De duiventil - kom maar in mijn hokkie?
maandag 1 juni 2020
Ik woon al 14 jaar in een beneden appartement. Naast mij woont een jonge onderwijzeres, en boven haar appartement en mijn woning zijn nog twee etages. Mijn buurvrouw en ik zijn de enige eigenaar-bewoners van het complex, de bovenetages zijn eigendom van twee andere personen die de woonruimte verhuren.
De bewoners van de etage boven mijn appartement zijn vrijwel zonder uitzondering starters. Stelletjes, die voorheen na in hun tienertijd jarenlang apart bij hun ouders gewoond hebben, daarna als tussenfase vaak in een studentenhuisvesting bivakkeerden en nu voor het eerst hun eigen stekje konden huren. Hoewel deze jongelui, twintigers er qua privacy een stukje op vooruitgaan vraag ik me af, of dit ook geldt voor het wooncomfort.. Met z’n tweetjes eenzelfde oppervlakte delen als waar ik zelf in mijn uppie over beschik lijkt me op den duur vrij ongemakkelijk. Uiteraard, als ik zo’n situatie vergelijk met de huisvesting van gezinnen in derde wereldlanden valt dit nog mee..
Het is eigenlijk heel begrijpelijk dat zo’n stelletje niet echt lang op zo’n etage blijft wonen. Ze gebruiken een paar jaar om als tweeverdiener te sparen, waarna er een eigen behuizing elders wordt gekocht. Om die reden vergelijk ik de etages boven mijn appartement vaak met een duiventil. Met dit verschil, dat in zo’n hok voor koerende vogeltjes nog wel eens eieren gelegd worden, die tot jonge tortelende gevederde vriendjes leiden; daarvan is boven mij geen sprake. Gelukkig is het contact met de bovenbuurtjes door de band genomen redelijk, afgezien van die keer, dat van hun balkon een geopende verfpot in mijn tuin en op mijn terras viel (het duurde maanden voordat alle gele strepen weg waren) en een ander moment, dat de kat van een van de bovenburen ongemerkt mijn huis ingeslopen was. De ravage die ik ontdekte bij thuiskomst was aanzienlijk…
Er zijn andere situaties denkbaar, die ook met een duiventil te vergelijken zijn. Het is een beetje een ontwikkeling in de tijd. Langdurige dienstverbanden bij een bedrijf zijn steeds meer not - done. Het is goed voor je c.v. als je meer dan eens een carrièreswitch maakt tijdens je werkzame leven. De tijd van dienstverbanden van 40 of zelfs 50 jaar, die in de eerste jaren bij het bedrijf waar ik werkte heel gewoon waren behoort tot het verleden. De bijbehorende feestelijke recepties van die jubilea waren overigens heel gezellig..
In het verlengde hiervan is mij en waarschijnlijk ook u als lezer opgevallen, dat ook langdurige verbintenissen in de vorm van een huwelijk of geregistreerd partnerschap tegenwoordig minder vaak voorkomen. Er zijn veel meer eenpersoonshuishoudens dan pakweg 30 jaar geleden, het aantal echtscheidingen is hoog.
Vooral mannen laten het er na zo’n verbroken relatie niet bij zitten. Ze maken tegenwoordig gebruik van de gewone mogelijkheden om weer met een dame in contact te komen, maar vooral van de digitale wereld. Een fenomeen als Tinder biedt perspectieven, en dan komt de vergelijking met een duiventil om de hoek sluipen. Want Tinder is snel maar meestal ook lichtvoetig, voor veel mannen geldt dan: In ieder stadje een ander schatje. De verbintenissen zijn vaak geheel anders dan serieuze relaties. Overigens kan dat ook gebeuren als iemand een partner ontmoet via een reguliere datingsite..
In een duiventil vindt de doffer (mannelijke duif), die komt aanvliegen niet alleen zijn liefje maar ook zijn natje en droogje. Uiteraard moet bij een echte duiventil de duivenhouder hiervoor zorgen. In het door mij geschetste hok vindt de aanvliegende duif zijn gedekte tafel en opgemaakte bedje vaak verzorgd door het duivinnetje. Tenminste, zo is het in veel duiventillen…
De zekerheid in een relatie is minder dan vroeger. Ik zag net een stukje van de conference “Je hebt ja gezegd” van Tineke Schouten, geplaatst in de algemene chat. Daarin vergelijkt ze mannen met Typex. Hoezo? Een man is eerst helemaal je type, en daarna is het je ex… Maar dat geldt ook voor vrouwen…
geplaatst door Aktivo1 - 2878 keer gelezen
Vorige berichten
Een verrassend gesprek
Ondraaglijk.
