Het groene blaadje en de ouwe bok of geit.
maandag 29 juni 2020
Leeftijd is een van de belangrijkste punten, waarop iemand beoordeeld wordt als er een nieuwe mogelijke vriend of vriendin in het vizier komt. Omdat een datingsite voor 50plussers zich sowieso niet richt op twintigers of dertigers is er hier al een voorselectie van de deelnemers aan het dategebeuren.
Soms lees ik in een profiel de quote : Leeftijd is maar een getal. Is dat waar? In sommige profielen staat onderaan bij wie men zoekt een heel ruime marge: 50 – 100 jaar. Dan gaat het wel om iemand die vriendschap zoekt en niet een relatie, of het nieuwe lid weet niet meteen, hoe je een zoekprofiel invult. Ook weten we, dat de leeftijd volgens de kalender vaak behoorlijk afwijkt van de biologische leeftijd. Het verouderingsproces voltrekt zich niet bij iedereen in hetzelfde tempo. Vaak zijn onderliggende kwalen er debet aan, dat iemand er veel ouder uitziet dan men op grond van zijn of haar leeftijd zou verwachten. Anderzijds kan iemand weer veel jonger ogen door een gezonde levensstijl en door het ontbreken van allerlei vervelende veelal chronische ziektes.
Ik betrap me er soms op, dat ik bij het klimmen der jaren mij niet de vraag stel: Wat wil ik in en van een relatie (nog)? En wat zou een ander nog met mij willen opbouwen?
Op het kantoor, waar ik gewerkt heb, werd ooit een leuke vrouw van ruim 30 jaar oud aangesteld. Omdat zij allebei ook op dezelfde afdeling werkte hoorde ik al gauw haar levensverhaal. Voor haar intrede in mijn bedrijf en op mijn afdeling was ze als secretaresse werkzaam in een medische instelling. Daar kreeg ze een relatie met haar baas. Omdat zo’n relatie niet “kon” op het werk werd ze genoodzaakt elders naar een baan te zoeken. Haar baas en later haar partner was evenwel 30 jaar ouder! Wat bleek? Hoewel ze met hem al een paar jaar samenwoonde was hun relatie enkel gebaseerd op hun gezamenlijke interesse, de klassieke muziek. Verder was hun samenzijn puur platonisch. Van kinderen was uiteraard geen sprake, die had hij wel uit een vorige relatie. Na ongeveer 20 jaar overleed haar partner . Deze dame moest toen opnieuw verhuizen naar een huisje achteraf, zijn kinderen hadden het grootste aandeel in de erfenis.
Jaren geleden ontmoette ik in het buurthuis, waar ik als vrijwilliger werkte een ietwat kleurrijke dame. Ze was 35 jaar jong, gescheiden na een huwelijk van vijf jaar. Anders dan haar ex-partner, die haar liever alleen thuis zou willen zien (het enige recht was haar aanrecht) hield zij juist van uitgaan en gezellige contacten.
Weer wat later nam ik haar een keer mee naar een dansclub voor alleengaanden, waar ze zichtbaar genoot van de belangstelling. Met één man had ze meteen een klik, en hij met haar.
Een week na deze dansavond kwam hij bij haar op de koffie en nog een week later woonde hij bij haar in. Hij was ruim 18 jaar ouder, woonde zelf op een woonboot en kon zich snel aanpassen aan haar en haar woonsituatie. Na twee jaar zijn ze getrouwd, terwijl ik ruim 10 jaar na hun ontmoeting gescheiden was, hield hun relatie stand. Naderhand heeft ze mij toevertrouwd, dat ze nog nooit zo’n goede man had ontmoet…
Af en toe zie ik haar bij de supermarkt of op straat. Bijna 10 jaar hebben ze beiden bij mij om de hoek gewoond. Hij loopt nu tegen de 80, maar hij verzorgt nog steeds de tuin van het huis met aanleunwoningen, waar ze in wonen. Ik merk, dat zij in hem iets als geborgenheid gevonden heeft.
