In de herfst van het leven
zondag 3 oktober 2021
In de herfst van het leven...
Zondagmorgen…het regent buiten.
Vannacht waaide het bij vlagen behoorlijk onstuimig buiten. De stevige wind liet sommige bomen een diepe buiging maken naar mij. Het heeft iets aantrekkelijks en ook weer een soort van beangstigend.
Van storm/stormachtige perioden in de nacht word ik altijd wakker en met wat pech lig ik dan ook een poos wakker.
Het heeft denk ik te maken met het feit dat ik met mijn hoofd onder een raam sliep als klein kind. Daar stond altijd de wind op. Een raam met van dat dunne glas, dat dan onheilspellend kraakte en heen en weer bewoog.
Op dat zelfde raam werden ook allerlei ijsbloemen getoverd in de winter. Die zag ik dan als ik wakker werd en ik kon daar dan een hele poos met bewondering naar kijken. Soms probeerde ik ze dan nog mooier te maken door met mijn vinger wat bij te willen tekenen, maar dat werkte dus niet zo.
Maar okay, dat gaat over een ander seizoen dan de herfst.
Nu is het dus op dit moment vooral herfstachtig weer buiten.
Later ga ik wel even er doorheen wandelen, want ik vind het vaak verfrissend.
“ Het is herfst...zorg dat je wilde haren niet wegwaaien “
Deze zin op een ansichtkaart bij mijn kapper trok ooit mijn aandacht.Ik nam er één van mee en had al een bepaald persoon in gedachten, die ik deze kaart zou toesturen.
Om hem te laten weten, dat ik m.n. hield van het jongetje in hem én... hij had ook toevallig nog een bos lange wilde haren. Daar hield ik ook van.
Waarvan hield ik niet van/aan hem?
Alle jaargetijden/seizoenen hebben zo zijn eigen charmes vind ik.
Alle seizoenen bij elkaar vormen een cyclus, maar elk onderdeel hiervan heeft zijn eigen invulling en geeft je de kans daarbij behorende specifieke dingen te doen (of te laten).
De herfst heb ik altijd één van de mooiste seizoenen gevonden. Als ik op dit moment door
de mij omringende bossen wandel kan ik elke keer weer de mooie, langzaam verkleurende bomen waarnemen. Wat een wisselende schakering aan kleurige bladeren, die sierlijk bij wat wind langzaam neerdwarrelend de bodem kleuren gelijk de verf op een pallet van een schilder. Prachtig, verstillend en een cadeau daarvan dagelijks te mogen genieten.
Overal door het bos neem ik de mooiste soorten en vormen paddenstoelen waar. Het lukt nog steeds om elk jaar weer een voor mij nieuw paddenstoelensoort te ontdekken.
Als ik geluk heb stuiven soms de liefste, mooiste eekhoorns, egels (deze doen dat dan wel op een onthaaste manier 😅) en konijnen voor mijn voeten langs.
Corona en wat minder begane paden door de meeste wandelaars maken die kans tegenwoordig steeds groter.
Ik kan daar eindeloos van genieten en ook al ga ik dgls wandelen toch is elke dag de omgeving weer wat veranderd.
De straks aankomende winter heeft weliswaar niet meer de uitstraling vanuit mijn jeugd,
maar blijft toch voor mij staan voor mooie de koude maanden.
De diepe laag sneeuw, de paar maanden van aaneensluitende bevroren sloten waar ik dgls uren schaatsend op doorbracht en daarna huilend kon rondspringen van de pijnlijke vingers als ze langzaam weer in huis op temperatuur kwamen.
De warme chocomelk en speculaas, die je dan heerlijk erin kon dopen.
De regelmatig gestaag naar beneden vallende sneeuw.
“ A white Christmas “ van Bing Crosby klonk niet alleen via de radio, maar speelde zich
ook vaak buiten af.
En dan die Lente! De ontluikende natuur. Het bloemetjes-en- de- bij seizoen 😉
De lente, waar ik steeds weer in verwondering en bewondering kan stil blijven staan als
de natuur naar buiten treedt en het nieuwe leven zich weer in al zijn pracht laat zien.
En wanneer ook de mensen hunkerend naar buiten treden op zoek naar weer/meer (menselijke) warmte.
