Oude liefde roest niet of toch wel??
donderdag 21 februari 2019
Mijn gevoelens bij het daten bewegen zich over verschillende periodes in mijn leven.
De toekomst: ik ben ingeschreven bij deze datingsite, en dat betekent dat ik op zoek ben naar een nieuwe partner, een maatje in mijn leven.
Het heden: Ik moet met beide benen op de grond staan, mij niet vastklampen aan valse illusies, en het leven beleven. Het kostbaarste en tegelijkertijd ook minst grijpbare is de tijd. Deze vierde dimensie in mijn bestaan moet ik zo goed mogelijk gebruiken. Verspilde tijd is een doodzonde.
Het verleden: In wat er ooit gebeurd is ligt een basis voor het nu en voor wat er op me wacht.
Ook al zou ik graag dat verleden willen laten rusten, toch kan ik me er niet geheel van losmaken. Door dingen, die zich nu afspelen word ik herinnerd aan mijn verleden.
Feit is, dat de meeste keren, dat ik een afspraakje had, het bij één of hooguit twee ontmoetingen bleef. Tenzij er iets bijzonders gebeurde, of wanneer degene, met wie ik had afgesproken, veel indruk op me had gemaakt. Van die enkele date, die uitmondde in een langer contact blijven wel de belangrijkste dingen in mijn geheugen gegrift, maar de vrouw, waarmee ik ruim drie jaar een relatie had nadat ik wettelijk gescheiden was zal ik nooit kunnen vergeten.
De herinnering is een aspect bij een “oude liefde”, en welk gevoel er bij me opborrelt als ik terugdenk aan wat ik die tijd met mijn vriendin meemaakte is van een hoger niveau. Pas een paar jaar later merk ik, hoe moeilijk het is je aan dat gevoel te ontworstelen. Misschien komt dat, omdat je van iemand alleen de fijne dingen wil onthouden, als je van haar echt hebt gehouden..
Wanneer je elkaar na een paar jaar weer ergens terug ziet, bijvoorbeeld bij een reünie of een concert – zo overkwam dat mij – merk je, dat niet alleen in jouw leven maar ook in dat van de ander heel wat gepasseerd is.
Zelf had ik wat dates en leuke vakanties gehad. Mijn ( nu ex-) vriendin was er niet in geslaagd als zzp-er aan de bak te komen, en er was bij haar een ongeneeslijke ziekte vastgesteld, een ziekte die weliswaar langzaam maar ook onvoorspelbaar verloopt. Dat wisten we niet toen onze relatie eindigde. Ik had met haar te doen toen ik dit bijna een jaar geleden van haar persoonlijk hoorde. Zo’n onzekere en verontrustende toekomst wens ik haar niet toe. Daarbij vertelde ze ook, dat ze een nieuwe liefde had ontmoet, hoewel ze er niet zeker van was, of dit nu wel de man zou zijn, waarmee zij de rest van haar leven verder kon en wilde gaan. Maar als kers op de taart: Ze was heel verheugd over haar dochter, die bevallen was. Haar eerste kleinkind, waar ze met hart en ziel naar had verlangd, was ter wereld gekomen.
Ik voel dan medeleven met haar, geen medelijden, want het is mijns inziens verkeerd iemand als zielig weg te zetten in je herinnering. En tegelijk ga ik dan filosoferen: Hoe zou het gegaan zijn, als onze relatie stand had gehouden? Had ik dan genoeg liefde voor haar kunnen opbrengen om haar te steunen in letterlijk lief en leed? Hoezeer mis ik haar nu in mijn leven, en kan een nieuwe liefde bij mij dat gemis opvullen?
Wederom een open einde. Maar ik weet zeker dat er anderen zijn die het net als ik moeilijk hebben met deze gevoelens. Die heb je niet alleen als je partner overlijdt of als je gescheiden bent, maar ook als je een langere weliswaar niet “officiële” relatie had. Wie het net als ik moeilijk heeft met de herinnering aan een oude liefde, ook al ben je letterlijk uit elkaars zicht, voel je vrij om te reageren.
geplaatst door Aktivo1 - 5253 keer gelezen
Vorige berichten
Single Story: de Minimalist
"Minder."
“Dat is het. Het hele antwoord.”
“Mensen vragen me wat ik zoek in een vrouw. Ik zeg dan: ‘Minder’. Ze denken dat ik een grapje maak. Ik maak nooit grapjes. Een grap is een omweg. De kern is een rechte lijn. Daarop is geen ruimte voor meer.”
“Kijk, ik snap het wel. Ik zit op zo’n datingsite voor 50-plussers. Dan wordt er iets van je verwacht. Een profiel. Een verhaal. Een etalage vol met je beste zelf. Ik heb één foto. Zwart-wit. En twee zinnen: ‘De rest ontdek je. Of niet.’ Dat is geen luiheid, dat is een filter.”
