Over tijd
donderdag 31 juli 2025
Net toen ik op reis ging gaf mijn horloge er de brui aan. Ik dacht nog, ik laat het onderweg wel ergens nakijken, misschien is het alleen de batterij. Maar daar is het niet van gekomen, het was eigenlijk wel prima zo, een tijdje zonder. Toch keek ik bij het ontwaken in mijn tentje telkens werktuiglijk naar mijn nu tijdloze pols. Geen idee hoe laat, dat blijft een rare gewaarwording, want de slaapdronken blik op het horloge imarkeert normaal gesproken het moment dat een schemerig dromenland plaats maakt voor de nieuwe dag. Even de gewaarwording hoezeer ik in het dagelijks leven aan de klok verslingerd ben, meer is het niet. Natuurlijk kon ik ook op mijn smartphone kijken, die daar ook ergens moest rondslingeren, maar dat hoefde nog even niet, ik had immers alle tijd om even te genieten in de ‘twilight zone’, op deze vreemde plek, in dit vreemde land.
Het heeft wel iets symbolisch, deze toevallige samenloop van omstandigheden. Het is alsof de voorzienigheid een hint wilde geven, een horloge heb je hier niet meer nodig...
Iederen heeft wel eens de ervaring, dat tijdens een vakantie, of zelfs maar een weekend weg, de tijd zoveel langer lijkt dan gewoonlijk. En als je daarna weer terug bent, dan gaan de dagen juist in een flits voorbij. Het contrast kon niet groter zijn. Het komt natuurlijk omdat je op reis onderweg zoveel meer meemaakt dan thuis. En thuis liggen de routineklussen weer voor je klaar, zeker als je wat langer bent weggeweest. Het lijkt erop dat de menselijke tijd meer wordt gemeten in ervaring dan in uren. Met name het onverwachte lijkt de tijd flink te kunnen oprekken. Terwijl omgekeerd in een routineus proces, zoals uren achtereen achter het stuur, de tijd ineenschrompeltt- daarmee heb ik ook weer de nodige ervaring kunnen opdoen. Het komt er dus op neer dat tijd ‘onlosmakelijk’ verbonden is met beleving. En dat hoeft natuurlijk niet alleen vakantie te zijn.
In het kader van dit blog vroeg ik me ook nog af, of je in je eentje op reis méér tijd ervaart, of juist minder, dan wanneer je samen bent. Aangezien ik deels samen en deels alleen onderweg was, kan ik uit eigen ervaring zeggen dat ik in mijn eentje de ervaringen toch wat intensiever beleef dan samen. Logisch, sowieso moet ik dan alles zelf uitzoeken (eerlijk gezegd vind ik het altijd wel prima als een ander dat doet ;-), dus alerter zijn want geen oplettende metgezel als ik iets doms doe. Maar belangrijker is dat ik dan helmaal mijn eigen tempo kan hebben, stilstaan waar ik wil, opmerkzamer kan zijn, een beetje meer focus. Want er is niemand om rekening mee te moeten houden, iemand die misschien andere wensen heeft dan ik, wat overigens natuurlijk geen punt is, een kwestie van geven en nemen. Aan het samenzijn zitten natuurlijk wel weer andere voordelen, ook qua beleving. Naar een concert bijvoorbeeld, dat doe ik niet gauw in mijn eentje, ook niet op reis. Je kunt elkaar ook inspireren en uiteraard is het fijn om de ervaringen met elkaar te delen. Het ligt dus genuanceerd. Maar ja, zoals welbekend, in goed gezelschap vliegt de tijd voorbij!
Ik zal mijn horloge laten repareren, maar ik heb er nog geen tijd voor gehad.
geplaatst door Pelgrim - 845 keer gelezen
Vorige berichten
Wat herinner je nog van je relatie?
Wie het verleden beheerst, beheerst de toekomst. Wie het heden beheerst, beheerst het verleden.” (George Orwell) en Kennis van het verleden is de sleutel tot begrip van het heden (Confucius). Twee wat cryptische uitspraken om over na te denken.
Als je voor het eerst begint met een relatie of opnieuw de sprong waagt in datingland is de toekomst ongewis. Je weet nooit welke kant het op gaat, hoewel je er toch allebei het beste van hoopt.
Vrijwel iedereen die zich aangemeld heeft bij een datingsite heeft een relatieverleden. Dat hoeft tegenwoordig niet persé in een door een gang naar het stadhuis vastgelegd huwelijk of samenlevingscontract gegoten te zijn. De herinneringen aan die relaties worden vaak aangeduid als een rugzakje. Dat lijkt een aanname; door dat etiketje worden die herinneringen collectief als negatieve ervaringen bestempeld. Het kan mijns inziens geen kwaad de positieve gebeurtenissen te bewaren en minder fijne dingen goed te verwerken en een plekje te geven.