De zomer, die het jaar in midden deelt. Waar de zon zich vaker laat zien (als het goed is).
De kleding wulps en luchtiger gedragen kan worden en de sfeer onder de mensen op straat zichtbaar en voelbaar een meer open houding uitstraalt.
We kunnen weer regelmatiger buiten en in de natuur vertoeven. Onze voorraad vitamine D
opslaan, terwijl we vanaf een terras het één en ander aan schoonheid kunnen gadeslaan 😉
Maar nu is het dus herfst, Op dit moment is het even windstil.
Het is dusdanig grijs buiten en daardoor wat donker in huis.
Vlgs mij wordt het echt: Zondag…Rustdag.
Een dag om kaarsen te ontsteken overdag, een heerlijk boek erbij.
Later in de middag het afwezige glas gaan opzoeken en vullen met het zoete elixer der dagdromen en heerlijk rustige muziek.
Laat mij me maar in de herfst van mijn leven bevinden…
Een fijne zondag voor iedereen gewenst!
https://www.youtube.com/watch?v=GRxofEmo3HA 4 seizoenen Vivaldi
Herfstblad
Neerdwarrelend blad
in luchtige vrije val…
Teder ontvangen
op het herfstbladeren bal.
Getekend door het leven,
generfd in eindigheid…
Fluistert hij de belofte
van onvergankelijkheid.
©
geplaatst door Hope - 1375 keer gelezen
Vorige berichten
Een praatje maakt je dag
Met de campagne "een praatje maakt je dag" komt SIRE met een positieve boodschap. 1,4 miljoen Nederlanders maken nooit zomaar spontaan een praatje met een onbekende, terwijl ze daar wel behoefte aan hebben. Veel mensen denken dat een ander daar niet op zit te wachten. Ten onrechte, blijkt uit onderzoek van SIRE. Bijna 66 % van de Nederlanders vindt een spontaan praatje juist prettig. Een kort gesprek betekent soms meer dan we denken. We praten steeds minder, maar zitten steeds vaker op de smartphone te kijken. Dit komt vooral door de verharding in de samenleving. Maar de kwaliteit van onze samenleving wordt ook bepaald door hoe we met elkaar omgaan. Een ander blij maken met een praatje, jezelf daarmee ook, zo simpel kan het zijn. Maar hoe breng ik dat in de praktijk?
Afgelopen zaterdag heb ik samen met een goede kennis op het nieuwe fietspad gefietst tussen Hoorn en Edam op de dijk. Tegelijk met het verzwaren van de oever is dit fietspad aangelegd met volledig zicht op het water. Bij recreatieterrein de Hulk, ten zuiden van Hoorn de auto neergezet, fietsen uitgeladen en bij Grosthuizen de dijk op gefietst. Het uitzicht over de ronde baai achter ons was prachtig, Hoorn was goed te zien. Als we opzij keken zagen we veel zeilboten in het water en ver voor ons uit doemde vaag de vuurtoren van Marken op. Na enige tijd gefietst te hebben stonden er in een bocht 2 eikenhouten banken dicht naast elkaar. Op een daarvan zat een man over het water te staren. Wij gingen op de andere bank zitten.
De tijd was nu rijp om een praatje aan te knopen. "Het is 12.40 uur en wij hebben dit bankje geboekt tot 13.00 uur" zei ik lachend tegen hem. De man reageerde direct met een kwinkslag : mijn gereserveerde tijd loopt af om 12.50 uur, antwoordde hij, dus ik kan nog wel even met jullie praten voor ik weer op de racefiets stap. Al gauw kwam het gesprek op de prestaties van de Nederlandse wielrensters in de tour de France Femmes in Parijs. Om 17.00 uur wil ik weer thuis voor de tv zitten om te kijken of Demi Vollering de gele trui gaat veroveren, zei ik. Ik ook, zei de man. We fietsten verder en zagen na enige tijd weer 2 van diezelfde houten banken vlak naast elkaar op de dijk staan.
