De oppaskat
donderdag 8 juli 2021
Als een ezeltje in de regen, zo staat de kat op het tuinpad. Zijn mottige vacht hangt in plooien rond zijn oude botten en de zonnewarmte laat hem schijnbaar koud. Een leven lang op dieet en nu te mager om mooi te zijn; het is zijn lot, het is het lot van gulzige mannen. Ik probeer te bevroeden wat hem bezighoudt, maar wat mij te binnen schiet is een scene uit de tekenfilmserie Disenchantment: Duiveltje Luci vraagt aan de zwarte kat die zijn pad kruist: ¨Ben jij een pratende kat?¨ Waarop de kat antwoordt: ¨Ja, ik ben vervloekt tot perfectie.¨
Tijdens mijn oppas-jaren is hij ouder geworden dan ik, die kat. Hij heeft zijn strijd gestreden, zijn levenstempo heeft zich gevoegd naar zijn kwalen - en wat er van hem rest is te vertederend om het oppassen af te doen met eten geven en bak verschonen.
Tegelijkertijd belichaamt hij de nachtmerrie van de datende al-wat-oudere vrouw die ik ben: Mijn hart verpanden aan een man die al verzorging nodig heeft voordat ons verenigings proces voldoende gevorderd is, voordat hij en ik genoeg goede herinneringen bij elkaar hebben geleefd om afhankelijkheid en ziekte te kunnen verdragen.
Trouwens, ik kon er wel eens heel slecht in zijn, in het verzorgen van mannen die mij vreemd zijn: Laatst liep ik een paar kilometers op met een man die fit en rechtop aan de start verscheen en die na vijfentwintig kilometer overhelde als een oude knotwilg. Hij was een aardige, toegankelijke man; gezegend met de perfectie van het kunnen praten. Jawel, ook over gevoelens en de kleine lusten en lasten van het familieleven. Maar wat er mis ging in zijn rug of in zijn heupen wilde hij mij niet zeggen. Ik heb ernaar gevraagd, maar hij weerde mijn vragen af. Hij heeft zelfs het woordje 'pijn' niet gebruikt, anders had ik hem de paracetamol-zetpil uit mijn rugzak aangeboden. Met nog zes kilometer te gaan tot aan het treinstation zat er niets anders op dan wél te doen wat ik anders níet gedaan zou hebben: Pijnlijk duidelijk zijn. ¨Ik weet niet wat er met je is. Maar als jij je ongemak blijft compenseren zoals je nu doet, kom je straks helemaal niet meer vooruit". Waarna hij alleen verder wilde lopen.... Heeft de man zichzelf vervloekt tot perfectie?
Mijn oppaskat en ik zijn op dezelfde dag jarig. Zou hem dat tot een Kreeft-kat maken, met een karakter dat matcht met het mijne? En doet mijn ascendant (Boogschutter) er toe? Zou zijn ascendant nog na te trekken zijn? Dit waren geen serieuze vragen. Een kleine zoektocht op internet echter leverde een bonte stortvloed aan informatie op over al dan niet matchende karakters van kat en 'baasje'. Ook de kattenliefhebber is vervloekt tot perfectie...
Als Kreeft zou ik een Turkse Van moeten kiezen: 'De Kreeft is een echte dierenliefhebber. Dit komt waarschijnlijk doordat Kreeften erg zorgzaam zijn.' Voor de Boogschutter in mij is een Blauwe Rus de ideale match: 'Boogschutters zijn over het algemeen zeer onafhankelijke mensen met een sterke eigen wil.'
Hoe dan ook, ik heb een grondige hekel aan huisdieren - vooral aan oudere dieren met die kenmerkende oude-dieren-geur. Mijn oppaskat heeft mazzel: Hij en ik kennen elkaar al een paar jaar.
*De info over katten en sterrenbeelden komt uit de online Libelle.
geplaatst door RodeJas - 3232 keer gelezen
Vorige berichten
De grote schoonmaak en opruiming in drievoud
Bij de term grote schoonmaak krijg ik een beeld voor ogen, dat in mijn jeugd en wellicht in de jonge jaren van velen op ons netvlies genesteld is: Maart, een moeder met haar schort, emmer, bezem en bleekwater, en het hele huis ging op zijn kop.
Er werd heel wat gesopt in het voorjaar in de naoorlogse jaren. Nu is het schoonmaken niet meer zo tijdgebonden. Bij schoonmaken hoort ook een ander, eveneens niet favoriet werkje: Opruimen.