“De meeste mensen zijn ruis. Ze vullen de stilte op met hobby's, vakanties, lachende foto's met vrienden. Voor mij is dat allemaal ballast. Als je zes foto's nodig hebt om te laten zien wie je bent, ben je een collage. Ik zoek geen fotogalerij. Ik zoek een portret. En dan ook nog uniek.”
“Soms denk ik: waarom doe ik dit eigenlijk? Mijn leven is af. Mijn huis is een selecte verzameling keuzes. Elke stoel, elke lamp, elk koffiekopje heeft zijn plek verdiend. Gewoon door alles te zijn wat het moet zijn en niets meer dan dat. Het is hier rustig. Gecontroleerd. Een tweede persoon is per definitie een verstoring. Een onvoorspelbare onbekende.”
“En toch… Soms, in de volmaakte stilte, ontstaat van binnen een levensvraag. Geen schreeuw, meer een verraderlijke echo van mijn innerlijke wens. Het kennelijk ontembare verlangen naar een zielsverwant. Naar een vrouw die binnenstapt, de ruimte overziet en niet vraagt: ‘Waar is de rest?’, maar knikt. Begrijpt. Ziet dat dit geen leegte is, maar helderheid. Dat verlangen is de enige onrust die ik in mijn leven tolereer.”
“Laatst had ik een match. Een vrouw met een profiel vol vragen die ik kon billijken. Ik stuurde één woord: ‘Koffie?’. Haar antwoord was een volzin: "Goed idee; wanneer en waar?". Een paar dagen later zaten we tegenover elkaar. We hadden nog geen vijf minuten gesproken of ze had al drie onderwerpen aangesneden: haar werk, haar kat en een vakantie naar Kreta.”
“Ik keek haar aan en zei: ‘Laten we eerst deze koffie proeven. Dat is het enige wat nu echt gebeurt.’ Ik wachtte even. ‘De rest moet nog komen.’ Toen werd het stil. ‘Goed’, dacht ik. ‘Eindelijk.’ ‘Essentie.’ Ineens stond ze op en liep ze weg. Daarna hebben we elkaar nooit meer gesproken.”
“Een vriend van me vroeg laatst: ‘Maar wat zeg je dan als je voor het eerst een bericht stuurt? In je profiel geef je nauwelijks informatie.’ Hij snapt het niet. De ultieme verbinding ontstaat niet in wat je zegt, maar in wat je niet hoeft te zeggen.”
“Mijn openingszin is dus geen zin. Het is één woord. Dat woord kan variëren. Maar als ze terugvraagt wat ik ermee bedoel, is het kansloos. De juiste vrouw snapt de vraag die niet gesteld wordt, of in elk geval de impliciete betekenis. Dat is de verbinding die ik zoek. En zelfs dan is er geen garantie. Voor mij is minder nu eenmaal het meest.”
Deze Single Story is fictief. Het verhaal is 'opgetekend' in Grand Café 'De Nieuwe Kans', dat alleen op digitaal papier bestaat. Dat het allemaal verdacht veel op de werkelijkheid lijkt, is puur toeval. Maar misschien ook niet...
Genieten van Groei
**Maandag geschreven**
Vandaag had ik mijn eerste powervrouw training.
En jemig, wat heb ik ervan genoten en wat was het leuk!
En dat terwijl ik vanochtend in eerste instantie in frisse weerstand zat om te gaan. Niet zozeer dat ik serieus overwoog niet te gaan. Dat dan weer niet. Maar de weerstand was er wel.
Echter, hoe later het werd, hoe meer zin ik er in begon te krijgen.
Dat was al een eerste nieuwe ervaring voor me. Een stukje groei.
Deze bijeenkomst was vooral kennismaken door je kort voor te stellen en dan met elkaar wat leuke oefeningen te doen. Hierdoor leerden we elkaar ook echt al een beetje beter kennen en kwam er ontspanning en voor mij een gevoel van saamhorigheid.
Dat laatste had ik eigenlijk al bijna meteen omdat op één na alle vrouwen ook single zijn. Dat had ik eigenlijk niet verwacht.
Met de oefeningen merkte je meteen ook wie onzeker was, gevoelig, en wie ook soortgelijke interesses heeft als ik.
Van één had ik dat finaal niet verwacht, dus dat was een hele mooie ervaring.
Ik had me voorgenomen heel open de groep in te stappen. Geen oordeel over niemand, want oordeel komt alleen uit onzekerheid en gebrek aan zelfliefde. En gezien ik toch zeven jaar pestverleden achter me heb, kunnen zulke dingen soms nog een beetje de kop opsteken.