Op een bank zat een ouder echtpaar en hun 2 kleine elektrische fietsen stonden naast die bank. Het leken wel een soort vouwfietsen. Ik vroeg beleefd of ik ze wat beter mocht bekijken, want ze lijken me minder zwaar dan die grote elektrische fietsen van 24 kilo. Klopt, zeiden ze, deze fietsen wegen 18 kilo. We kunnen ze bovendien zelf uit elkaar halen en in de trein meenemen. Een ouder echtpaar stopte nu ook bij deze twee bankjes. Ze fietsten zelf met zware elektrische fietsen en ze keken ook belangstellend naar deze kleine fietsen. Het werd nu een gesprek met 6 mensen. Er werd me zelfs aangeboden de vouwfiets even te proberen, maar dat heb ik beleefd afgeslagen. Ik heb nog steeds een gewone toerfiets, dus dat durfde ik niet zo goed. Na circa 10 minuten zijn we weer verder gefietst.
Bij het dorpje Warder ( 4km voor Edam) doemde opeens een camping op midden in een groengebied bij het water. De ongeveer 8 huizen die pal langs deze dijk stonden met uitzicht erop, hadden allemaal protestborden in hun voortuin staan dat dit vredige tafereel spoedig tot het verleden zou gaan behoren. Marina Parken had nl. de camping opgekocht om er dure recreatie villa's neer te zetten. Een man die bij zijn voortuin stond sprak ons erover aan. Ja, kijk nog maar eens goed, een groot deel van het groen gaat ook weg, zei hij tegen ons. Al onze bezwaren zijn door de gemeente ongegrond verklaard. Wij beaamden dat het toch wel erg zonde was van de natuur en de camping.
Daarna fietsen we nog een klein stukje door, tot de dijk een grote bocht maakte. Daar omgedraaid, want we moesten het hele eind ook nog terug fietsen naar de auto. Nu hadden we wind mee, dus fietsten we in 1 ruk door naar de auto. Het experiment van "maak eens zomaar een praatje"was geslaagd. Ik had zelfs 3 x op dezelfde dag een klein gesprek gehad met voor mij totaal onbekende mensen. Misschien toch wat vaker doen?
Poëzie of rijmelarij, bijzondere bordjes, raakt het je?
Een bezoek aan Antwerpen
Het was al weer meer dan een jaar geleden dat ik de sinjorenstad aangedaan heb. Hoewel de NS site mij waarschuwde voor vertraging wegens werkzaamheden aan het spoor heb ik het er toch maar op gewaagd. Zowel in de trein als in Antwerpen zelf viel mijn oog op allerlei pareltjes van het Vlaams. Merkwaardig dat men zich in Nederland voor teksten in het openbaar op bordjes vrijwel nooit bedient van rijmpjes. Onze zuiderburen grossieren er in.
Op de deur van de wagon in Roosendaal las ik “Eerst opzij – dan erbij” (toelichting: laat andere reizigers eerst uitstappen voordat je instapt). Ook: “Deur dicht, comfort in zicht” (energiebesparing”)
Ik houd van het Vlaams. Ook van de omroepberichten in de trein. De conductrice zegt: “We komen aan in Kijkuit” En even later: “Kijkuit” Lieve mevrouw, ik kijk al de hele rit uit het raam! In de trein had een rijmelaar zich uitgeleefd: “Ticket oké? Dan kun je mee” , “Gang vrij – iedereen blij” En in het Frans: : “Parlez plus bas – c’est le bon choix (zachtjes praten).
Vervolgens komen we aan in het plaatsje Heide. Op het stationsgebouw lees ik “Groene halte”. Bij de halte Kapellen heb ik dan weer geen kerkgebouw kunnen bespeuren.
Aangekomen in Antwerpen stond een jongeman in het station in recordtempo blikjes fris te openen, wie maar wilde kon zo gelaafd aan zijn of haar bezoek aan de Scheldestad beginnen.
Toen ik in Antwerpen de Frankrijklei wilde oversteken met andere voetgangers hoorden we opeens keihard: “Opgepast, tram!” in plaats van het belletje wat ik in onze steden hoor.. Ook spotte ik daar een bordje: “Vandaag met een trapper? Sorry hier is enkel ruimte voor een stapper” (alleen voor voetgangers, niet voor fietsers, het fietspad was opgebroken).
