Afwijzen en afgewezen wordenâ¦
maandag 7 mei 2018
In allerlei situaties komt het voor, dat we tegen iemand ja of nee moeten zeggen. Dat valt op zich al niet mee. Het begint al als we heel jong zijn. Op het schoolplein is in de pauze een groepje kinderen een balspel aan het doen. Bijna elke dag zijn het dezelfde kinderen, die met elkaar optrekken, en ook aan het ballen zijn. Of ze spelen tikkertje, en misschien tegenwoordig wel een heel ander spel. Een of twee kinderen kijken een beetje sip naar dit groepje. Je raadt het al, zij mogen niet meespelen. Nu zijn kinderen vaak veel directer en eerlijker dan volwassenen. Deze buitenstaanders weten al gauw, waarom ze buitengesloten worden. Soms omdat ze niet goed spelen, maar ook omdat de spelers hen niet mogen. Die rooie, die dikke, dat achterlijke kind: nee, die willen we niet in ons team hebben. Onnodig te zeggen, dat dit voor de kinderen, die niet mee mogen doen heel pijnlijk is. In wezen is het een passieve vorm van pesten.
Wie volwassen wordt zal nog vaker geconfronteerd worden met afwijzing. Sommige verenigingen, clubs hanteren een vorm van ballotage, niet iedereen kan zomaar lid worden. Een overbekende vorm van afwijzing treffen we aan als we werk zoeken. Het aantal afwijzingen na een sollicitatie is meestal vele malen hoger dan de keren, dat je wordt aangenomen. Tenzij…
Tenzij je zoveel te bieden hebt, dat je er uit springt. Een afwijzing gebeurt soms in een vroeg stadium, een andere keer krijg je een afwijzing na een sollicitatiegesprek, en – heel erg – in een enkel geval krijg je je congé na het aflopen van je proeftijd. Dan zit een vast contract e niet in. Gelukkig is er in ons land een vangnet om vooral de financiële gevolgen van die afwijzing enigszins te compenseren. Maar leuk is het niet!
Ik vind, dat het bij deze afwijzing van een baan van levensbelang is, te weten waarom je afgewezen bent. Dan heb je een leermoment. Misschien kun je de redenen van de afwijzing gebruiken voor een nieuwe sollicitatie. Het is zelfs zo dat bepaalde redenen (geloof, ras, sekse, seksuele voorkeur) verboden zijn om bij een afwijzing te betrekken.
Is het bij het daten anders dan bij een sollicitatie of bij een kinderspel?
Ook bij het daten word je vaak afgewezen of je vertelt, dat je geen date met de ander wilt. Net als bij een sollicitatie komt het vaak voor, dat een van beide of beide daters in of kort na het gesprek tot de conclusie komen, dat er geen klik is.
Wat doet dat met alle betrokkenen? Wat betekent het bijvoorbeeld voor het zelfvertrouwen van de afgewezene? Veel hangt af van wat je van te voren verwacht van zo’n afspraak.
Maar ook is het belangrijk, hoe stevig je in jouw schoenen staat. Een afwijzing moet je aan kunnen!
Ik vraag me af, of je iemand altijd kunt vertellen waarom je niets in hem of haar ziet. Bepaalde eigenschappen en met name ook uiterlijke zaken kun je vaak moeilijk op een prettige manier overbrengen. Ooit heb ik gelezen, dat zoiets een slecht nieuws gesprek heet. Om dat te voeren moet je over veel tact beschikken. Hoe doe je dat zonder de ander te beschadigen? Aan de andere kant kan degene, die afgewezen wordt ook voor de date in je profiel eerst lezen, wat jij zoekt; als hij of zij zichzelf daarmee vooraf niet heeft vergeleken, tja… Anders dan bij een sollicitatie is het bij een date niet verboden iemand op bepaalde gronden af te wijzen. Toch blijft het mijns inziens gepast dat op een nette manier te doen.