Met één oefening moesten we achter een streep op de vloer gaan staan. We kregen dan vragen en als het antwoord erop voor jou “ja” was, stapte je over die streep.
Er waren simpele vragen als, “wie heeft er huisdieren?” maar ook “ben je een powervrouw?”
Met die laatste vraag stapte ik zonder enige twijfel, en als eerste, naar voren over de streep. Ik moet zeggen dat ik wel verbaasd stond over mezelf. Maar het kwam echt uit mijn tenen. Ik hoefde er niet over na te denken, voelde me niet onzeker erover, het was echt een “Ja, dat ben ik!”
Nog niet zo heel lang geleden zou ik eerst afwachtend zijn blijven staan. Even kijken of iemand anders naar voren durfde te stappen op die vraag. Nu niet meer.
Weer zo’n gevoel van “wauw!” met lichte verbazing. Zoals gezegd steekt zeven jaar pestverleden soms nog de kop op. Ik heb daar door de decennia al veel aan gewerkt. Blijkbaar heb ik er wéér een grote stap in gezet.
En ik voel me buiten dat ook echt gewoon een powervrouw. Geen harde bikkel. Dat is geen powervrouw. Maar een vrouw met zachte kracht, wetend wie ik ben en waar ik voor sta. Rechtop, in mijn kracht en mijn licht uitstralend.
Dan vang je ook veel “wind” en dat is me ook niet vreemd. Maar ondanks dat verrek ik het mezelf klein te maken uit angst daarvoor. Ik sta!
Daarmee zie en voel ik ook de groei die ik doorgemaakt heb als vrouw en op gebied van vrouwelijkheid, vrouwelijke kracht.
Daar ben ik ook al héél lang mee bezig. Al bijna twintig jaar. Sinds me ooit verteld is dat ik een zielentaak heb op het gebied van het vrouwelijke.
Ik kon daar toen alleen nog niets mee. Het resoneerde absoluut, maar wat en hoe, daar kon ik mij geen helder beeld van vormen. Dat is door de jaren heen gegroeid.
Daar zat dan een flink stuk persoonlijke groei in, wat ik ironisch genoeg voor een deel te danken heb aan een hele nare relatie met een narcist. Omdat met hem niets werkte, ben ik na gaan denken. Zo van, “waar zit het hem nou in?” Dat heeft me achteraf gezien op het juiste pad voor mij gezet.
Later groeide dat stuk vrouwelijkheid uit tot me enthousiast verdiepen in het vrouwelijke & het mannelijke. Dat stuk is nog altijd in ontwikkeling. Ik ben daar de laatste tijd ook weer actief zoet mee, dagelijks.
Een aantal jaren terug heb ik er een aantal coaching cursussen in gegeven aan vrouwen, met heel mooi resultaat.
Toch is alleen dat doen ook niet mijn roeping en dus niet vervullend. Eén aspect ervan kan het wel zijn.
Maar effe terug naar die training. Waar ik me realiseerde, en ook uitgesproken heb, was dat het zo goed voelde. Normaliter werd ik met het voorstelrondje in een groep tijdens een workshop toch altijd verlegen. Ik kreeg dan altijd ook een kleur wat ik erg vervelend vind omdat het me herinnert aan de dagen van mijn pestverleden.
Maar dit keer met het voorstellen, had ik dat helemaal niet?
Normaal hou ik me in groep ook altijd op de achtergrond. Ook dat gebeurde dit keer niet. Ik was gewoon mezelf. Een aantal keren heb ik bewust niet meteen mezelf geuit. Het is duidelijk dat velen toch wat aarzelend zijn daarmee, terwijl ik daar zelf helemaal geen moeite mee heb, mits ik mezelf veilig voel.
En ik heb denk ik zo’n flink stuk groei doorgemaakt dat ik me eerder veilig voel dan vroeger. Hoe lang geleden “vroeger” dan was, weet ik niet.
Maar voor mij echt een eye-opener, een opsteker.
Ik ging dan ook met een heel goed gevoel weg. Buiten nog even met één mede-cursiste gekletst tot zij naar haar werk moest. Ze zei, “leuk je te hebben leren kennen!”
Wauw!
Er gaat een soort wereld voor me open. Hoe leuk het kan zijn om onder de mensen te komen, ook in een groepje vrouwen wat toch niet altijd even vriendschappelijk eraan toe gaat.
Hoe anders dingen gaan als je zelf goed in je vel zit en niet onzeker bent.
Ik ben tot ver in mijn volwassen jaren altijd heel onzeker en verlegen geweest. Voor mij is dit echt geheel nieuw.
Ik hoop dat deze training me nog veel meer mooie ervaringen gaat geven.
Dat neem ik mee mijn leven in, en met daten!
