Op reis met een plant
woensdag 31 mei 2023
Ik ging op reis om een plant te kopen - waarna ik dus op reis moest met een plant. Heb ik in Leiden zowel een treinstation als een oppaskat binnen handbereik, deze stad voorziet niet in een tuincentrum. Of, nog beter, in een kweker.
De oppaskat houdt van mij. Althans, dat zeggen de deskundigen aan wie ik vertel over het jonge pimpelmeesje dat een pechvogeltje werd: gepakt door de kat en onder dwingend miauwen in de deuropening gedeponeerd. Het beest (de kat) keek me strak aan. Ik negeerde hem, pakte stoffer en blik, schoof het vogeltje voorzichtig op het blik, legde het op een schaduwrijk plekje achter in de tuin, probeerde het water te laten drinken, katten blikvoer te laten eten. Het wilde niks. Dit pimpelmeesje was mijn eerste offerande ooit - afgezien van de opofferingen die mijn ex zegt zich voor mij te hebben getroost. De kat moest daarna binnen blijven, tijdens het pinksterfeest nog wel.
Goed, ik ging dus op reis om een plant te kopen. Tien minuten lopen naar het station, met de trein naar Boskoop, tien minuten lopen naar het tuincentrum - alwaar alle pioenrozen lichtroze bleken te zijn, zodat de keuze op een krentenboompje viel. Nee, op twee krentenboompjes; eentje voor m'n jarige dochter en eentje voor mijzelf. Kleren zijn geen moeder-dochter dingetje, tuinplanten kunnen dat wel zijn. Boeken trouwens ook. In de boekenkast van mijn Leidse dochter staat ‘Op reis met een zalm’ van Umberto Eco. Zal ik dat boek voor míjn verjaardag vragen?
De trein terug was net weg. Wachten dan maar, op een bankje in de zon, met één plant in mijn schoudertas en één plant naast me op het bankje. Jas los, ik heb het warm. Een scholier komt naast me zitten, net iets te dicht bij. Of nam ik te veel ruimte in? Ik trek de slip van mijn jas onder hem vandaan en schuif een stukje op. Hij verontschuldigt zich beleefd. Zegt, als ik mijn schouders ophaal: ‘‘Ja mevrouw, er zijn ergere dingen.’’ Hij amuseert me. Zo jong als hij is, doet hij op een natuurlijke manier zijn best. Wat ik zeg is een gok: ‘‘Nee jongeman, er zijn beslist geen ergere dingen.’’ Hij kijkt me geschrokken aan, lacht opgelucht mee als hij mij ziet lachen. En waarschuwt ‘‘Pas op, die mevrouw heeft een plant!’’ wanneer een vriend in de ontstane ruimte tussen hem en mij wil gaan zitten.
Liever prettig gebabbeld dan goed gelezen, nietwaar? Heb je weleens een bifi worstje gegeten? Zo’n in dubbel plastic verpakt piemeltje waarmee Marcel van Roosmalen schijnt te ontbijten? Ik wel, althans de mini variant. Ze werden aangeboden tijdens de Leiden Wandelmarathon en ik had wel zin in iets vets, iets zouts. Alzo at ik een mini bifi worstje… Ja hoor, stiekem om net zo grappig te worden als Marcel van Roosmalen. De mens is tenslotte wat hij eet.
Laat ik voor eens en voor altijd duidelijk zijn: Het binnenwerk moet klikken, anders werkt het niet. Klikt het niet, dan lekt het.
Het was de dag waarop ik echt op reis zou gaan met een plant, de dag waarop ik de plant naar zijn bestemming in Eindhoven zou brengen. Plant in schoudertas, portemonnee enzo in heuptasje? Nee, plant in losse tas, schoudertas met gebruikelijke inhoud als rugtas dragen. Er staan mij te veel vrouwen beteuterd in hun tas te staren omdat hun portemonnee nog ‘in de andere tas’ zit. (Jazeker, het zijn altijd vrouwen.) Wat ik wel anders deed: de thermosbeker met koffie ging in het hoofdvak, en niet in een zijvak aan de buitenkant. Dat leek mij veiliger, met het oog op de plant. Het moment waarop ik de plas koffie in mijn tas ontdekte, viel samen met het bericht van de NS dat mijn reis ‘niet mogelijk’ was. Wat eerst? De koffie, ik was nou toch al onderweg. Ik bleek de dop van mijn thermosbeker niet goed in elkaar te hebben geklikt. Zoals ik al schreef: het binnenwerk moet klikken, anders werkt het niet. Kost het zowel veel moeite als een berg papieren zakdoekjes om gelukkig genoeg verder te kunnen reizen. (Sorry, maar een moraal moest; dit is nu eenmaal een datingsite.)
En mijn reis? Die was wel mogelijk, zij het met meer geduld dan ik kon opbrengen. ‘‘Straks rijden we heel langzaam Eindhoven voorbij,’’ zei de jongeman tegenover mij troostend. Zijn geduld was even op als het mijne.
Trouwens, je kunt dit blog ook opvatten als een ode aan jonge mannen op reis…
geplaatst door RodeJas - 1990 keer gelezen
Vorige berichten
Zo vrij als een vogeltje of een vleermuis
Voor middelgrote afstanden (tot pakweg 25 km.) maak ik bij voorkeur gebruik van mijn gewone fiets zonder elektrische ondersteuning. Voor grotere af
Herinneringen liggen aan de bron voor de toekomst
Herinneringen liggen aan de bron van de toekomst
Herinneren…Weet je nog mam, toen we… Onlangs zaten we met heel ons gezin aan
Als je voor een dag een man zou mgen zijn
Iedere maandagmiddag ontmoet ik in het dorpshuis een groepje alleeenstaande dames. Onder leiding van een activiteiten begeleidster gaan dan we iets