Postzegels
maandag 15 mei 2023
“Kom je naar mijn postzegelverzameling kijken?” in onze jeugd was dat een gevleugelde uitdrukking, code voor een spannend ohlala in de tienerkamer. Niet dat er in die tienerjaren veel schokkends gebeurde waar onze ouders zich ongerust over zouden kunnen maken; zo groen als we waren ontlokte het waarschijnlijk eerder een glimlach van herkenning. Ach ja Sweet Sixteen aan de Maas. Inmiddels is het voor mij Sweet Sixties geworden en vandaag wilde ik jullie graag oproepen, om elkaar vaker uit te nodigen om wederzijdse postzegelverzamelingen onder de loep te nemen!
Ik denk niet dat de jeugd van tegenwoordig nog aan postzegels verzamelen doet, de lol is er wel vanaf nu de postzegel passé is en dus zal het geintje wel in onbruik zijn geraakt. Als mensen het nu over 'postzegeltjes' hebben dan bedoelen ze Natura2000-gebieden. Dat hebben we te danken ('t is maar hoe je het ziet) aan het boek 'De Stikstoffuik', over (de gevolgen van) het stikstofbeleid in Nederland. Zoals de tendentieuze titel al doet vermoeden heeft het boek van wetenschapsjournalist Jaspers niet de pretentie om objectief te zijn, al beweert hij dat, maar stemmingmakerij verkoopt beter. Voeg daaraan toe de denigrerende benaming van 'postzegels' voor kleinere natura2000 gebieden en de toon is gezet. Jaspers windt er dan ook geen doekjes om dat het wat hem betreft absurd is dat (vermeend) economisch belang moet wijken voor nutteloze 'wens'-natuur.
Daarom deze oproep aan datende dames, vrouwen, heren en mannen: spreek eens af in een Natura2000 gebied! Je kunt er mooie wandelingen maken, al dan niet voorzien van picknickmand. Bloemetjes spotten, indruk maken met je plantnet-app, een boompje opzetten, een specht horen, lachen om een zomerse plensbui, er is geen gebrek aan gespreksstof in de natuur. En anders kun je altijd nog samen genieten van de stilte ;-). Stel met eigen zintuigen vast dat zo'n postzegeltje, een stipje op de landkaart, in de praktijk nog behoorlijk indrukwekkend kan zijn qua omvang en beleving en een bijzondere natuurlijke rijkdom kan herbergen.
Nog! Want veel gebieden zijn al behoorlijk aangetast. Laten we er zuinig op zijn en in plaats van elkaar na te roepen dat zulke 'snippers' best kunnen wijken voor varkensmest en verder 'na ons de strontvloed'. Er is al niet zo heel veel meer over sinds de grote ruilverkavelingen en schaalvergrotingen. Laten we liever koesteren wat er nog is aan natuur. Want die postzegeltjes, overigens al gauw honderden hectaren groot, zijn als de kanarie in de steenkolenmijn. Wat weg is komt niet zomaar weer terug, als later de inkeer komt.
Hier in Overijssel is er geen gebrek aan mooie postzegeltjes voor de liefhebberende natuurfilatelist en laten we hopen dat het ook zo blijft. Zelf heb ik ze ook al wandelend verzameld, want ik ben hier ook maar import. Naast de serie Natura2000 is er ook de serie Landgoederen (hogere waarden), en niet te vergeten de serie uiterWaarden, extra waardevol dus. Ik denk dat elke provincie zo wel zijn waardevolle postzegeltjes heeft. Het is leuk om samen te ontdekken waar jouw pareltjes zitten. Soms kunnen ze aardig verstopt zitten; des te leuker om erdoor verrast te worden en die ontdekking aan jouw persoonlijke collectie toe te voegen!
Kortom, verleid je date om naar jouw postzegelverzameling te komen kijken. Deze tijd van het jaar is er perfect voor :-P
geplaatst door Pelgrim - 1559 keer gelezen
Vorige berichten
Verjaardagen, je kunt er niet omheen
Elk jaar word ik een paar keer bepaald bij een verjaardag in de familiekring. Twee keer heel kort na elkaar, mijn zoon en een dag eerder ikzelf. Het is dan weer puzzelen wanneer we dat vieren. De rest van mijn familie verjaart op geheel andere tijden in het jaar, zoonlief en ik zijn veroordeeld tot de maand januari.
Verjaardagen werden vroeger doorgaans gevierd op de geboortedag. Nu in veel relaties tweeverdieners zijn zullen zij hun verjaardag vaker in het weekend vieren, voorop gesteld dat zij niet op zaterdag of zondag hoeven te werken. Mijn verjaardag viel dit jaar op zondag en de verjaardag van mijn zoon op maandag. De “viering” van de laatstgenoemde dag schuift dan een kleine week op.
Ik liep in voorgaande jaren tegen een dilemma aan. Wie nodig ik wanneer uit?
Het leek vroeger altijd eenvoudig iedereen op dezelfde dag en tijd bij mij thuis welkom te heten. Achteraf bleek dit nu mijn kleinkinderen wat ouder zijn en mijn zoon een hond heeft, die hij vorig jaar ook meenam niet zo’n slimme optie te zijn. Vorig jaar hoorde ik na de verjaardag van een van mijn kennissen, dat ze “not amused” was, door de combinatie van mijn jongste kleinkind, die ernstige gedragsproblemen heeft en de hond met de overige visite.
Ook tussen de kennissen onderling is het helaas niet altijd koek en ei…
Om herhaling van deze situatie uit te sluiten had ik nu twee “shifts” afgesproken, eerst komen mijn kennissen / vrienden en daarna mijn familie. Dat is ook met het oog op de beschikbare ruimte een goede oplossing.
