Spooklopen en matchpunten
dinsdag 23 maart 2021
Dit is een datingsite. Althans, dat denk ik. Ik schrijf immers blogs op een datingsite, en ik vertel immers aan iedereen in wie ik een belangstellende lezer vermoed dat ik blogs schrijf, en wel op een datingsite. Soms denk ik ook: Ik kan hier beter een spookloper worden. Tegen de corona-pijlen in terug naar waar ik begon, hoe ik begon. ´Hoe gek ben je?´ heette dat eerste blog. ´Gek´ komt als onderwerp regelmatig terug op thing2share, maar eerder als rafelige, haast beschuldigende gedachten-spinsels dan als fenomeen dat al helder omschreven staat. Heb ik werkelijk ooit gedacht dat wat ik zou schrijven onthouden zou worden, invloed zou hebben?
Toch, het ´boodschappenlijstje´op mijn profiel staat daar niet voor niks. En het is ook niet voor niks een boodschappenlijstje. Ik ben namelijk gek op boodschappenlijstjes, het liefst geschreven op ruitjespapier. Laatst vond ik mijzelf terug terwijl ik smachtend naar mijn boodschappenlijstje stond te staren. Het lag in de sloot. Ik had de buitenomweg naar de supermarkt genomen, langs de hockeyvelden, de molen - en die sloot. En het lijstje is het water in gewapperd toen ik m´n telefoon van mijn jaszak naar m´n rugtas wilde verplaatsen. Het blijft op het slootwater drijven. Hinderlijk wit drijven. Zak naar de bodem lijstje, anders ga ik zo´n braverik zijn die een stok zoekt en je eruit vist. Een man stapt van zijn fiets: ¨Was dat papiertje geld waard?¨ ¨Niet direct. Het is mijn boodschappenlijstje, mijn geheugen.¨ Hij lacht: ¨Dan moeten we hardop memoriseren. Wat heb je nodig?¨ Even verderop staat de vrouw. Net zo´n jack maar dan lichtblauw, net zo´n fiets. Ze knijpt haar ogen tot vriendelijke spleetjes. Of spottende? Ze mag haar man terug, of haar vriend, of wat dan ook. ¨Ik ontdek thuis wel wat ik nodig had. Ik vind het vooral slordig staan, een papiertje in de sloot.¨
Er zijn leuke mannen zat in het wild. In de supermarkt staat hij met zijn rug naar me toe de inhoud van de diepvrieskast te bestuderen. Lang, slank, grijzige krullenbol. De man uit de bibliotheek? Hij voelt mijn aanwezigheid, draait zich om en doet een verontschuldigende stap opzij. Hij is het niet. Hij zegt: ¨Ik verbaas mij erover dat ze hier zestig euro vragen voor een kilo diepvries zalm.¨ Ik lach: ¨Het is wel een biologische zalm, hè? Maar het blijft een dode vis.¨ Hij heeft hier niks te zoeken; zijn vrouw laadt de kar vol terwijl hij zich vermaakt. Ik pak een doosje blauwe bessen uit de diepvrieskast: ¨Voor deze bessen heb ik de hogere kiloprijs wel over, ze zijn verrukkelijk.¨ Blauwe bessen voor op de bietensap pannenkoekjes uit Dirty Vegan. Met kottakaas, dat wel. De vrouw duwt inderdaad een volle boodschappenkar voor zich uit. Ze draagt een superieure trenchcoat.
Nee, in het wild zijn er geen matchpunten te verdelen. Hier op deze datingsite wel. Kies zes (ofzo) mannen (mannen, lees: ´vrouwen´en ´zij´), maak een lijstje op een stuk ruitjespapier en geef jezelf een matchpunt, elke keer als je een things2share van één van hen leuk vindt. Geef de man een matchpunt als hij een post van jou liket, en verdeel twee matchpunten als je allebei dezelfde post van een ander leuk vindt. Verwijder een matchpunt als je een post die hij liket niet leuk vindt, en als hij een post negeert die jij juist superleuk vindt. Zo simpel kan het zijn. Na een week of wat moet er toch een overwinnaar zijn, een supermatch? Probeer het eens. Hoe gek ben je?
geplaatst door RodeJas - 3115 keer gelezen
Vorige berichten
Gedragen in Liefde
Twee vrouwen, twee verhalen. Beiden zijn zo-goed-als-buurvrouwen.
Ik zie net een filmpje van de ene, laat ik die Anne noemen, dat ze na een eerste drumles mee drumt op een liedje en dat nog behoorlijk goed doet ook. Ik zie ook niet echt zenuwen, meer dat ze het gewoon doet en het leuk vindt.