Het is goed de volgende regel aan te houden: Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet…
Ik wens jullie allemaal fijne dates, mooie gesprekken, en sterkte als je wordt afgewezen of wanneer te het gevoel hebt, dat je met iemand niet verder moet gaan of wanneer je afziet van een ontmoeting. Nu maar even in het Frans: C’est la tone qui fait la musique… : Hoe iets gezegd wordt is bepalend voor hoe iets opgevat wordt.
geplaatst door Aktivo1 - 7276 keer gelezen
Vorige berichten
Kluizenaar
Hij was een lange, al wat oudere heer. Beige overjas met geruite voering, geruite sjaal. Hij overzag de supermarkt als een legeroverste: hij moest hulp hebben, zijn kassa werkte niet. De zelfscankassa’s stonden in een rij op weg naar de uitgang, en ik liep er langs met mijn boodschappen. Broccoli, melk, kefir, havervlokken, bananen, elastiekjes, linzenwafels met cacao. Zelf had ik afgerekend bij een praatgrage werkstudent. De heer keek mij aan. ‘Misschien kan ik u helpen’, zei ik. Nou nee, hij had liever een winkelbediende want de kassa werkte niet. ‘Dus als ik u kan helpen ligt het aan u, en dat heeft u liever niet?’ Dat vond hij wel grappig; hij liet mij dus zien dat de kassa echt niet werkte. Hij duwde hard op het broodje van zijn keuze, en nog een keer en nog een keer. ‘Het is een touchscreen, misschien werkt dat wel als u het plaatje heel licht aanraakt?’ Hij raakte het plaatje heel licht aan. De kassa werkte wel - wat hij gelukkig ook grappig vond. Je weet het niet, hè? Ik ben immers getrouwd geweest met een man die in zo'n geval razend zou worden.
De narcissen bloeiden uitbundig in het gras langs de singel, en de straatdichter zat weer op zijn plek in het park. Zwarte donsjas, pet met grote klep. Zijn ‘gekust worden door de kust’ zingt door mijn hoofd, het gedicht dat hij twee keer speciaal voor mij heeft voorgedragen. Waarom voel ik mij nu ongemakkelijk? Zelf ben ik immers netjes omgegaan met zijn teksten? Hij zit geconcentreerd te typen en ik loop door. Thuiskomen met een zak kleikorrels, dat is mijn missie; de goudpalmen hebben een grotere pot nodig en ik zweer bij een laagje nieuwe kleikorrels onderin de pot. Op de stoep voor de tweede supermarkt (bij de eerste was de kar met zakken kleikorrels leeg) spreekt een jongeman mij aan. Sleetse tweed winterjas, collectebus. ‘Bent u een hondenmens?’ ‘Nee, ik heb de pest aan alle honden behalve aan hulphonden.’ ‘Dan bent u een mensenmens.’ Slim gezegd, jongeman, ook mensenmensen geven immers gul voor blindengeleidehonden? Maar ik weet niet wat dat inhoudt, een mensenmens zijn, hoe kan ik dan weten of ik zo’n mens ben? Ik heb zelfs nog nooit een date gehad met een mensenmens! Een collecte-mens ben ik niet, dat weet ik zeker. Gevalletje gereformeerde jeugd? We zeggen elkaar vriendelijk gedag, de jongeman en ik.
Ook in deze supermarkt is de kar met zakken kleikorrels leeg. Uiteindelijk kom ik thuis zonder kleikorrels, via de inmiddels gesloten bouwmarkt en nog een supermarkt met een lege kar. In de schuur sla ik met een hamer twee stenen bloempotten aan stukken. Prima kleikorrels! Ik ben, negen kilometers lang, lopend op weg geweest naar perfectie, en eenmaal thuis neem ik genoegen met scherven…
Mijn reeks wandelingen op weg naar de grote finale krijgt een herstart, begin mei. ‘OK THP anterieur klinisch - narcose’ heet de herstart. Een nieuwe heup, toch. Drie maanden van betrekkelijke rust heb ik daarna nodig, en dan mag ik nieuwe schoenen kopen van mezelf en ga ik weer aan de wandel. Hoop ik. Denk ik. Naast het fysieke, is er immers het mentale herstel - en misschien wil ik na die operatie juist liever een kluizenaar zijn. Lezen, tekenen, schrijven, kleuren, Netflix, mezelf gedichten voorlezen. Het kan maar zo. Ik ben nu een wandelaar (en een schrijver, volgens de straatdichter), en dat is ook niet de vrouw die ik ooit dacht te zijn.