Uiteraard is er een groot verschil tussen relaties die eindigen door een uit elkaar gaan en relaties, die eindigden omdat een van beide partners overleed. Toch kunnen er ook goede herinneringen na een scheiding zijn.
Bekend is het lied van Joost Nuissl (in 2025 overleden): “Ik ben blij dat ik je niet vergeten ben”. Het lied refereert ontegenzeggelijk aan een stel, wat uit elkaar ging terwijl een van beiden herinneringen koestert aan de beëindigde relatie.
Of die herinneringen bij tijd en wijle opduiken hangt (ook) af van het geheugen. En of je moeite hebt gedaan wat er vroeger was uit dat geheugen weg te poetsen.
Mooie dingen zijn altijd: De geboorte van je kinderen. Genezing na een ernstige ziekte. Een fijne vakantie. Verhuizen naar een betere woning.
Ik geloof, dat beide partners niet altijd gebeurtenissen gelijkelijk ervaren en er ook verschillende herinneringen aan bewaren. Zou dat komen omdat er onderhuids al een vermindering gaande is van de gevoelens van een kant?
Ik werkte vroeger in een archief. Zo’n werkplek is bij uitstek de plaats waar het er om gaat zaken uit het verleden goed te bewaren voor het nageslacht. Het ging daarbij in het begin van mijn loopbaan om papieren documenten, later ging men via microfilm over op digitale paperassen. De ontwikkeling van fysieke contacten naar digitale contacten die in een relatie uitmonden vond grotendeels in dezelfde tijd plaats.
Wie uit een relatie komt die hoe dan ook stopte zal tegenwoordig zowel over fysieke herinneringen (foto’s, brieven, cadeautjes), over herinneringen in het geheugen maar ook over via de digitale weg ontstane herinneringen beschikken. Als die laatste versie ook via social media speelt is er een kans, dat anderen ze ook kunnen ontdekken. Dat kan soms lastig zijn, als iemand net met een nieuwe relatie bezig is of zich openstelt voor nieuwe contacten. Het zou zelfs mogelijk zijn, dat wat er via de digitale snelweg bekend is als het ware ontaardt in een “relatie curriculum vitae”.
Daarom is het verstandig voorzichtig om te gaan met wat je over jezelf bekend maakt op platforms als facebook of Linkedin, wat iemand daar over je leest kan in je nadeel uitwerken.
Tegenwoordig kun je uiteraard ook via deze platforms op dingen stuiten over je ex, waar je nooit van gehoord had. Hoeveel relaties zijn er tegenwoordig zelfs gestrand, toen een van beiden keek in de contacten op de smartphone van de ander? Terwijl er in de relatie nog geen vuiltje aan de lucht was?
Kansen, geluk, of gewoon dikke pech...
Kansen en geluk of gewoon dikke pech…
Hoeveel kansen hebben we om een loterij winnen, of het geluk te mogen ervaren door dit te beproeven op een dating site. Dat ging door mijn hoofd toen ik wachtte bij een zelfscankassa in een Supermarkt. Ik had maar één artikel om te scannen, toen het scherm oplichtte met “steekproef”. Terwijl ik wachtte op een medewerker om mij te verlossen van het versleutelde systeem zodat ik kon betalen, bedacht ik mij hoe groot is de kans, dat iemand gecontroleerd zal gaan worden. Ik zag een kom met briefjes, en ook nog lottoballetjes voor mij en vroeg mij af welke kans heb ik op het juiste briefje, of de juiste getallen voor een prijs met de gespeelde balletjes. Wanneer ikzelf een briefje uit de kom mag pakken, krijg ik het gevoel, dat ik er zelf misschien nog invloed op kan hebben. Bij de balletjes en eveneens bij de zelfscankassa is het een willekeurig systeem, een algoritme, waar ik totaal geen invloed op heb. Schrijf ik mij in op een datingsite dan kan ik mijn invloed vergroten door meermaals berichten te sturen, mijn profiel aantrekkelijk te maken en te reageren op ontvangen uitnodigingen. De aanhouder wint zou je kunnen zeggen. Bij een datingsite en bij de gevallen balletjes draait het allebei om kansen. Hoe vaker je iets onderneemt, of meedoet met een loterij hoe groter de kans, dat er iets gebeurt. Maar een grotere kans hebben is nog steeds geen garantie op een prijs, of voor het vinden van de liefde.