Ineens bedenk ik me wat het voor verschil maakt als je gedragen bent in liefde. Hoe dat helpt om jezelf te zijn, jezelf te ontwikkelen en te blijven groeien.
Toen we in 2009 begonnen met een gelegenheidsband om op Koninginnedag een optreden te doen, deed Anne mee. Dat was niet heel vreemd, het halve dorp wat een beetje aspiraties had om te zingen, deed mee. Er moest wel goed geoefend worden, want de bandleden waren allemaal semi-professioneel en hadden geen trek in een halfbakken show. Dus werd er maanden geoefend.
Anne vond dat altijd leuk, deed enthousiast mee. Ook toen had ze, zover ik kan heugen, geen problemen met onzekerheid. Of als ze het af en toe al had, belemmerde het haar niet. Ze genoot en had plezier!
Dat had ook een effect op andere mensen die op hun beurt genoten van haar.
Dan met het optreden zelf. Super spannend natuurlijk! Iedereen, behalve de band, was dan toch wel nerveus. Ineens moest je het doen met publiek!
Anne’s man kwam altijd kijken. Hij was zo’n 15 jaar ouder, ze waren al langere tijd samen, hadden twee kids, en ze waren nog altijd gek op elkaar.
Hij zat met zijn rug, dus de hele avond blijven kijken zat er niet in. Maar hij kwam altijd kijken naar zijn vrouw. Dan stond hij te glunderen tot en met! Supertrots en het was overduidelijk dat hij heel veel van haar hield.
Een paar jaar later leerde Anne saxofoon spelen wat ze met het jaarlijkse optreden ook deed. En altijd was haar man er om zijn vrouw te bewonderen.
Toen we stopten met de optredens, begonnen een paar voormalige deelnemers een klein bandje. Anne was de zangeres.
Zo deed ze eigenlijk altijd van alles en nog wat. Ze zat in de dorpsvereniging die allerlei leuke dingen organiseerde, ze ging naar leuke avondjes hier en daar. Allemaal zonder haar man want die hield daar niet zo van terwijl zij het juist nodig had om gelukkig te zijn.
Maar ze lieten elkaar vrij om te doen wat ze nodig hadden.
Nou ken ik niet alle ins & outs van hun relatie, maar ondanks die verschillen én nog eens substantieel leeftijdsverschil, hielden ze veel van elkaar.
Misschien heeft Anne nooit bijzonder last gehad van denken dat ze iets niet kan of denken dat ze voor gek staat als ze iets nieuws probeert. Dat weet ik niet.
Maar ik weet wel dat het zoveel makkelijker is om zelfverzekerd te zijn als je gedragen wordt in liefde!
Dat begint al in je hele jonge jaren. De eerste 6 jaren van je leven heb je nog geen filters en neem je alles op wat je voelt, hoort en ziet. Ook als dat niet goed voor je is.
Dat alles is bepalend voor hoe je later in je leven staat. En ook voor wat voor mensen je aantrekt, wie je aanspreken en wie niet. Inclusief partners.
Gelukkig kun je heel veel daarvan bijsturen als het nodig is.
En een partner hebben die echt helemaal voor je gaat en van je houdt, helpt absoluut!
Als ik kijk naar alles wat Anne allemaal doet en heeft gedaan in de jaren dat ik haar zo een beetje ken… Geweldig!
Gedragen in liefde heeft zij zichzelf ontwikkelt en ontplooit, genoten, allerlei dingen geleerd en gedaan.
Niet alles is van een leien dakje gegaan voor haar. Ze heeft zo’n anderhalf jaar terug haar man verloren.
Toch zie ik haar doorgaan, ondanks het verlies en verdriet. Ze is vlak na het overlijden van haar man workshopjes gaan geven in het houten schuurtje in haar tuin.
Dan denk ik, zij redt het wel al is ze haar man verloren.
De andere vrouw… ook haar man zo’n 1,5 jaar terug verloren. Maar zij is heel anders. Tijdens de ziekteperiode van haar man liep ze geregeld in de ochtend al stomdronken over straat te zwalken. Op zich misschien te begrijpen omdat ze op het punt stond voor de 2e keer haar man te verliezen, het hele ziekteproces door te moeten lopen enzovoorts.
Vlak na zijn overlijden moest ze een zware operatie en kwam een vriend van haar en haar man in huis om te helpen. Die is niet meer weggegaan. Ze is van de ene relatie in de andere gestapt.
