De gedaanteverandering
zondag 25 maart 2018
Onlangs gelezen, in een essay vol bezorgdheid van Bas Heijne: ‘De taal waarin wij over elkaar spreken, is steeds meer de taal van de cijfers. We zijn niet langer de mensen die elkaar grote verhalen vertellen, die in mythen leven. Tegelijkertijd beseffen we ook dat we die verhalen toch nog steeds nodig hebben om iets te zijn.’
Gelukkig bestaan wij, online daters, nog grotendeels uit verhalen. Onze BMI blijft onvermeld, evenals het aantal onzer dates. Het enige getal op ons profiel is een percentage. Een percentage dat bij mij, wellevend als ik ben, 100 zou moeten zijn - maar dat 91 is omdat ik quizvragen nu eenmaal onbeantwoord laat.
Ik hou van verhalen, van mythen. Mijn ‘beste boek’ zou evengoed ‘Sprookjes’ van Hermann Hesse kunnen zijn; een pocket waarvan ik jarenlang alleen de bladzijden kon lezen die de vorige eigenaar in het slappe kaft had achtergelaten. Maar juist nu, nu ik de gedaanteverandering wil ondergaan van vrouw-met-heel-veel-boeken naar vrouw-met-heel-weinig-boeken, heb ik dat gave exemplaar gevonden. En kon ik eindelijk lezen hoe de man Piktor toch gelukkig werd: Piktor, in het paradijs aangekomen, koos ervoor om in een boom te veranderen - omdat hij nu eenmaal altijd graag een boom had willen zijn. Maar ach, het lieftallige meisje dat tegen zijn oude stam leunde, kon hij zo niet bereiken. Hesse lost het mooi op. En hij schrijft, in een taal die mijn liefde voor verhalen hevig doet oplaaien: ‘Waarom probeerde het hart de borst te doen springen en zich te versmelten met hem, in hem, de schone, eenzame boom? De boom huiverde zachtjes tot in zijn wortels, zo heftig trok hij alle levenskracht in zich tezamen, het meisje tegemoet in de vurige wens tot eenwording. Ach, dat hij zich, misleid door de slang, voor altijd vastgelegd had in een boom. O, wat was hij dwaas geweest! Was hij dan zo volslagen onkundig geweest, was het geheim van het leven hem dermate vreemd geweest?...... Bestendig vloog de toverstroom van het worden door zijn bloed, eeuwig had hij deel aan de schepping die van moment tot moment ontstaat.’
Hier, op deze site, zíjn wij de verhalen die we elkaar vertellen. Zíjn we wat we opschrijven over onszelf: Dit ben ik. Zo zie ik eruit. Die wil ik vinden. Dit verwacht ik van een relatie. Zo ziet mijn ideale vakantie eruit. Gelukkig kunnen wij, alleenstaanden, ons verhaal af en toe herschrijven. Een gedaanteverandering ondergaan. Binnen een relatie blijkt dat lastig te zijn. De vader van mijn dochters dacht bij het woord ‘vakantie’ altijd aan fietsen in Drenthe vanuit een familiepension - een idylle die wreed werd verstoord door zijn speelgrage kroost. Ik ging dus alleen kamperen met onze dochters. Na onze scheiding ontpopte hij zich als een fervent wereldreiziger en kampeerder. Ik stel geen vragen meer, ik gun hem zijn gedaanteverandering: een gelukkige ex is de meest geschikte ex, nietwaar? Maar toch. M’n vriendinnen vertellen me over hun exen. Over de man die kinderen kreeg met een nieuwe vrouw terwijl hij steeds had gezegd nooit kinderen te willen hebben. Over de man die zo gehecht was aan zijn honden en paarden dat zij vertrok - waarna hij bij zijn vriendin ging wonen in een stadsappartement. Hun oorspronkelijke verhaal was aan vernieuwing toe. Maar noch de vrouw, noch de man waren binnen het huwelijk bij machte het verhaal over zichzelf te herschrijven. De juiste vragen te stellen. De gedaanteverandering te ondergaan. Ik vraag me wel eens af: Op welke dag zijn wij, mijn exen en ik, opgehouden nieuwsgierig naar elkaar te zijn? Op welke dag hebben we elkaars wezen vastgenageld in onze ziel? Hebben we elkaar klem gezet? Het antwoord is eigenlijk niet belangrijk. Wat ertoe doet, is dat ik moediger ben geworden. Dat ik van gedaante kan veranderen zonder mijzelf te verliezen.
geplaatst door RodeJas - 7435 keer gelezen
Vorige berichten
Altijd een beetje verdrietig in de vakantieperiode
Op sociale media buitelen de vakantiefoto’s over elkaar heen. Lachende gezichten, tropische stranden, cocktails en gezellige terrassen.
Het is de tijd van het jaar waarin het leven er voor velen net iets mooier uitziet. En eerlijk: ik gun het iedereen. Echt. Na een jaar hard werken, zorgen, rennen en vliegen is het heerlijk als je even stil kunt staan of juist wegrennen naar iets dat licht en luchtig voelt.