Bij opruimen komen een paar basale karaktereigenschappen kijken. Een wil, inzicht, doorzettingsvermogen, netheid, maar ook gevoelens. Het is vaak razend lastig afscheid te nemen van spullen, die je ooit gekocht hebt of die je cadeau hebt gekregen. Ik las de volgende vuistregel om in vier stappen op te ruimen:
Alles uit de kast(-en) halen. Je krijgt wel een hoop rommel maar je zult er van versteld staan wat je in de loop van de jaren bewaard hebt. En het kan zelfs nog leuk worden!
Keuzes maken. Maak drie stapels: Wat je wel wilt bewaren, wat je sowieso weggooit en wat je misschien bewaart.
Afscheid nemen en bedanken. Dan bedank je de spullen die je niet meer wilt hebben en bedenkt wat er mee gaat gebeuren: Wegooien, weggeven of verkopen.
Opbergen. Wat je echt wil bewaren geef je nu weer een plekje.
Er is ook zoiets als digitale opruiming. Velen bewaren een ontstellende hoeveelheid digitaal materiaal op de harddisk van hun laptop, pc, op een stickie of op hun smartphone. Ik was in mijn werkzame leven lid van een commissie die zich druk maakte over de bewaartijd van papieren documenten, en in een later stadium ook over het bewaren van digitale bestanden. Daarmee ging ook een opruimactie gepaard; wat moet je doen om te voorkomen dat je computer dichtslibt? Als spook dreigt ook nog eens de duurzaamheid van de opslagmedia. Veel digitaal materiaal van de eerste generatie is nu niet meer te raadplegen… Er is ook van overheidswege het een en ander hierover geregeld. Je kunt niet zomaar een oud archief – wie zou daar nog in geïnteresseerd zijn? – in de kliko voor oud papier doen.
Als derde aspect van opruimen durf ik intermenselijke contacten aan te stippen. Vrijwel iedereen heeft een adreslijst van naaste verwanten, vrienden en kennissen, met telefoonnummers en tegenwoordig ook emailadressen en zelfs Skype Nicknames.
Zo’n lijst van mensen uit je leven hoort dynamisch te zijn. Mensen verhuizen, krijgen een ander telefoonnummer, overlijden, krijgen een relatie of verdwijnen uit je gezichtsveld door een conflict. Een adreslijst is er in wezen ook in je hoofd, in je hart!
Misschien is het opschonen, het aanpassen en aanvullen gevoelsmatig van de laatste “lijst” nog lastiger dan de acties bij het opruimen in huis en het opschonen van digitale bestanden. Dat kun je maar deels op grond van praktische overwegingen doen. Ik merk dat jaarlijks als ik de adreslijst voor het verzenden van nieuwjaarsgroeten ga doorlopen. Het beste is dan dezelfde driedeling als bij het opruimen van spullen te hanteren: Die mensen zal ik altijd op mijn lijst laten staan, die mensen gaan van de lijst af en over een andere groep moet ik nog even nadenken.
Zowel bij het opruimen van spullen, bij digitale opruimingen als bij het zich bezinnen over menselijke contacten moet ik toch afgaan op mijn gevoel. Ik vind dat knap lastig…
Spiegel
De eu van neuken in de keuken bezorgde mijn cursist nog slapeloze nachten, toen de volgende tongbreker zich alweer aandiende.
Mijn docent, begon hij, dat vind ik altijd iets ontroerends hebben, dat bezittelijk voornaamwoord, mijn housbaasmevrouw is boos op mij. Ik dacht direct, de ui en de ou/au zijn van later zorg, eerst maar even dit blog. Vertel maar, zei ik.
Ik zei, zei mijn cursist, ik betaal morgen die hoer.
Nee, zei mijn housbaasmevrouw, volgens zijn zeggen, je moet eerst de huur aan mij betalen.
Waarop mijn cursist zei, volgens zijn zeggen dan, dat zeg ik, ik betaal morgen die hoer.
Waarop zijn huisbazin, volgens zijn zeggen dan, zei, nee, eerst mij betalen, want morgen is het de eerste van de maand.
Dat zeg ik toch, zei mijn cursist, volgens zijn zeggen, ik betaal jou morgen mijn hoer.
Uit de rest van zijn verhaal begreep ik dat de huur inmiddels betaald is, maar dat de relatie ernstig verstoord is. Werk aan de winkel.
Kijk, bij de oe is je mond klein en rond en zijn je lippen strak getuit, zei ik, en bij de uu zijn je lippen meer gespreid en ligt je tong verder naar voren. Het is een kwestie van veel oefenen.