Dat ik weer een andere leeftijd moet noemen als iemand mij vraagt: “Hoe oud ben je” is soms confronterend, zeker als het iemand is die verder niets van mij weet. Standaard reageer ik dan met “Hoe oud denk je?” Dat lijkt tactisch, maar het is niet uitgesloten, dat de reactie niet gespeend is van een complimentje.
Wat er op tafel komt is een ander punt van aandacht. Een deel van de visite heeft heel specifieke wensen wat betreft een natje en droogje. Omdat van een eenpersoons huishouden nooit geëist mag worden, dat de bewoner standaard een assortiment van een lunchroom heeft heb ik dat wensenlijstje gelukkig vorig jaar goed uitgewerkt en zorgvuldig bewaard.
Het is fijn als een van mijn gasten aanbiedt wat te helpen bij het bedienen en opruimen. Door wie dat doet merk je meteen, hoe zorgzaam iemand is.
Ik hang thuis geen slinger of andere versiersels op. De hopelijk gezellige sfeer komt wel door de gesprekken. Die zijn weer geheel anders als familie of als vrienden / kennissen op bezoek zijn.
Zelf ontkom ik niet aan het evalueren van het voorbije jaar en een vooruitblik op het nieuwe levensjaar. In 2026 heb ik behalve een of twee keer een vakantiereisje maken niets bijzonders op de agenda staan. Maar ik ben terughoudend bij het boeken van het reisje, wie weet komt er iemand op mijn pad met wie ik samen op reis ga. Je weet maar nooit.
Welke ervaringen hebben jullie met het vieren van verjaardagen? Kiezen jullie voor een mix van familie en vrienden of juist niet? Vieren jullie het op de dag zelf of liever op een dag in het weekend? Of vieren jullie het helemaal niet?
Vorm
... of inhoud? Daar moest ik aan denken bij al het geneuzel en gebeuzel over taalfouten.
Ik heb lang geleden twee jaar een relatie gehad met een niet-geletterde vrouw. Dat de relatie geen stand hield kwam niet door haar gebrekkige geletterdheid, maar door mijn gebrekkige emotionele intelligentie. Over hoe het daar nu mee is gesteld doe ik geen uitspraken. Hij is al lang niet op de proef gesteld. Op een schrijffout heb ik haar overigens nooit kunnen betrappen, want ze kon niet schrijven.
Nu ben ik de laatste om te beweren dat taal alleen vorm is. Ik zou er een hele filosofische traditie die in het westen teruggaat tot op de Grieken mee ontkennen. Taal is betekenis, taal is context. Maar wat is de betekenis van betekenis en wat is context? Van die dingen.
Dus nee, ik ga taalgebruik, wel de meest pragmatische component, niet degraderen tot vorm, maar geneuzel en gebeuzel over d/t-fouten beslist wel. Dat gaat immers over hoe wij de taal vormgeven in zijn verschillende gedaantes, de geschreven taal wel te verstaan in dit geval. In de gesproken taal hoor je dat verschil helemaal niet. En laten we nu gemiddeld veel meer spreken dan dat we schrijven. Maar dan nog, ook in de gesproken taal horen we veel 'fouten'. Wat zijn eigenlijk fouten? Maar dat terzijde.
Helaas zijn we hier in eerste instantie aangewezen op het geschreven woord; die foto's zijn helemaal niet belangrijk toch? En laat nu niet iedereen de gave van het woord gegeven zijn. Kijk er langsheen, zou mijn tip zijn. En anders wordt het zoeken naar spelt in een hooiberg. Ik denk nog vaak aan haar.
Over de irritante gewoonte om taalfouten expliciet op taalfouten te wijzen en die te verbeteren en de onzin daarvan gaat in mijn vakgebied nog wel een leuke anekdote rond trouwens. Op maandag vraagt de juf tijdens het kringgesprek aan Jantje wat hij gedaan heeft in het weekend. En Jantje zegt: ik heeft bij papa geslapen. Nee, zegt de juf, ik héb bij papa geslapen. O, zeg Jantje, ik heeft u niet gezien.
Welterusten.
Opa
Een bekend fenomeen is dat veel mannen het fijner vinden om opa te zijn dan vader,en zo ook mijn vader. Groot voordeel was dat hij al op zijn 45ste voor de eerste keer opa werd en hij speelt deze rol nu al veertig jaar met verve:) Eerst natuurlijk voor mijn dochters, en mijn nichtjes. En inmiddels is hij ook al weer geruime tijd overgrootvader gelukkig. Maar een opa, dat hebben mijn kleinkinderen niet. Met mijn kleinzoon doe ik wel wat stoere dingen zoals samen varen met de kano of schatzoeken langs de geocaches. Maar niemand die met hem timmert of hem banden leert plakken en zo. Zijn vader doet dat ook niet met hem, die heeft een eigen bedrijf en altijd druk en weg. Zijn moeder heeft ook eigen bedrijven en als er iets stuk is, regelt ze iemand die het fixt
Maar hoe leuk is het, als er rolmodellen zijn in je leven waarvan je kan leren dat je heel veel zelf ook kan maken? Deze week zag ik een film uit Tokyo waarbij je familieleden kon huren. Best wel triest om te bedenken dat ook in Japan de familie verbanden al zo verwaterd zijn dat inhuur nodig kan zijn. Deze film had ook wel een vleugje humor en verhuurde geen opa's, maar wel vaders, echtgenoten en journalisten. Maar goed, wat heb je eraan om eenmalig een opa in te huren? Je wil toch dat je kleinkinderen iemand hebben die echt van ze houdt, en niet alleen deze week maar volgend jaar ook nog. Er zit niet veel anders op, ik moet ze maar zelf leren timmeren en banden plakken dan:)