Zo stond ze in mijn armen te huilen dat ze haar man zo miste, zo zat ze in relatie met deze nieuwe man.
Terwijl ze daarmee samen was, heeft ze ook een hersenbloeding gehad.
Binnenkort vertrekken ze samen naar Spanje. Daar heeft ze eerder gewoond. Ze gaat daar een huis kopen en een restaurant zodat haar vriend zijn werk kan doen. Haar man heeft haar financieel heel goed achtergelaten.
Ik denk… meisje, you’re shooting yourself in the foot!
Oké, ik ken niet het hele verhaal, maar ik betwijfel sterk dat hij van haar houdt.
Zij is labiel, onzeker, zwak, ziekelijk. Ondanks dat haar man haar wel droeg in liefde want hij was gek op haar.
Het begint allemaal met zelfliefde.
Jezelf dragen in liefde.
Dan kun je vol zelfvertrouwen groeien en ontwikkelen en daarvan genieten!
En dan kun je ook gedragen worden in liefde door een partner. Dan kun je dat ontvangen.
Helle spleet
We hadden het over slaapkamers, mijn Leidse vriendin en ik. We liepen ons ommetje Cronesteyn om even bij te kletsen; zij met pijn in haar rechterbeen en ik met pijn in mijn linkerbeen. Dat had wat mij betreft niet gehoeven, dat zij ook pijn zou hebben, bedoel ik. Gezellig is het wel: We vertellen elkaar over onze hoogsteigen oplossingen om samen te leven met de grillige gast die artrose is - en de enig mogelijke slaaphouding bracht ons bij die slaapkamers.
Ik had die ochtend juist mijn bed verplaatst - en ik weet het niet heel zeker, maar de vermoedelijke aanleiding was een vraag: ‘Je gaat toch niet dood, nu?’ We stonden bovenaan de trap het hoge duin op, mijn medewandelaars en ik. Ze hadden heel lief op me gewacht, op mij en mijn vertraagde trein. Bij meer dan tien minuten vertraging zeg ik af, had ik de gids geappt, niet wetende dat de oorspronkelijke vier minuten vertraging op het laatst zou oplopen tot acht. Ik kwam dus nogal gestresst aan, en dan direct in beweging en die trap op. Ademnood! Toen vroeg ze het, mijn medewandelaar: ‘Je gaat toch niet dood, nu?’
Er moest dus iets veranderen. Iets waardoor ik een hoge trap kan beklimmen zonder mijn medewandelaars ongerust te maken. Met kracht- en cardiotraining, fysiotherapie en paracetamol was ik tot hier gekomen. Ik moest meer doen. Beter slapen? Hoe dan? Mijn bed verplaatsen? Weg van de muur en terug naar de plek voor het raam waar de tweepersoons Auping Auronde heeft gestaan? Waarom niet? Een andere slaaphouding zit er voorlopig niet in, een andere slaaprichting heb ik zo voor elkaar.
De stoel met pop en beertje gaat naar de gang, net als het krukje met wekker, klemlamp en doos tissues. Het bed achteruit getrokken, zodat ik het kleed kan oprollen. Niks oprollen. De antislip mat heeft zich aan de geoliede houten vloer gehecht, met een innigheid die me haast wanhopig maakt. Ik kies voor het behoud van de vloer, de mat krijgt geen tweede kans. Het witte stalen kamerscherm dat daar stond als extra buffer tussen mijn kussen en het gordijn, mag op Marktplaats, naar zijn broer, de witte stalen TV-kast. Wat heb ik toch met meubels van wit staal? Ingeklapt is het scherm zo zwaar dat ik het niet in mijn eentje op de personen weegschaal kan zetten. Oh ja, ook op de handleiding van dit scherm stonden twee (niet meegeleverde) personen. Ik zal om hulp moeten vragen; Marktplaats wil nu eenmaal graag weten hoe zwaar een te verkopen ding is.
Ik heb het bed op zijn nieuwe plek geschoven, de stoel met pop en beertje ernaast. Artemide lampje aan de stoel geklemd, voor wekker en doos tissues is geen plek. Pop en beertje naar de vensterbank verhuisd. Het wollen kleed weer uitgerold - en klaar is de verandering. Hoewel. Die muur is nu wel heel erg leeg en wit. En het is een rommeltje op de stoel. Op zoek naar zo’n wat hoger, open kastje? Een kastje van warm beukenhout? Dan kunnen beertje en pop er ook weer bij zitten.