Meeuwen
Ze zijn er weer. In groten getale wel te verstaan.
En ze gaan als idioten tekeer. Je zou denken, ze doen wat alle vogels doen rond deze tijd: verkrachten en verkracht worden, nesten en dan maar hopen dat er wat uit zo'n ei komt en dat het kroost niet bij de eerste vliegles ter aarde stort om daar tot meeuwenpuree te worden vermalen door een juist passerende auto. Wij van Scheveningen denken dan: mooi, weer een minder. Maar dat geheel terzijde.
Ja, ze doen hetzelfde. Ook voor de meeuwen is de paringsperiode begonnen en het broedseizoen aanstaande, maar ze doen het wel opvallend anders.
Ze vliegen met zijn allen als gekken door de lucht. Ze achtervolgen elkaar, halen daarbij de meest acrobatische toeren uit en dat allemaal vergezeld door luid geschreeuw. Het doet niet onder voor een film uit de Tweede Wereldoorlog waar de fouten en de goeien elkaar in het luchtruim bevechten en elkaar uit het zwerk proberen te schieten.
Bij die meeuwen is het dubbel. Het is een combinatie van hofmakerij en territoriale strijd. Ze maken heel veel ophef om een andere meeuw te imponeren, maar ze doen het ook om hun territorium af te bakenen en een plek te claimen.
Ja, ik ben geen meeuw, dus ik heb geen flauw idee wanneer ze het een en wanneer ze het ander doen. Misschien doen ze het wel allebei tegelijkertijd.
Nu ik er zo eens over nadenk, het lijkt hier soms net een meeuwenkolonie.
Circus
Veel mensen worden hoe ouder hoe cynischer, romantiek beschouwen ze als een illusie,hun grote liefdes zijn voorbij of nooit gekomen, de lat leggen ze laag of sommigen lijken zelfs nooit een lat bezeten te hebben. Dat is begrijpelijk, het leven zit vol teleurstellingen en soms is het moeilijk daaroverheen te komen. Ook zijn we niet allemaal gezegend met een sterk innerlijk kompas, waren het niet allemaal vergissingen en misverstanden, die keren dat we dachten met echte liefde te maken te hebben? Zolang je nog energie hebt en een baan en een doel in het leven is het ook makkelijk praten misschien, maar zou ik ook nog zoveel praatjes hebben als ik totaal futloos met kwalen achter mijn rollator loop en mijn enige plezier nog is om mij tegen het leven van mijn kinderen aan te bemoeien?
Kortom, toen ik mij hier als gratis lid registreerde, sprak ik mezelf toe er niet teveel van te verwachten, nooit geschoten is altijd mis, een klein sprankje hoop op een soulmate had ik nog wel maar veel was het niet. Een echte knapperd hoefde het van mij niet te zijn, maar iemand om mee te fietsen en te kamperen, zou dat nog tot de mogelijkheden behoren? Her en der gooide ik een proefballonnetje op, de meeste heren schrokken zich een hoedje van mijn onbesuisde ideeen maar er was er eentje, die schreef dat hij het niet uitsloot om met mij te fietsen van Zweden tot Zwolle, als ik maar eerst met hem in een museum wilde dwalen:) Vijf april zou het gaan gebeuren, dus dat duurde nog even, intussen konden we elkaar alvast het hemd van het lijf vragen per brief!