Soms vind ik een datingsite lijken op een etalage. Alleen maar kijken naar de profielen en bepalen wat is aantrekkelijk, het interessantste, het mooiste, het beste. Wanneer ik niets beslis zal ieder profiel anoniem blijven. En toch zit er achter elk profiel een mens. Iemand met hoop, twijfels en verlangens. Door in te schrijven op een datingsite hebben we kansen op het vinden van een partner zelf al gecreëerd. Iemand te vinden die dan niet meer anoniem is.
Liefde laat zich niet berekenen. Het kost misschien alleen moed om de kans te wagen. Zonder actie geen reactie, zowel op de kans bij het vinden van een partner op een datingsite, als bij het winnen van een prijs bij een loterij. “Wie niet waagt, die niet wint”.
Liefs,
Slangen
Ik heb een slang gekocht; soms heb ik nu eenmaal iets nodig dat ik eigenlijk niet wil hebben. Het is een slang voor in bed, een slang die tussen mijn benen moet liggen wanneer ik op mijn zij slaap. Voor de nieuwe titanium heup met zijn porseleinen kop (die ik ook liever niet had willen hebben, maar dat is een ander verhaal) is het beter dat mijn knieën niet op elkaar liggen, en ook niet voor of achter elkaar. Ik trok hem voorzichtig uit de kleine kartonnen doos, mijn slang, en keek gefascineerd toe hoe hij zich vol zoog met lucht. Wat werd hij groot. Hoe kon dat hele geval ooit bij mij in bed passen? Hij was groot genoeg om tegelijkertijd én mijn benen op gepaste afstand van elkaar te houden én mijn hoofdkussen te zijn. Ik zou zelfs voorzichtig mijn armen om hem heen kunnen slaan. Mijn slang!
En nu het toch over huisdieren gaat: Ja hoor, het gaat hier zowaar weer over huisdieren. Over katten welteverstaan, vooral over katten. Hoe zou het trouwens komen dat een vrouwelijke kat uiteindelijk een 'hoofd' krijgt, terwijl de kater, ook na jaren liefdevolle verzorging, zijn 'kop' behoudt? Er is meer dat ik mij afvraag wat huisdieren betreft, ik vraag me zelfs af of ik strikt genomen wel een dierenvriend ben. Waarom zou een mens een dier in huis nemen? Ooit moesten de mensen een geit in het achterhuis houden, of een varken, of allebei. Voor de melk, voor het vlees, domweg om te kunnen overleven. Het moet er gestonken hebben! Mijn Drentse opa en oma hadden een duif in een hokje boven de kamerdeur van hun boerderij. Op zolder, waar de kinderen sliepen, hoorden we hem koeren. Pas later leerde ik over de duif als waarschuwings dier: zolang hij levendig was, was de lucht in de kamer niet vervuild. Er stond immers een turfkachel? De katten vingen muizen, en de hond, ja wat deed de hond eigenlijk op die boerderij? Blaffen en bijten. Hij zal wel een waakhond zijn geweest. Ik kwam niet op het feestje dat ‘kip slachten’ heette - en uiteindelijk ben ik, vanwege al die stinkende dieren in hun te krappe stinkende stallen, vegetarisch gaan eten. Maar ben ik een dierenvriend? Ik ben jarenlang, tot volledige wederzijdse tevredenheid, het vervangend personeel geweest voor de katten van mijn dochter. Toch moet ik bekennen dat ik geen dierenvriend ben. Ik verafschuw het fenomeen dier in huis. Kan een hond nog nuttig zijn als hulphond, de huiskat is het meest onnutte dier ter wereld. Moet ik nog zeggen hoeveel ik van mijn oppaskat Charly hou, en hoe blij ik ben dat zijn vaste personeel uit alle asielkatten juist hem heeft verkozen? Ach, de mens is het meest irrationele zoogdier ter wereld. Ik zal dus ook van jouw huiskat houden, domweg omdat het jouw kat is en ik van jou hou.
De mens is ook een veranderlijk wezen. Met de woorden ‘ik ben’ belemmert hij zichzelf in wie hij ook zou kunnen zijn. Ik heb het ‘ik ben’ op mijn profiel braaf ingevuld hoor - maar weet wel dat ik nog steeds word!
Het is zoals Hermann Hesse beschreef in zijn sprookje ‘De gedaanteveranderingen van Piktor’: In het paradijs heeft ieder mens de mogelijkheid om van gedaante te veranderen - mits hij weerstand biedt aan de verleiding van de slang om geen ander mens toe te laten in zijn wezen. Die slang is het zelf dat fluistert: ‘Zo was ik, dus zo ben ik, dus zo zal ik voortaan zijn.’