Toch wringt het ook. Al van jongs af aan geeft deze periode me een dubbel gevoel. Misschien begon het al toen mijn moeder ernstig ziek werd, ik was nog maar een jaar of zes. Ik woonde in Katwijk en ging dus regelmatig naar het strand. Terwijl vriendjes zorgeloos speelden, dacht ik aan mijn moeder, die al maandenlang zo alleen in het ziekenhuis lag. Dat contrast, van zon en zorg, is me altijd bijgebleven.
Een paar jaar later fietste ik op een zomerdag met een buurjongen een flink eind het dorp uit. Onderweg kwamen we toevallig mijn vader tegen, die aan het werk was. Hij gaf ons allebei een dubbeltje voor een ijsje. Zo’n klein gebaar, en toch voelde het groots: vrijheid, zon, avontuur en vakantie! Maar ook toen weer dat stemmetje in mijn hoofd: hij moet doorwerken en voor ons zorgen, terwijl wij plezier maken. Ik vond het zielig om hem achter te laten.
Het zit in me, en ik zal er waarschijnlijk nooit meer van af komen, dat bitterzoete gevoel dat vakantie heet. Natuurlijk kan ik genieten van reizen, lekker eten, muziek, gezelligheid en mooie dingen. Maar juist op die momenten, als alles klopt, denk ik ook aan wie het niet zo getroffen heeft. Aan mensen die ziek zijn, eenzaam, een beperking hebben of die rouwen. Aan geliefden die er niet meer zijn. Mensen in oorlogsgebieden, die alles kwijt zijn en in permanente angst leven. Aan mensen met geldzorgen, of die om wat voor reden dan ook de zomer niet als licht ervaren.
Soms voelt het alsof de contrasten in de zomer alleen maar groter worden. Juist als het leven gevierd wordt, zie je scherper wie er buiten de boot valt. Niet omdat mensen met hun leuke foto's het niet goed zouden bedoelen, echt niet, maar omdat geluk nu eenmaal niet eerlijk verdeeld is.
Toch wil ik dat dubbele gevoel blijven omarmen. Dankbaarheid voor alles wat ik heb gekregen én medeleven met anderen die het minder getroffen hebben. Blijdschap omdat ik gezond en gelukkig juist deze zomer 71 hoop te worden, terwijl anderen (veel) jonger dan ik dat niet hebben mogen meemaken. Echte rijkdom zit niet in verre reizen of dure diners, maar in het vermogen om te blijven zien hoe goed je het zelf hebt aan de ene kant en wie er buiten beeld valt aan de andere kant.
En daarom wens ik jou, wie je ook bent, waar je ook bent, een zomer vol kleine lichtpuntjes. Of je nu op een bergtop staat, aan zee zit of gewoon je best doet om helemaal alleen de dagen door te komen. Ik hoop dat je iets vindt dat je troost geeft, iets dat je laat glimlachen of iemand die aan je denkt en er voor je is.
Welke verbintenis heb jij?
Ik wil dit blog graag met wat vragen beginnen : hoeveel leden van deze datingsite ken je persoonlijk? Volgende vraag : krijg je genoeg inzicht in iemands privéleven na wat heen en weer gemail, uitlatingen op ons forum, of reacties op een blog ? De meest prangende vraag is deze : kun je eigenlijk via de digitale weg wel goed oordelen over anderen? Je maakt de ander daarvoor in de meeste gevallen niet voldoende mee in zijn/haar eigen achterban.
Hiermee kom ik meteen tot de kern van dit blog, bijna ieder van ons heeft wel een of meerdere vaste verbintenissen waar je niet zomaar afstand van kan, of wil doen. Ik noem er een paar : als je een huisdier(en) hebt, brengt dat verplichtingen met zich mee, dat weet iedereen. Als je mantelzorger bent voor een van je ouders, de zorg hebt voor een gehandicapt kind (familielid), of met een beperking, eveneens. Daar hoeven we geen discussie over te voeren. Maar hoe ga je om met jarenlange vriendschappen? Dat is ook een verbintenis die je niet zomaar verbreekt. Dan heb ik het niet eens over een hobby waar je al jaren veel tijd en vaak ook veel geld aan hebt besteed.
Ik kan me enorm storen aan uitlatingen van mede-leden dat iemand die al jaren lid is van een datingsite nog steeds niemand heeft gevonden om een commitment mee aan te gaan. Wat weet die daarvan (?), hoeft helemaal niet zo te zijn. Je kan een vast vakantiemaatje hebben, omdat je beiden precies weet wat je aan elkaar hebt, daar ook goede ervaringen mee hebt. Ikzelf heb al jaren een museumvriend. We laten elkaar in het museum vrij, maar houden wel in de gaten of de ander naar een volgende ruimte gaat, lopen ook desgewenst weer terug, of blijven even op elkaar wachten. Hetzelfde heb ik met mijn festivalmaatje. We gaan ieder jaar naar wat vaste dingen, zoals 1x per jaar met korting naar Artis, eind juni het straattheater in Purmerend, wat kunstroutes bij ons in de buurt.
Kortzichtigheid merk ik soms ook bij het verkennend mailen met elkaar. In het begin vertel je elkaar wat dingen die je graag doet en stelt de ander jou wellicht ook een vraag. Als ik die vraag beantwoord, maar niet meteen een vraag naar hem terug heb, daarmee wil wachten tot er een telefoongesprek of een ontmoeting volgt, is dat dan een reden om geïrriteerd af te haken? Dat is ook best wel dubbel.
Bijvoorbeeld, een lang verhaal dat hij in 8 jaar tijd zelf een bouwvallige boerderij tot een paradijs heeft omgetoverd. Fijn om daar ook misschien een keer in te mogen vertoeven, maar als je elkaar nog niet ontmoet hebt, wat moet ik daar dan over vragen? Als ik dan ook nog het verwijt krijg, dat ik volgens hem (te)veel tijd en energie heb besteed aan het schrijven van blogs? Dan is het duidelijk, we matchen niet met elkaar.
Ik vraag me sowieso af of lang mailen met elkaar zonder ooit een telefoongesprek om iets uit die e-mails te kunnen toelichten of verduidelijken wel zo'n goed idee is. Een misverstand heb je dan niet zo snel opgehelderd, kan soms niet eens meer, als de ander niet meer wil reageren. Misschien ook wel beter, voordat je dingen naar elkaar gaat mailen, waar je later spijt van krijgt...
Tachtig
Mij kwam toevallig ter ore dat mijn bijdragen als eenpitter hier worden gemist, door sommige mensen tenminste, nou ja, in elk geval door één persoon. En dat doet me deugd. Ik vind het al heel wat dat mijn afwezigheid hier überhaupt wordt opgemerkt. Want ik was dus op vakantie en daarna had het werk zich wat opgestapeld, vandaar. En als eenmaal het ritme weg is, dan dan wordt het een stuk lastiger op de draad weer op te pakken en helemaal als het hoofd er niet naar staat door werkdruk en zo.
Dat geldt in zijn algemeenheid voor alles waar een mens zich wel eens toe moet zetten, waar je moeite voor moet doen. Daarnaast speelt het een rol dat er normaal gesproken niemand naast mij staat om mij aan mijn goede voornemens te houden; een stok achter de deur zou misschien wel helpen (Schrijven jij ! Anders zwaait er wat !) - maar in dat geval zou ik hier op de verkeerde plek zitten ;-). Nee de inspiratie moet meestal uit de tenen komen. Het schijnt dat er hier lieden zijn die hun causerieën uit de losse pols schutdden, maar dat is bij mij niet het geval, het is steeds een uitdaging, die ik met mezef ben aangegaan, om elke paar weken iets passends op – het virtuele - papier te krijgen. Als oefening, voor de voldoening, en natuurlijk is het ook leuk om af en toe met aardige vrouwen in contact te komen.
Wanneer je iets al een tijdje volhoudt, dan neemt de motivatie toe om het lijntje niet te breken. Duolingo, de talen--app die vast bij velen van jullie bekend zal zijn, maakt daar gebruik van door ons aan te sporen om vooral iedere dag tijd eraan te besteden: daardoor bouw je aan een zogeheten ‘streak’ (reeks), het aantal dagen dat je achtereen één of meer lessen hebt gevolgd. Ik zit op negenhonderdzoveel, maar er zijn mensen die een streak van vele jaren hebben. Dat geef je niet gemakkelijk op – ook al weet je wel dat het nergens op slaat, het is puur ‘psychologisch’. Zo werkt het ook, zij het niet zo geraffineerd, met blogs. Is de reeks eenmaal gebroken, dan is de magie van de ‘streak’ weg. En daarmee het psychologische duwtje dat net de doorslag kan geven.
Het zal wel verschillen van persoon tot persoon, hoe gemakkelijk iemand een discipline weer oppakt. Voor de een is het even doorzetten, om op eigen kracht een nieuwe ‘streak’ op gang te krijgen, een ander heeft er geen moeite mee (of begint er niet meer aan, dat kan ook). Het kan ook een kwestie zijn van een zekere rust en focus ervoor vinden. Net als een kar die met moeite in beweging komt, maar eenmaal op gang rolt-ie wel weer verder, daar is minder inspanning voor nodig. Zo moet ik er na een vakantie even inkomen, om weer netjes een maaltijd voor mezelf te koken, dat gaat dan de eerste dagen nog wat rommelig. Maar dat koken zit snel genoeg weer in het patroon, daar is geen aansporing voor nodig. Een mens moet toch eten per slot van rekening. Het is dan geen discipline meer maar een gewoonte. Anders is het bijvoorbeeld met sportactiviteiten, die kunnen wel een duwtje gebruiken, net als blogs. Deze is er in elk geval weer uit. - Ik had het eigenlijk over vakantie willen hebben, daar kom ik misschien nog op terug.
Tachtig, nee niet mijn leeftijd maar dit was alweer mijn 80ste stukje hier, een stuk over stukjes eigenlijk. :-P