Nou wilde het toeval dat ik op een zonnige dag met mijn jongste dochter de trein naar Zaandam pakte, een paar weken voor die bewuste museumafspraak, toen er een appje binnenkwam: hij was ook onderweg naar Zaandam, om met zijn favoriete nicht zijn tachtigjarige tante in het verpleegtehuis te gaan bezoeken! Het zweet brak me uit, mijn dochter zat met betraand gezicht tegenover me dus ik kon niet rechtsomkeerd maken, maar ik keek elke voetganger indringend aan, was dit misschien mijn toekomstige date? Ik had wel een vage foto gezien maar je weet hoe het is met die datingsites, de meeste foto's kloppen totaal niet of zijn van jaren terug, was het die vent in dat rode jasje??
Wat een onzin ook, er waren zoveel straten, de kans dat hij precies in de mijne liep was klein toch?? Daar, dat was hem, aan de overkant, daar liep hij met zijn nicht! 's Avonds schreef ik hem een lange brief, over alle zaken die ik tijdens de eerste date wilde vertellen, die date was immers al geweest nu en hij wist daar vast niet vanaf, of toch wel?
Enkele maanden later zaten we op een terras de vakantieplanning door te nemen. In plaats van Zweden was het de romantische stad Praag geworden, ook niet verkeerd, en de fietsen gingen natuurlijk in de achterbak mee! "Als het echt zo zou zijn, dat jij mijn soulmate bent, wat ga jij dan in vredesnaam doen op de avonden aan de campingtafel wanneer ik mijn boeken lees?" Hij was er nog zo zeker niet van, of ik wel de ware was, want hij had zich daar al zo vaak in vergist. Sinds mijn geboorte heb ik me nog nooit verveeld, het leek me vrij zeker dat wij ons prima zouden vermaken samen, ter geruststelling pakte ik een bol wol in en twee naalden, die ik nooit nodig kreeg:)
Het werd een topvakantie, het grootste probleem was nog wel het thuiskomen. "We kunnen ook gewoon niet naar huis gaan, we hebben toch alles bij ons? Hier leven we heerlijk in onze bubbel, maar thuis is het gewone leven en daar zijn ook al die andere mensen en dan kan de magie zomaar voorbij zijn?" Dat leek me niet, deze magie ging niet zomaar voorbij, ik begon al te broeden op de volgende reis samen, er was nog zoveel moois dat ik wilde laten zien! En steeds weer gebeurden er van die wonderlijke toevalligheden, die mij bevestigden dat wij soulmates waren. "Hoe kan het dat je dat zo zeker weet? Is het niet meer dat je het gewoon graag wil en jezelf fopt?"
Het moge duidelijk zijn, het betreft hier een volbloed twijfelaar die voor alles een strategisch plan B achter de hand wil hebben. Elk rookwolkje, elke geitenlever en iedere zwarte kat die onder een ladder doorliep ziet hij weer als een voorteken dat alles voorbij zal zijn, dat ik net zoals de anderen weer met het circus verder zou trekken. Inmiddels drie jaar verder hebben we ons nog nooit verveeld en nog nooit ruzie gehad. Dit jaar onze derde grote reis en ik mag de route uitstippelen:) Tenminste, als het maar niet door een dictatuur gaat. En niet superheet natuurlijk. En ook liever niet vliegen. Op het familiefeest, vertel ik dat ik me er al enorm op verheug, zullen we ze na de vakantie meenemen naar een expositie? Goed plan! Alhoewel, na de vakantie krijgen we misschien wel ruzie?
"Soms maak je het er wel naar he? Je mag blij zijn dat ik altijd zo loyaal ben, wat voor onzin je ook uitkraamt!" "Jij loyaal, nee ik ben pas echt loyaal!" Ik denk even na of dit een weddenschap of competitie waard is. "Zou het zo kunnen zijn, dat we allebei kampioen loyaal zijn?"
Zondag was het weer eens raak. Ik had helemaal niets gezegd over waar ik heen zou gaan, en hij ook niet, maar het was Rijswijk. En jullie raden al wie daar ook toevallig op een zonnige dag heen was? Ik zou bijna zeggen, soulmates, maar ik doe het maar niet want dan begint hij vast weer over dat circus: