Ik vind er wat vanâ¦
woensdag 2 juni 2021
Ik vind er wat van…
“ Wat vind jij er nu van? “
Ik kijk de persoon tegenover me aan, want hij vraagt mijn mening over iets met zijn verhaal en daar kan ik heus wel wat van vinden, maar daar is toch iets meer informatie voor nodig dan alleen zijn verhaal, vanuit zijn perspectief.
“ Alles wat we horen is een mening, geen feit. Alles wat we zien is een perspectief, niet de waarheid ".
Toen ik dit las dacht ik: hoe mooi zou het zijn als ik me dit (steeds) meer voor ogen kan houden in mijn be-oordelingen naar het gedrag van mijn medemensen toe.
Ja, ik heb meningen over alles. Die kunnen dan ook vaak best stevig zijn, principieel zelfs en dat kan soms dan ook behoorlijk stevige gesprekken opleveren.
Dat laatste vind ik persoonlijk niet erg, want door voor je mening uit te durven én willen komen ben je in mijn ogen bezig jezelf kenbaar te maken.
Ik zeg dan ook regelmatig als iemand mij vraagt: “wat vind jij van zijn gedrag ?” dat ik kan vinden wat ik wil van iets, maar dat daardoor het gedrag van die ander niet verandert.
Maarrrr...ik heb daar wel een persoonlijke mening over.
Er is een verschil tussen een oordeel hebben of je mening geven.
Oordelen gaat vaak over het gedrag van een ander en je mening is een waarde of norm vanuit jezelf.
Ik heb een persoonlijke mening op basis van mijn be-oordeling, die uiteraard ook gekleurd
is door ervaringen enz
Be-oordelen is een inschatting maken.
Als ik geen inschatting zou maken in allerlei situaties zou ik als een kip zonder kop zijn.
Ik durf zelfs te stellen, dat het nodig is om mezelf veilig te stellen in allerlei situaties.
Als ik bv niet zou inschatten of het wel handig/veilig is om alleen over straat te gaan in het donker in een afgelegen gebied ben ik niet slim bezig.
Als ik een mening zou vormen als: “dit is een achterbuurt, omdat er armoedige mensen wonen en dat kan nooit iets goeds opleveren. Ik ben een lopende geldbron voor ze” ben ik ongenuanceerd aan het veroordelen. Alhoewel ik in een bepaald land wel eens werd gewaarschuwd door de bevolking zelf voor een dergelijke situatie weerhield het me niet om toch die buurt in te gaan. Ik ben nieuwsgierig, geïnteresseerd in het volk waarin ik me bevind en wil dan ook graag hun leven “proeven” door er middenin te gaan staan. Ik schuif echter niet roekeloos die adviezen opzij, maar kijk dan wat nodig is om me veilig te stellen.
Door proberen allerlei feiten op een rij te zetten kan ik voor mezelf een keuze gaan maken en op die manier mijn mening gaan vormen over iets/iemand.
En zo probeer ik ook hier naar de ander te “kijken” : ik zet (voor zover mogelijk) neutraal de feiten op een rij, vorm mijn mening over die feiten door af te stemmen op mijn wezen en communiceer desgewenst die mening. Ik leer door de reacties van anderen de grenzen van mijn eigen tolerantie kennen.
Door veelal te schrijven “ Ik denk/ik vind/ik ben van mening “ hou ik het bij mezelf.
Het blijft lastig uit het veroordelen van andermens gedrag te blijven, maar hé...het is ook
geen doodzonde hoor. We doen het allemaal wel eens. En als je eerlijk bent tegenover jezelf weet je ook wanneer je dat aan het doen bent.
Daarom vind ik het jammer als er direct vol op iemand wordt “gesprongen” als iemand zijn/haar mening geeft.
Ik probeer me dan ook voor te houden dat het meestal iets van die ander is. Dat mijn eigen mening de ander raakt op een gebied dat ik niet ken en dat de ander triggert.
Ik ga dan zogezegd in de allergie van die ander zitten.
Ik probeer dan ook alert te zijn bij mezelf als dat bij mij gebeurt, maar zeker als het op de persoon wordt gespeeld is dat niet altijd even makkelijk.
En juist dit laatste aspect maakt vlgs mij, dat meerdere mensen hier besluiten hun mond te houden en/of hun mening wikken en wegen.
Ik doe allebei naar gelang de situatie, maar mijn mond ga ik niet stilhouden als ik iets wil delen waarvan ik benieuwd ben hoe anderen erover denken.