Waarom heb ik het gewaagd hierover te schrijven? Omdat het bij alle wensen, die ik en ook anderen hebben ten aanzien van een partner er ook op aankomt, of er gerelativeerd kan worden. Relativeren bij een relatie? Of absolute grenzen bewaken? Ik weet niet, of ik dat kan… Het is ook tegenwoordig nog steeds zo, dat een relatie tussen een oudere man en een jongere vrouw geaccepteerd is, maar als het andersom is wordt de vrouw een cougar en de man een toy-boy genoemd. Daar wordt wat misprijzend op neergekeken. Waarom?
geplaatst door Aktivo1 - 4283 keer gelezen
Vorige berichten
Niet snoepen tussen de scherven
Op een vrijdagmiddag was ik twee uur onder de pannen in Flevopoort in Amsterdam-Zeeburg voor een editie van het Danspaleis. Er waren veel bekenden en met een van de vrijwilligers mocht ik een perfecte rumba dansen.
Na een paar uur dansen repte ik mij naar de uitgang omdat ik ditmaal met tram, bus en een stukje fietsen op tijd in Haarlem wilde zijn, waar ik voor het eten met een groepje had afgesproken. Opeens viel mijn oog in de straat naar de tramhalte op een bijzonder tafereeltje.
Ik zag op de stoep een glazen weckpot, of eigenlijk wat er nog van over was, overal lagen scherven, maar ik zag ook de inhoud van de pot overal op straat liggen. Snoepjes ingepakt in glimmende papiertjes met alle kleuren van de regenboog. Ik had op de heenweg dezelfde route gelopen en deze verspilling van snoeperij toen niet gezien, daarom moest de teloorgang van de pot met snoep niet zo lang geleden gebeurd zijn.
Zou een kindje, dat de pot met inhoud uit zijn knuistjes liet vallen in tranen uitgebarsten zijn? Of was de pot uit een overvolle fietstas gevallen zonder dat de fietser / fietsster het gemerkt heeft? Ik heb een foto van het stilleven gemaakt, zoveel snoep op de stoep… Ik moest mijzelf inhouden om geen snoepjes op te rapen en mee te nemen of zelfs uit te proberen.
Ik was terughoudend, omdat er een zij het geringe kans was dat er “iets” met de snoepjes niet in de haak zou zijn. En, wie weet zou de echte eigenaar van het lekkers toch nog langs komen om de inhoud van de pot die in scherven lag op te halen. Toch raakte dit alles mij wel.
In Haarlem schoof ik keurig op tijd aan tafel. Ditmaal stond er goed gevulde Chinese kippensoep met mie en stokbrood met kruidenboter op het menu. Toen ik eenmaal aan tafel zat viel mijn oog op een schaaltje waarin – je raadt het al – in kleurige papiertjes gewikkelde snoepjes lagen. Toeval? Ik heb toen maar zo’n zuurtje geconsumeerd als compensatie van de gemiste Amsterdamse lekkernijen en als voorafje voor het eigenlijke eten. Ik legde in gedachten een linkje met de snoepjes in Amsterdam (afblijven!) en de zuurtjes op het schaaltje op de eettafel (snoepen toegestaan) enerzijds en aan de andere kant een ontmoeting met iemand, die bezet is en waar ik geen persoonlijke interesse voor mag tonen en iemand, die vrij is. Hoewel die vergelijking vergezocht is kon ik ‘m niet uit mijn hoofd krijgen.
Hoe vaak komen u en ik in ons leven dingen en situaties en ja, ik kan er niet omheen draaien, relaties tegen die in scherven liggen. Tussen die scherven liggen ook mooie dingen. Soms hebben we de breuk, die de oorzaak was van die scherven live meegemaakt. In het ergste geval zijn we bij die breuk betrokken geweest. Het is al heel wat, dat we van die breuk getuige waren. Maar verder?