Met de huisbaasmevrouw, vroeg hij.
Nee, zei ik, alleen voor de spiegel.
Zoveel verschillen
Zoveel verschillen
Zoveel mensen. Volgens worldometer bestaat de huidige bevolking wereldwijd uit meer dan acht miljard. Ieder daarvan heeft een eigen unieke persoonlijkheid, wat bijdraagt aan een eigen inbreng en ervaring van het unieke “ik”. In alle eenvoud zijn we dus allemaal bijzonder. Met eigen gedachten een eigen wil, een eigen cultuur. Met eigen persoonlijke specifieke eigenschappen, zoals angsten, dromen en herinneringen. Ook diversiteiten van menselijke ontwikkelingen, schrijvers, wetenschappers, kunstenaars om maar een paar voorbeelden te noemen. Om de maatschappij goed te laten functioneren zijn er regels en wetten. We hebben aangeleerd gekregen om ons normen en waarden t.o.v. onszelf en anderen eigen te maken. In feite zijn we allen kunstenaars die acteren in een rol, vooral om onszelf gelukkig te voelen, maar ook de omgeving happy te maken. En al die acht miljard mensen hebben een manier gevonden om samen te leven. Onderzoek wijst uit, dat geen enkel brein hetzelfde is. Ook al zijn wij uniek in onze eigen persoonlijkheid, daar denkt ons brein anders over volgens Marc Slors van de Radboud Universiteit. “We zijn allemaal kopieermachines”. Volgens Marc Slors vertonen we kuddegedrag, wat volgens hem niet negatief is, maar juist noodzakelijk om samen te kunnen leven. Of we nu het denkbeeld van de heersende mode volgen, allemaal een zelfde jeansbroek dragen, de modetrends van de kapsels volgen, dat is bijzaak. Al vanaf onze geboorte leren we om dingen na te doen, te kopiëren. Artikel uit Universiteit van Nederland.
Kuddegedrag, of niet, heel ons leven blijven we leren door meegemaakte situaties. We leren in groepen samen te zijn, manieren te herkennen om in een groep samen te werken. We hebben het ons allemaal eigen gemaakt, of tenminste proberen te maken. Ook niet iedereen lukt dat.
Ieder mens denkt verschillend. Persoonlijk vind ik het lastig om in een groep een discussie te voeren over een belangrijk onderwerp. Zoveel verschillende gedachten over en weer. Horen en luisteren wat er feitelijk gezegd wordt is ook niet voor iedereen weggelegd. Vooral wanneer men zijn eigen gelijk wil laten gelden. Maar vooral ook als er eigen belangen een rol spelen. Wanneer ik dan in deze periode aan al die regeringsleiders, presidenten denk, die overleggen over vrede, zouden persoonlijk gewin en belangen eens opzij gezet moeten worden. Laten we over onze verschillen heenstappen.
In mijn boekenkast staat het boek uit 1971 “The Winds of War” door Herman Wouk. In zijn inleiding haalt Herman Wouk de woorden aan van de Frans-Joodse wijsgeer Julien Benda:
“Indien er ooit vrede zal heersen, dan zal deze niet gebaseerd zijn op angst voor de oorlog, maar op liefde voor de vrede. Het zal niet zijn het zich van daden onthouden, maar het tot ontwikkeling komen van een gezamenlijke geestesgesteldheid”.
Zoveel als een mens onderling van elkaar verschild, toch lukt het om met elkaar om te gaan. In een vriendengroep, met een vriend, of vriendin, of met een partner. Ik heb een vriendin en we gaan al meer dan vijftig jaar met elkaar om. Door de jaren heen hebben we samen veel herinneringen gemaakt en dat maakt, dat we maar een half woord nodig hebben om elkaar te begrijpen.
Ondanks verschillen in karakters houden veel relaties stand. Uit liefde en door houden van. Maar wat is het moeilijk om na verlies, of een scheiding van een partner een nieuwe relatie (op latere leeftijd) te vinden, of een verbintenis te laten slagen. Kunnen we nog wel, nu de jaren al beginnen te tellen, over onze verschillen in denken heenstappen voor het aangaan van een nieuwe relatie. Zijn al onze vooroordelen, belangen en wensen niet het grootste struikelblok geworden?
Ik heb in het boek Wereldbrand geschreven: Gooi mij niet weg. Bewaar mij tot in lengte van dagen, zodat mijn familie generaties na mij tijdens het lezen verbonden worden met mijn gedachten eerder, lang geleden. Ik hoop dat er dan vrede is.
Liefs,
Monique