En jij? Mag jouw mening ook gehoord worden??
geplaatst door Hope - 1932 keer gelezen
Vorige berichten
Vertrouwen
Gloednieuwe letters zijn dit - en zijn ze niet prachtig? Getypt op een spiksplinternieuw toetsenbord met toetsen die bij elke aanslag een klein geluidje maken, een blijmakend klein geluidje dat me aan een typemachine doet denken. Je weet wel, zo’n apparaat waarmee je de letters, zonder printer, direct op het papier drukt. Zo’n apparaat waarbij elke letter aan een apart stangetje zit, waardoor we nu nog steeds opgescheept zitten met een qwerty-toetsenbord. Het scherm is helder. Hm, veel te helder eigenlijk, dat kan wel wat minder. En met zo’n groot scherm kunnen de letters ook wel wat kleiner. Daar merk jij als lezer niets van. Ik als schrijver merk dat wel, ik moet dan opnieuw leren inschatten hoe lang mijn blog is - wat vergeleken bij het kiezen, bestellen, ophalen en installeren van een nieuw chromebook uiteraard een peulenschil is.
Achteraf was besluiten dat mijn bijna tien jaar oude makker nu echt vervangen moest worden het meeste werk. Werk van jaren. Geen updates meer? Ik hoef geen updates, dit ding doet het zonder updates goed genoeg. Nou ja, YouTube reageert wat langzaam maar ik heb immers alle tijd? En geldzaken regel ik allang via mijn wel geüpdate, dus veilige smartphone. Uiteindelijk was het één toets. Eén toets die mijn schrijfwerk telkens weer dermate irritant onderbrak, dat het nut van zo lang mogelijk met een al wat ouder apparaat werken mij plotseling ontging: Het was de shift- toets. Die hield zich niet aan de afspraak. Steeds wanneer ik hem gebruikte, voegde hij ook een teken toe, een ) of een #. Zeg nou zelf, zo kan een mens toch niet schrijven? En jawel, hij had beslist gerepareerd kunnen worden, die toets. Maar mijn vertrouwen in het apparaat was weg. Vertrouwen verdwijnt te paard en komt te voet terug. Of nooit. Gewoon zoals dat bij mensen soms ook gaat.
Al met al vind ik het de hoogste tijd worden dat ik minder type en meer praat; dat ik mij minder met mensen van letters en plaatjes bezighoud en meer met mensen van vlees en bloed. Kortom, ik wil weer serieus aan de wandel - en wat mij betreft is het al zover. Dacht ik op een mooie dag. Ik liep dus een ommetje Cronesteyn in mijn normale tempo - voor zover dat ‘normale tempo’ na een jaar nog in mijn spiergeheugen zit. De fysiotherapeut keek me effen aan, toen ik dat vertelde. Wat geen goed teken is. Hij vraagt applaus van de hele sportzaal wanneer ik mijn evenwichtsoefeningen doe, en hij noemde me laatst ‘wondergirl’ omdat ik al best veel kracht kan zetten met die tien weken oude nieuwe titanium heup. Hij vroeg of ik napijn had gehad van dat snelle ommetje. Ja dus. Als ik iets geleerd heb in mijn leven, dan is het dat ik beter wél kan uitkomen voor fysieke pijn. Met mentale pijn is dat nog lastig, maar wees gerust, ik boek vooruitgang. Ik kreeg dus een preek van de man met de effen ogen: Nog niet op snelheid gaan trainen, wel op afstand. Beter twee rustig gelopen ommetjes dan één snel ommetje. Ik knikte gehoorzaam. Hij is de ervaren man - en omdat hij zijn ervaring inzet voor mijn welzijn en ik hem vertrouw, zal ik naar hem luisteren. Wel heb ik mezelf beloond met nieuwe schoenen. Hardloopschoenen in een spetterend zwart-wit design, uitgezocht op de enigszins ronde zool. Ze lopen heerlijk, deze nieuwe schoenen. Maar er al wandelend snelheid mee maken is onmogelijk. Dat worden dus twee ommetjes Cronesteyn, ontspannen tempo, met halverwege een limonade stop op een bankje. Loop je mee?
De eerstse keer
Disclaimer (speciaal, voor RodeJas). Omdat ik weinig ervaring heb met daten is het volgende vooral gebaseerd op wat ik erover heb gelezen en gehoord, gekleurd door eigen opvattingen. Toch vond ik het wel een goed idee om te delen, ook omdat ik dit weekend toch niks beters heb te doen.
Seks is voor 50-plussers geen ontdekkingsreis meer zoals het eens is geweest. Toch kan het beslist nog wel een dingetje zijn. Bijvoorbeeld omdat het al een tijdje geleden is en daardoor er enige onzekerheid is ontstaan. Of ik daarover wel kan meepraten? Afijn, laten we maar snel verder gaan. De eerste keer met elkaar slapen als 50-plusser kan ook voor beide partners een heel andere betekenis hebben en dat is iets wat van groot belang is indien je op zoek bent naar een relatie voor langere tijd.