Ik word steeds als ik naar Antwerpen ga verrast. Ook nu. In een “winkel” in de stadsgehoorzaal was een team van vier (na later bleek Nederlandse) jongeren bezig met het bedrukken van teashirts. Ik mocht een leuke afbeelding uitkiezen en die drukten ze op een teashirt van de door mij gewenste maat, kostte niets. Nog leuk gesproken met de “drukker”, hij woont maar een paar kilometer van mij vandaan. Ik had weer een leuk cadeautje voor een kleinkind., ik was echt een Hollander: alles wat gratis is…
Even verderop bezocht ik weer de Chocolate line, een winkel met veel chocola en een atelier van chocolade figuren. Ditmaal ontwaarde ik een grote chocolade wisent en een draakje. De tekst op het affiche naast een andere choco sculptuur was een eyeopener: Mosquitoes are like family: they ‘re annoying, but they carry your blood. Is het zo, dat bloedverwanten soms strontirritant kunnen zijn?
In het stadhuis heb ik een expositie over de archeologie van de stad bezocht, de rondleiding heb ik overgeslagen, hoewel ik dan vast en zeker nog meer bijzonderheden had vernomen. De rondleider was heel enthousiast bezig.. Weer dat heerlijke Vlaams!
Nadat ik mijn broodje had genuttigd op de wandelpromenade boven de oever van de Schelde wurmde ik mij door de mensenmassa (er was een optocht gaande in verband met de Pride), totdat mijn oog viel op het bordje aan de gevel van een penthouse: “Te koop straf”.
Nu brak mijn klomp, is het een straf dat huis te kopen? Maar “straf” was de naam van de vastgoedmakelaar..
Om even tot rust te komen streek ik zoals altijd in mijn geliefde stad neer in de Andrieskerk. Wat een tegenstelling met de Pride drukte! Een fijne plek om wat te mediteren. De wandeling richting station liep gesmeerd, voor het eerst heb ik terug via Noorderkempen gereden. Dat ging een stuk sneller dan op de heenweg.
Wie komt ook wel eens in België en geniet van het Vlaamse woordgebruik? Een bezoek aan Antwerpen is voor mij dus geen straf..
Thuis
Zo, lekker kontje, dacht ik, toen ze wegliep.
Dat was wellicht niet per se een gepaste gedachte na ons gesprek, maar gedachten leiden een vrij autonoom bestaan. Je kunt er zo weinig tegen doen. Ze hooguit achteraf betreuren, maar om onkruid te wieden, moet het eerst opkomen, al zou ik mijn gedachte over haar kont niet als onkruid willen afdoen. En daarbij, wat de een onkruid noemt, is voor de ander een prachtige plant.
We stonden op het brood te wachten. De bakker die het brood op de camping bezorgde, was weer eens te laat. Ze zei, dat ze de dag erop weer naar huis ging en toen ik haar vroeg waar thuis was, was haar antwoord dat thuis voor haar niet met een plek te maken had, maar meer met mensen en dan vooral die ene. Nee, die was er nu niet, maar ze had het wel gekend en daarom wist ze dat ze thuis was in zijn armen, waar dan ook. Ik vond het, hoe interessant ook, nog wel zware kost om tien over acht, het was al erg warm, maar zij stak enthousiast van wal. Een lange stoet aan schrijvers, dichters, filosofen en zelfs schilders passeerde de revue om haar invulling van het begrip thuis kracht bij te zetten. Mijn enige bijdrage aan het gesprek bestond uit een verwijzing naar het liedje Hier van Stef Bos en Fernando Lameirinhas, wat ik alleen maar ken, omdat ik het altijd in de les behandel.
De bakker bracht verlossing. Ze nam haar brood, ik wenste haar wel thuis, ze draaide zich om, liep weg en ik dacht mijn ongepaste gedachte.
Ik ben inmiddels ook weer thuis. Er is niet veel veranderd. Ja, de kleur van het duinbos waarop ik uitkijk, was eind mei groen en is nu geel, maar de struiken en bomen hier hebben welbeschouwd weinig te klagen in vergelijking met hun verkoolde collega's op de zwartgeblakerde vlaktes en hellingen in een groot deel van Zuid-Frankrijk.
Mijn thuis is geloof ik toch meer een plek dan een mens. Natuurlijk zou die plek wel heel erg beïnvloed worden door de aanwezigheid van een ander, dat wel. Ik moet er niet aan denken. Alhoewel, zo'n kont zou enige onderhandelingsruimte bieden.