt.
Daarom viel het me op.
Ik was toen ook single, maar de betreffende mannen vond ik niet interessant als potentiële partner. Toch vond ik het typisch dat ik ineens overal mannen met die naam tegenkwam.
Laat ik nou een maand of twee, drie later online een man tegenkomen waar ik meteen een hele sterke klik mee had. En yup, die heette ook zo.
Toen moest ik me toch ook even op het hoofd krabben. Zo van, heeft het Universum me hier al die tijd op voorbereid?
De laatste tijd heb ik een ander gevalletje toeval. Niet direct man-gerelateerd.
Ik ben de laatste tijd behoorlijk gefascineerd door iets waarbij paardrijden een grote rol speelt.
En ineens komt dat overal en nergens omhoog. Ook herinneringen waarvan ik eigenlijk niet eens meer wist dat ik ze wist.
Zo had ik als 14-15 jarige een vriendin met een eigen pony en daar heb ik veel op gereden. Eerst gewoon stappen, daarna leerde mijn vriendin me een beetje rijden zodat ik ook draf en verlichte zit kon. Ik was geen ervaren ruiter en springen of galopperen werd ik niet blij van.
Maar buiten dat heb ik er altijd zó van genoten!
Ik wilde als kind altijd al paardrijden maar ik mocht niet van mijn moeder.
Ik ging dan maar geregeld bij de manége kijken, met verlangen in mijn hart!
Grappig genoeg had ik rond mijn 16e-17e een verloofde die paard kon rijden. Weer zo’n herinnering die ver weg gezakt was.
Met hem heb ik één keer paard gereden. Wat heb ik daar van genoten! Ik was eerst op een kleine, rustige pony gezet, maar dat had ik in een paar minuten gezien. Heen en weer geklotst worden met die korte stappen, de grond zo dichtbij, ieeekh!
Toen kreeg ik een grotere pony waar ik heerlijk op gereden heb. In hoeverre ik nou eigenlijk wist waar de gas en de rem zat, weet ik niet meer, haha.
Vroeger ging ik ook vaak met mijn vriendin naar de manége waar zij les had. Toen was er een keer een nieuw paard wat ik meen een politiepaard was geweest. Dat was het hoogste paard wat ze ooit hadden gehad. En ik mocht daar op!
Ik schat daar ik daar met een blok (hulpmiddel) op gekomen ben. Eenmaal erop vond ik het toch wel héél erg hoog en was ik blij dat ik eraf was.
De laatste keer dat ik op een paard heb gezeten, was toen ik een jaar of 37 was. Mijn ex had een paard gekocht en toen ik de kids naar hem bracht, had hij het gezadeld en al buiten staan. Ik mocht erop als ik wilde.
Héél graag!
Maar… ik kreeg het niet voor elkaar erop te komen? Mijn kinderen lagen dubbel, mijn ex ook. Ik moest ook lachen, maar was wel verbouwereerd, had dat niet verwacht. Ik dacht dat ik fit, lenig en sterk was. Daar stond ik lelijk op mijn neus te kijken!
Uiteindelijk ben ik er met een blok op gekomen.
En daarna nooit meer op een paard gezeten, laat staan gereden.
Maar nu van de week iemand in huis die me vraagt, “Heb jij iets met paarden?”
Huh? Nee, hoezo?
Zegt hij, “Nou, om de Ariat laarzen in de gang.”
Verroest! Ik heb inderdaad een paar jaar terug laarzen gekocht die ik leuk vond wat heel toevallig eigenlijk rijlaarzen zijn.
Wat blijkt? Hij rijdt zelf paard, zowat heel zijn familie zit in de paarden.
Toevallig?!
Ik vertelde hem mijn verhaal, en dat ik nekletsel heb na ongeval en niet meer durf. Oh-zo bang dat ik eraf val en weer letsel oploop.
Daarop zei hij dat er een manége is die ritten doet met beginners of bange mensen. Dan rijdt er iemand met je mee op een fiets die het paard vasthoudt.
Wow…
Nou zit ik in dubio.
Ik ga hem wel vragen om de naam van die manége.
Enerzijds voel ik enorme vreugde! Misschien kan ik mijn droom alsnog uit laten komen! Af en toe op een paard!
Tegelijkertijd komt er stevige angst op.
Maar ik vind het ook weer belangrijk om jezelf te geven waar je zo naar verlangt. Moet je dat dan door angst om zeep laten helpen?