Er zijn geen regels wanneer de eerste keer aan de orde is. Voor het ene stel kan dat meteen na de eerste date gebeuren, voor een ander stel wellicht pas na 6 maanden of is het zelfs iets wat geen deel uit hoeft te maken van een relatie. Beide partners moeten het erover eens zijn en dat klinkt als een dooddoener. Ook op latere leeftijd kan een van beide echter toegeven aan wat wordt gevoeld als een dringende wens van de ander en uit angst dat anders de relatie zal worden beëindigd. Juist dat zou toch wel eens het gevolg kunnen zijn, als het ‘afgedwongen’ voelt.
De opvattingen over de eerste keer kunnen heel verschillend zijn:
Het is een voordeel van daten om wat tijd plezierig samen door te brengen zonder extra betekenis.
Het is een test om te zien of het ook op dat vlak klikt want het zou een belangrijk onderdeel kunnen worden van een langdurige relatie
Het is de bevestiging van het feit dat er een relatie is ontstaan of zelfs het startpunt van een ‘echte’ relatie.
Het is daarom van belang dat er vooraf eerlijk over gesproken wordt hoe beide partners tegen die eerste keer aankijken. Het voorkomt dat indien er toch geen relatie tot stand komt, een van beide zich ‘gebruikt’ zal voelen en bij volgende dates het wellicht echt een item wordt. Denken dat ‘het’ wel spontaan gebeurt als beiden er aan toe zijn, is bijna net zo onwaarschijnlijk als liefde op het eerste gezicht.
Als beiden dan toe zijn aan de eerste keer, wat kan je dan nog doen om daar een succes van te maken?
Kies een lokatie waar beiden zich op het gemak kunnen voelen. Eén hotelkamer is wellicht een betere keuze dan thuis bij een van de partners
Neem de spullen mee die je nodig denkt te hebben, zoals je tandenborstel, maar ook gewoon die nachtkleding waarin je lekker slaapt.
Durf te vertellen wat je wilt en waar voor jou grenzen liggen. Ook ouderen hebben nog wel eens de neiging te overdrijven omdat ze denken dat het anders geen goede indruk maakt.
Maak je geen zorgen over de morning after. Niemand ziet er op het best uit na een nacht slapen.
En natuurlijk wist iedereen dit al…
Fietsen langs het verleden naar de toekomst
Ik ben een paar dagen wezen fietsen. Niet ver weg, gewoon in Nederland, langs plekken waar ik vaker geweest ben.Een vertrouwde route is ook een tijdlijn. Bij een nieuwe bocht dook vaak een herinnering op. Voor ik het wist fietste ik niet alleen door het landschap, maar ook door mijn eigen leven.
Soms voelde dat licht en gelukkig. Soms ook niet. Je denkt ook aan mensen die er niet meer zijn.
Niet zo lang geleden maakte ik een lijstje. Vrienden, klanten, collega's, familie, mijn echtgenote natuurlijk, bandleden met wie ik ooit op een podium stond, klas- en studiegenoten, buren, jongens van het voetbal. Ik noteerde uiteindelijk vijfennegentig namen. Vijfennegentig mensen die ik goed gekend heb en die er niet meer zijn. Allemaal jonger gestorven dan ik nu ben.
Allemaal met hun eigen dromen en hun eigen zoektocht naar geluk. Dat geeft een gevoel dat ik niet in één woord kan vangen. Dankbaarheid en verdriet zitten er allebei in, dicht tegen elkaar aan. Zij hebben hun rustige, mooie levensavond niet mogen meemaken. Ik, bijna eenenzeventig, ben nog helemaal gezond en actief en fiets door datzelfde Nederland dat zij te vroeg moesten achterlaten.
Als je zo alleen op je fiets zit, dringt dat soort dingen pas echt door. Je beseft hoeveel leven je eigenlijk al achter de rug hebt. De meeste mensen om me heen zijn inmiddels jonger dan ik en hebben nooit gezien wat ik gezien heb, nooit meegemaakt wat ik meegemaakt heb. Dat maakt je soms eenzaam. Niet dramatisch, maar op een stille manier waarbij je merkt hoezeer je iemand mist om gevoelens en herinneringen te delen. Iemand om naar te luisteren, of die naar jou luistert.
En toch, en dat is misschien het rare van ouder worden, geeft al dat gemis me ook iets anders: moed. Energie, zelfs. Het besef dat je nog leeft, is een reden om er ook echt iets van te blijven maken. Ik geloof nog steeds dat ergens een lieve vrouw op me wacht, dat we samen nog een fijne tijd tegemoet gaan.
Eigenlijk kan en mag je ook niet anders, dan genieten van het leven. Ik zie het als een verplichting aan al die mensen van wie ik afscheid heb moeten nemen. Zij hebben die kans niet gekregen. Ik wel en dus moet ik er iets van maken ook. Dus morgen weer op de fiets. Niet om te vluchten voor het verleden, maar om het mee te nemen naar de toekomst.
Machiel van der Schoot