Het is heel begrijpelijk om empathie te tonen en contact proberen te leggen met iemand, wiens relatie nog niet zo lang in scherven ligt of wiens partner vrij kort geleden overleden is. Het zijn geen verboden vruchten. Dan doe je dat om de ander te troosten, maar die ander is wel heel kwetsbaar. Hoe ligt dat gevoelsmatig? Moet je geduld hebben, moet je een tijdje afstand nemen? Voor alle duidelijkheid, contact zoeken in dit geval en iemand benaderen, die nog in een relatie zit zijn twee verschillende situaties! Soms weet je bij een eerste afspraak niet veel van de voorgeschiedenis van de ander. Verder kunnen sommigen hun verleden gemakkelijker achter zich laten. Is dat misschien iets om bij die eerste date aan elkaar duidelijk te maken? Kun je beter daten met iemand, die geen recente relatiebreuk had?
Ik vond het achteraf goed dat ik in Amsterdam geen hand heb uitgestoken naar de snoepjes. Trouwens, ik ben geen “hoarder” (Engels voor verzamelaar van gevonden voorwerpen). Maar ik raakte mijn nieuwsgierigheid naar het verhaal achter dit kleine drama niet kwijt.
Wanneer in mijn omgeving een relatie stopt moet ik heel goed nadenken, hoe ik hier op reageer en ook of ik er op reageer. Mijn reactie is niet altijd welkom…
Kortom: de zegswijze “Scherven brengen geluk” is een zoethoudertje, voor mij heeft die spreuk geen waarheid in zich..
Een warm bad
Ik ben enige tijd geleden lid geworden van 2 gespreksgroepen. Op maandagmiddag ontmoet ik iedere week een groepje van 12 personen, die samen iets bedenken of doen. Dat kan van alles zijn : een quiz, een leuk spelletje, een creatieve middag, of een lezing. De groep op dinsdagmorgen bestaat uit 8 personen, we komen eens in de 14 dagen bij elkaar en de gesprekken zijn wat meer op H.B.O-niveau
De leidster van de dinsdag groep heeft een lijst samengesteld van 26 serieuze onderwerpen, die we 1 voor 1 gedurende het cursusjaar met de groep gaan bespreken. Eenzaamheid, de natuur, het milieu, politiek, of een actueel onderwerp uit de krant. Het gespreksniveau is niet alleen anders dan in de maandaggroep, maar de leden van de dinsdaggroep zijn ook vele malen kritischer, zowel in de gesprekken als de discussies over het onderwerp.
Op maandagmiddag is het lekker ontspannen, er wordt gelachen, maar we zijn ook hecht, we leven mee met elkaar. We vieren uitgebreid Sinterklaas, hebben samen een kerstlunch gehad, maar sturen elkaar ook een beterschapkaart, indien nodig. De dinsdaggroep is veel afstandelijker. Dat werd mij goed duidelijk toen ik door ziekte 4 bijeenkomsten had gemist. Oh, je bent er weer, was de lauwe reactie. Niemand vroeg hoe het met me was. Toen iedereen zat, gingen we gelijk van start met het onderwerp. Er werden meteen A4-tjes uitgedeeld.
Iemand die op me overkomt als een hartelijk, belangstellend persoon voelt comfortabel als een warm bad. Om weerstand op te bouwen voor een goede gezondheid is een ijsbad, of zwemmen in koud buitenwater, zoals Wim Hof (de ijsman), ons enkele jaren geleden heeft voorgedaan, misschien veel beter. Het is in ieder geval goed voor je immuunsysteem. Maar is het ook fijn om te doen? Voelt vast prima achteraf, maar ik vind het net zo radicaal als die emmer koud water over je hoofd uitstorten, na afloop van die weldadige vochtige warmte in de saunahut. Dat deel van het programma sla ik liever over.
Eigenlijk beleef ik het date-gebeuren net zo. De sfeer van het gesprek is voor mij bepalend voor een succesvolle ontmoeting. Iemand kan zeer intelligent of welbespraakt zijn, als hij overkomt als een ijskonijn, haak ik af. Dan kies ik toch liever voor die eenvoudige, gezelligere man. Misschien mis ik wat, maar als ik dan in een heerlijk warm bad terecht kom, heb ik dat er graag voor over...