Niet snoepen tussen de scherven
Op een vrijdagmiddag was ik twee uur onder de pannen in Flevopoort in Amsterdam-Zeeburg voor een editie van het Danspaleis. Er waren veel bekenden en met een van de vrijwilligers mocht ik een perfecte rumba dansen.
Na een paar uur dansen repte ik mij naar de uitgang omdat ik ditmaal met tram, bus en een stukje fietsen op tijd in Haarlem wilde zijn, waar ik voor het eten met een groepje had afgesproken. Opeens viel mijn oog in de straat naar de tramhalte op een bijzonder tafereeltje.
Ik zag op de stoep een glazen weckpot, of eigenlijk wat er nog van over was, overal lagen scherven, maar ik zag ook de inhoud van de pot overal op straat liggen. Snoepjes ingepakt in glimmende papiertjes met alle kleuren van de regenboog. Ik had op de heenweg dezelfde route gelopen en deze verspilling van snoeperij toen niet gezien, daarom moest de teloorgang van de pot met snoep niet zo lang geleden gebeurd zijn.
Zou een kindje, dat de pot met inhoud uit zijn knuistjes liet vallen in tranen uitgebarsten zijn? Of was de pot uit een overvolle fietstas gevallen zonder dat de fietser / fietsster het gemerkt heeft? Ik heb een foto van het stilleven gemaakt, zoveel snoep op de stoep… Ik moest mijzelf inhouden om geen snoepjes op te rapen en mee te nemen of zelfs uit te proberen.
Ik was terughoudend, omdat er een zij het geringe kans was dat er “iets” met de snoepjes niet in de haak zou zijn. En, wie weet zou de echte eigenaar van het lekkers toch nog langs komen om de inhoud van de pot die in scherven lag op te halen. Toch raakte dit alles mij wel.
In Haarlem schoof ik keurig op tijd aan tafel. Ditmaal stond er goed gevulde Chinese kippensoep met mie en stokbrood met kruidenboter op het menu. Toen ik eenmaal aan tafel zat viel mijn oog op een schaaltje waarin – je raadt het al – in kleurige papiertjes gewikkelde snoepjes lagen. Toeval? Ik heb toen maar zo’n zuurtje geconsumeerd als compensatie van de gemiste Amsterdamse lekkernijen en als voorafje voor het eigenlijke eten. Ik legde in gedachten een linkje met de snoepjes in Amsterdam (afblijven!) en de zuurtjes op het schaaltje op de eettafel (snoepen toegestaan) enerzijds en aan de andere kant een ontmoeting met iemand, die bezet is en waar ik geen persoonlijke interesse voor mag tonen en iemand, die vrij is. Hoewel die vergelijking vergezocht is kon ik ‘m niet uit mijn hoofd krijgen.
Hoe vaak komen u en ik in ons leven dingen en situaties en ja, ik kan er niet omheen draaien, relaties tegen die in scherven liggen. Tussen die scherven liggen ook mooie dingen. Soms hebben we de breuk, die de oorzaak was van die scherven live meegemaakt. In het ergste geval zijn we bij die breuk betrokken geweest. Het is al heel wat, dat we van die breuk getuige waren. Maar verder?
Het is heel begrijpelijk om empathie te tonen en contact proberen te leggen met iemand, wiens relatie nog niet zo lang in scherven ligt of wiens partner vrij kort geleden overleden is. Het zijn geen verboden vruchten. Dan doe je dat om de ander te troosten, maar die ander is wel heel kwetsbaar. Hoe ligt dat gevoelsmatig? Moet je geduld hebben, moet je een tijdje afstand nemen? Voor alle duidelijkheid, contact zoeken in dit geval en iemand benaderen, die nog in een relatie zit zijn twee verschillende situaties! Soms weet je bij een eerste afspraak niet veel van de voorgeschiedenis van de ander. Verder kunnen sommigen hun verleden gemakkelijker achter zich laten. Is dat misschien iets om bij die eerste date aan elkaar duidelijk te maken? Kun je beter daten met iemand, die geen recente relatiebreuk had?
Ik vond het achteraf goed dat ik in Amsterdam geen hand heb uitgestoken naar de snoepjes. Trouwens, ik ben geen “hoarder” (Engels voor verzamelaar van gevonden voorwerpen). Maar ik raakte mijn nieuwsgierigheid naar het verhaal achter dit kleine drama niet kwijt.
Wanneer in mijn omgeving een relatie stopt moet ik heel goed nadenken, hoe ik hier op reageer en ook of ik er op reageer. Mijn reactie is niet altijd welkom…
Kortom: de zegswijze “Scherven brengen geluk” is een zoethoudertje, voor mij heeft die spreuk geen waarheid in zich..