Als single loop je eigenlijk vaak al dingen mis, zelfs al heb je een fijn en vervuld leven in je eentje en ben je gelukkig.
Ik vind het ook belangrijk geregeld uit je comfort-zone te stappen. Anders ga je meer en meer vastroesten.
Als ik denk aan weer in het zadel zitten, dat geur van leder, paard en hooi, dan schreeuwt mijn hele wezen “ja!!”
Dat voelt zo als thuis. Vertrouwd.
Echter, als ik denk aan mijn nekje, misschien eraf vallen, slaat de angst toe.
Maar ja, dit komt toch niet voor niets op mijn pad? Het is toch geen toeval dat er een optie blijkt om af en toe veilig(er) paard te kunnen rijden.
Ik ga er nog eens over nadenken!
Niet nodig
Het is koud buiten. Nee, het lijkt koud buiten; de mensen die ik nu buiten zie lopen, lopen er kouwelijk bij. Vooral de jonge vrouwen: een muts kan immers hun lange haren voorgoed veranderen in iets vogelnest-achtigs? Zelf heb ik een lange donsjas en een goeie hoed tegen de kou. Én knalroze handschoenen. Ooit wilde een geliefde dat er bij hem thuis altijd handschoenen voor mij zouden zijn, en in zijn dorp waren de vinger handschoenen voor vrouwen nu eenmaal knalroze. Ik hoop al jaren dat ik er eentje verlies, zodat ik de andere met goed fatsoen kan weggooien. Ik had helemaal geen nieuwe handschoenen nodig.
Mijn flat staat vol met spullen die ik niet nodig heb, veel te vol - en soms denk ik dat ik pas weer kan schrijven wanneer al die dingen een ander huis hebben gevonden, wanneer er weer ruimte is in mijn flat en daarmee in mijn hoofd. Zo is daar die witte stalen tv-kast, de kast die ik zo moedig in mijn eentje in elkaar heb geschroefd terwijl er twee personen op de handleiding stonden. Kwestie van schroevendraaier eerst even in een prittstift duwen bij verticaal en ondersteboven schroefwerk. Die kast dus. Hij paste perfect - totdat ik de wieltjes eronder draaide. Ze bleken uit te steken, die wieltjes. Zonder wieltjes gebruiken dan maar? Nee, deze kast heeft wieltjes nodig om een leuke kast te zijn. Of accepteren dat hij te ver de kamer in komt? Nee, dan is de achterkant van de tv dominant aanwezig in mijn kleine huiskamer. Hup, dan maar op Marktplaats met hem - zodat hij nu in de logeerkamer staat te wachten op een acceptabel bod. De oude 24 inch tv staat ook nog in de logeerkamer, net als de dvd-speler, een tas vol dvd’s, en het rode stalen kastje op wielen waar die kleine tv zo mooi op paste. Dit zijn spullen waaraan ik gehecht ben. Wat ik hier nodig heb, is iemand aan wie ik ze kan geven, iemand die ze nodig heeft, iemand die ik er blij mee kan maken.
De ombouw van mijn tweepersoons Auping Auronde heeft trouwens ook weken in die logeerkamer gestaan voordat ik het helemaal zeker wist: Ik zet hem op Marktplaats, ik heb geen tweepersoonsbed nodig, nooit meer. Gek genoeg was er laatst toch een man die mij in de war maakte met de simpele vraag of ik het zeker wist, van dat tweepersoonsbed. Soms is er nu eenmaal zo’n man…
Soms vraagt iemand me wat ik nodig heb - en meestal is het antwoord simpel: Twee kippenbouten, een arm die wél bij de havervlokken hoog in het winkelschap kan, toch maar een verdoving tijdens een tandartsbehandeling. En soms, heel soms, is het antwoord ‘een kusje’. Waarmee ik natuurlijk meer dan een kusje bedoel, veel meer…
Laatst, in de trein, vroeg een man mij om iets dat híj nodig had. Hij was jong, goed verzorgd en vriendelijk. Zijn Nederlands was nog in ontwikkeling. Hij bood me een slok bier aan uit zijn glas, en vroeg of ik dochters had. Ach, waarom hem geen waar antwoord gegeven? Hij wilde met één van mijn dochters trouwen, deze Arabische prins; hij had een vrouw nodig.