Single Story: de Vita-vrouw
“Stilstand is de dood in slow motion. Comfort is gif in een mooi glas. De bank is een graf met een zacht kussen. Je snapt toch wat ik bedoel? Daar ga ik in elk geval wel van uit.”
“Het is in elk geval het enige wat ik kan denken als ik op mijn datingsites door de profielen surf. Mannen die trots poseren naast een oldtimer, op een boot met een biertje of, de ergste van allemaal, een selfie op de bank. Het enige wat die beelden in stilte uitschreeuwen, is stagnatie. Je kunt de levensenergie bijna zien wegtrekken. Het zijn geen profielen; het zijn grafschriften in wording.”
“Vitaliteit. Dat is het enige wat écht telt. De rest is overbodig. Die mannen praten over ‘genieten van het leven’ met een glas rode wijn in de hand op een terras. Dat is geen genieten, dat is je cellen vergiftigen. Genieten is de endorfinekick na tien kilometer kneiterharde intervaltraining. Dat je voelt dat je leeft, dat elke spier in je lijf heeft gewerkt.”
“Mijn profiel is beeldend. Foto van mij op een bergtop in de Alpen; bezweet maar voldaan. Foto van mij tijdens de Dam-tot-Dam-loop. Foto van mijn weekmenu; allemaal clean, biologisch, macro-perfect. En daarbij zoek ik een ‘actieve partner’. Dat is niet zomaar een wens, dat is een absolute voorwaarde voor overleving. MIJN overleving.”
“Ik heb één keer een date gehad. Met een man die in theorie een serieuze kandidaat was. Hij zag er in elk geval fit uit op zijn foto’s. Ik durfde voorzichtig al te hopen op een fysiek gezonde zielsverwant. We hadden afgesproken voor een wandeling. Na een halfuur, toen we nog maar iets meer dan drie kilometer hadden gelopen, stelde hij voor om op een bankje te gaan zitten. ‘Even bijkomen,’ zei hij.”
“Bijkomen? Ik was net rustig warmgedraaid om een paar uur lekker door te stappen. Ik voelde meteen mijn energielevel crashen. Alsof je een F1-bolide vraagt om permanent in de tweede versnelling te rijden en tussendoor onnodige pitstops te maken. Ik heb de date ter plekke beëindigd. ‘Onze basissnelheid ligt te ver uit elkaar,’ zei ik. Wat had ik anders moeten zeggen… Dat is toch gewoon eerlijk?”
“Ze zeggen dat ik te veeleisend ben. Dat is echt klinkklare nonsens. Ik vraag alleen om een gedeelde levensstandaard. Hoe kan ik samen zijn met iemand die zijn lichaam als een afvalbak behandelt? Iemand die ‘ontspant’ door op de bank te liggen? Dat doe je met actieve rust, zoals een hersteltraining. De bank is waar ambitie sterft in eenzaamheid.”
“Ik hoor mijn vriendinnen weleens praten over ‘samen oud worden’. Ik wil helemaal niet oud worden. Ik wil mijn hele leven lang fit blijven. Ik wil op mijn tachtigste nog een marathon kunnen lopen. Met een man die naast me loopt, niet eentje die bij de finish op me wacht met een rolstoel.”
“Een kennis vroeg me laatst: ‘Heb je een vaste openingszin op die datingsites van jou? Iets om het ijs te breken?’ Zeker. Ik hou het simpel en efficiënt. ‘Leuk profiel. Wat was je hartslag in rust vanochtend?’”
Deze Single Story is fictief. Het verhaal is 'opgetekend' in Grand Café 'De Nieuwe Kans', dat alleen op digitaal papier bestaat. Dat het allemaal verdacht veel op de werkelijkheid lijkt, is puur toeval. Maar misschien ook niet...