Tegen het einde van ons ommetje waren we bij de voordelen van gewone verduisteringsgordijnen ten opzichte van black-out gordijnen, mijn vriendin en ik: als je zo’n stugge lap plastic niet goed dichttrekt, krijg je bij het ochtendgloren toch licht in je ogen. Een helle spleet licht.
Verhouding
Ik ben alweer negenenzestig jaar geworden, liever had ik dat nog even uitgesteld, maar je houdt het niet tegen ;-).Een goed moment om weer eens tegen het licht te houden hoe we leeftijd ervaren, hoe we daarmee omgaan. Volgens mij draait het om verhoudingen. Als vormgever denk ik in verhoudingen; hier op deze site verhouden we ons tot elkaar en met een minnaar of minnares heb je een verhouding. Gaandeweg ga je begrijpen dat de werkelijkheid, zoals we die ervaren, niet in steen is gebeiteld, maar steeds weer samenhangt met omstandigheden. Hoe de wereld om je heen eruit ziet en en hoe die op jouw aanwezigheid reageert. Zijn er kansen of tegenslagen, krijg je energie, word je aangemoedigd om een en ander te ondernemen, hoe zien anderen jou, zulke factoren bepalen uiteindelijk of het glas halfvol of halfleeg is.
Hoe jong of oud ik mij voel heeft óók met verhouding te maken. Iemand die veel met jongere mensen omgaat an zich daardoor ook jeugdiger voelen, in de zin van energiek, levenslustig, creatief. Het moet liefst wel van twee kanten komen, het is een wisselwerking. Als bijvoorbeeld die jeugdigen je kleinkinderen zijn, dan kan ik me voorstellen dat je, door deelgenoot te zijn van hun spel en ontwikkeling, ook weer het kind in jezelf ervaart. Maar als je wordt neergezet als een kwetsbare bejaarde (“rustig jongens, opa is moe”) dan ben je oud in hun ogen en misschien meer geneigd om jezelf ook zo te zien. Zo is je gevoelsleeftijd dus relatief.
Ik heb een goed contact met mijn zoon die nu in de dertig is. Ik denk wel dat we kameraadschappelijk met elkaar omgaan en daar voel ik me dan jong bij. Want we zijn serieuze gesprekspartners en hij is voor mij ook een voelspriet in de wereld van zijn generatie. Maar op andere momenten, als hij vindt dat ik meer aan sport moet doen (ik doe al best veel), of dat ik een bangerik ben geworden met hoogtevrees (dat is waar) dan kan ik me ook behoorlijk oud voelen. Stel je niet aan, zeuren doe je maar als je negentig bent, zegt-ie dan. En dat is een fijn hart onder de riem. Nog ruim twintig jaar dus, dat is een hele tijd. Het is heel wat waard om zo met mijn kind om te kunnen gaan.
Als obstakel bij het ouder worden, maar dat is uiteraard persoonlijk, ervaar ik de hogere drempel om nog eens iets nieuws te beginnen. Ik ga bijvoorbeeld niet meer actief op zoek naar werk. En met een boel ervaringen achter de rug het ook niet altijd eenvoudig om inspiratie te vinden. Wat valt er nog te leren, te ontdekken? Heel veel nog, maar maak ik daar dan werk van? Dat gaat niet vanzelf en het lukt ook niet altijd, zeker niet met de gretigheid van weleer. Want hoe ik het ook wend of keer, de noodzaak van toen, om een bestaan op te bouwen, om op ontdekkingsreis te gaan op onbekend terrein, is er niet meer en dus ook niet meer die drive. Ik moet de motivatie nu dieper zoeken.
Dat kan voor sommige mensen een reden zijn om een relatie te zoeken, om die motivatie te vinden om (weer) op ontdekkingsreis te gaan. Want met steun en feedback van een partner is de motivatie een stuk hoger, althans dat is de verwachting. Dan kun je met elkaar overleggen, ervaringen met elkaar te delen; en dat kunnen reizen zijn, maar bijv. ook interessante boeken. Dat is top, maar van het omgekeerde kan ook sprake zijn, denk ik wel eens. Want zolang als ik ‘zoekende’ ben heb ik een reden om een goed figuur te slaan in de relatiemarkt (gezonde leefstijl, interessante bezigheden en dergelijke), maar als ik eenmaal een levenspartner heb gevonden, zou die motivatie dan juist minder kunnnen worden? Dat is natuurlijk niet de bedoeling, als je het mij vraagt. Toch een kwestie van alert blijven hoe dan ook, op naar de zeventig.