Het is weer het weer. Niets anders wordt zoveel besproken. Om een gesprek te beginnen, om te klagen, om te zeggen hoe heerlijk het weer weer is. Het weer is altijd wel een aanknopingspunt voor een praatje. Tegen een voorbijganger. Tegen een vreemde. In de winkel, of waar, of tegen wie dan ook. In het voorbij gaan: Mooi weer hè! en… Koud hè! Op elk moment, op elke plaats. Je kunt het zo gek niet bedenken.
Maar op dit moment is het allerminst koud. Code rood in het gehele land. Hitterecords in Nederland en Europa. Zelfs mijn laptop had het een week geleden begeven. Maar dat kwam niet door de hitte. Op dit moment van schrijven op deze vroege zondagochtend, na hevige onweersbuien afgelopen nacht, is het voldoende afgekoeld om deze laptop in te wijden met mijn blog.
Om toch iets aan beweging te doen stapte ik afgelopen dinsdagmorgen om half acht op de fiets. Het was nog heerlijk koel. Aangenaam voelde het aan. Afkoeling vind je bij warm weer dikwijls aan het water, Op dit eiland, de Hoeksche Waard, hoef je daar niet ver voor te gaan. Ik nam plaats op een bankje aan de rivier de Dordtse Kil. Ik houd van de bewegingen op het water. Diverse schepen te zien, die verschillende goederen vervoeren. Plezier jachten waarop mensen luierend liggen op het achterdek en soms zwaaien naar mensen op de wal. Net zoals op stations mensen in treinen te zien aankomen en vertrekken. Ieder met een eigen verhaal, waar ik alleen maar over kan fantaseren. Fantaseren over verhalen van mensen met grote koffers, verliefde stelletjes, oudere echtparen. Mensen met een aktentas op weg naar het werk? Bij het volgen van dit alles kan ik mij nooit vervelen.
Een hond kwam naar mij toegelopen en ging zuchtend aan mijn voeten liggen. Even later kwam de eigenaar naast mij zitten Hij wees naar de witte labrador aan mijn voeten. “Zij heeft het ook warm.” En natuurlijk ging het over de hitte en het warme weer wat ons deze week nog te wachten stond. Opeens merkte hij op: “Jij komt hier ook niet vandaan?” Deze vraag wordt mij wel vaker gesteld. Klaarblijkelijk zijn enkele aspecten van het dialect uit de regio Salland niet geheel verdwenen. Er ontsproot zich een leuk gesprek tussen ons over onze afkomst. Veelal herkenning van de omgeving, de plaatsen, de natuur en dat rivier de IJssel zo’n mooie plek is om aan te vertoeven. Zijn moeder bleek afkomstig te zijn uit Zutphen, zijn vader uit Vlissingen. Hij was geboren in Ommen. Evenals ik had hij na zijn jeugdjaren nog gewoond in Zeeuws Vlaanderen. Hij kende mijn vroegere woonplaats Philippine goed. We bleken allebei meer van de weidsheid en het water te houden dan van de bossen. Hoewel de regio Salland en de Achterhoek natuurlijk ook prachtig zijn. Daar waren we het ook wel over eens. En… last but not least: Hij blijkt in dezelfde woonplaats te wonen als ik. Afijn, hoe interessant en leuk ons gesprek ook was, het werd te heet voor mens en dier. We zaten in de volle zon en er was weinig wind. We namen afscheid. Zijn woorden: “Misschien komen we elkaar nog eens tegen.”
Je weet maar nooit! Het was in elk geval een spontane, verrassende ontmoeting. Een leuk gesprek vol met herinneringen, wederzijdse herkenningen door onze geboortes in dezelfde streek en de gebieden waar we gewoond hebben.
Liefs,
Monique
Open tuinen weekend
Afgelopen weekend kon ik in Heiloo een aantal mooie tuinen bezoeken die aan het open tuinenweekend van Groei en Bloei meededen. Op internet kon ik de adressen vinden en ook of de tuin op zaterdag of zondag open was. Mijn festivalmaatje heeft ook een grote tuin en wilde wel met me meegaan. Onze fietsen ingeladen in zijn bestelbus en met de uitgeprinte adressenlijst + overzichtskaart hoe er makkelijk te komen naar Heiloo. De auto in de schaduw neergezet en verder met de fiets op stap.
De trotse eigenaren gaven zelf een rondleiding door hun tuin om toelichting te geven over de prachtig aangelegde borders met bloeiende heesters en fleurige bloemperken. Ze wisten ook bijna alle namen van de soms zeldzame planten in hun tuin. Ik moest af en toe best lachen om de Nederlandse benaming van sommige planten. Ik had bijvoorbeeld nog nooit gehoord van de plant Schout bij Nacht en ook de plant Jan op de Preekstoel was mij volledig onbekend. De topper vonden we allebei een reusachtig grote tuin, bijna aan de rand van het Heiloo-er bos,
Deze tuin had geen schutting nodig, lag (bijna) direct bij het bos. Een aangrenzende, eveneens grote tuin, had alleen wat doorzichtig gaas als afscheiding ivm huisdieren. Een andere buur had helemaal geen afscheiding geplaatst, want dat was makkelijker omdat ze allebei dezelfde grasmaaier gebruikten. Er was nu wel tijdelijk een lint gespannen, want deze buren deden dit jaar niet mee aan Groei en Bloei. Je kon wel hun hele tuin overzien. Het geheel was net een park, met uitzicht aan alle kanten op de hoge bomen van het bos, schitterend gewoon !!
Overal in deze prachtige tuin stonden zitjes, waar je even mocht neerstrijken om volop van de tuin te genieten. De meeste bezoekers waren echtparen op leeftijd, of 2 vriendinnen, die ook deze route per fiets deden. Alleengaande heren heb ik niet gezien, misschien omdat het toen ook best wel warm was. Of is bij anderen in de tuin gaan kijken, hoe de mensen alles zo smaakvol hebben ingericht iets wat vooral vrouwen leuk vinden om te doen?
Aangezien ik in mijn eigen tuin altijd wel een struik zie die gesnoeid moet worden of bloemen die uitgebloeid zijn, die weggeknipt moeten worden, kan ik nooit zo lang stil zitten in mijn eigen tuin. Die behoefte is er niet in andermans tuin. Ik kon heerlijk blijven zitten en ik genoot met volle teugen van deze prachtige tuin. Heel rustgevend en beslist een uitje dat voor herhaling vatbaar is...
Mijn huis
Ik heb een mooi oud en groot huis, waar ik graag en (een beetje trots) binnenkom. Ik ken de geluiden, weet waar het licht mooi valt en waar je fijn zit. Ik kan me hier goed redden.
En dat is misschien wel precies het woord: redden.
Ik kook, ruim op, zet de vuilnis buiten en heb mijn leven aardig op orde. Geen zorgen, goede gezondheid, veel sociale contacten. Maar soms, vooral ’s avonds, als het huis stil wordt, ontbreekt er iets.
Ik mis een partner.
Niet zo zeer voor vakanties of feestdagen. Om ergens te gaan eten of drinken, naar een museum te gaan of een wandeling te maken. Dat zijn fijne dingen, zeker. Maar …..
Ik mis iemand, die er gewoon is. Die niet per se naast mij op de bank hoeft te zitten. Die misschien een film kijkt of in de keuken een kop thee maakt, terwijl ik achter de computer zit. Iemand van wie je de aanwezigheid voelt, zonder dat er gepraat hoeft te worden. Dat je allebei je eigen dingen doet, soms zelfs op grote afstand, maar gewoon weten en vooral voelen: wij horen bij elkaar, wij zijn er voor elkaar. Altijd de verbinding en de liefde voor elkaar voelen.
Mijn huis is mijn huis. Daar ben ik blij mee. Echt. Maar soms denk ik: het zou nog warmer zijn als iemand hier niet op bezoek kwam, maar thuiskwam.
En…. hoe ik ook gehecht ben aan mijn huis. Ik hoop dat duidelijk is, dat dat dus niet het belangrijkste in mijn leven is. Ik zou het graag ruilen voor een gezellig huisje vol liefde ergens op een dijk langs de rivier, naast het bos of bij het strand. Een leuk appartement in het centrum van de stad mag ook. Het maakt eigenlijk niet uit zolang er op zaterdag een ouderwetse papieren krant in de bus ligt en een kopje koffie van je geliefde op tafel staat en er vrede in je hart is.
Terug naar de eenvoud en de essentie van waar het in dit leven echt om gaat. Ergen thuiskomen.