Fabeldieren
woensdag 6 december 2023
Het boek Fabeldieren van Floortje Zwigtman, met illustraties van Ludwig Volbeda heb ik gekocht in museum Kranenburg in Bergen. Inleidende tekst : door deze oude verhalen leren we iets over de menselijke geest en over onszelf. Ook een waarschuwing : sommige fabeldieren zijn zo gevaarlijk, dat je ze het best van veilige afstand kunt bekijken. Een voorbeeld is Cerberus, de waakhond van Hades, de God van het dodenrijk.
Cerberus bewaakt de poorten van de onderwereld. Als je bij de onderwereld aankomt begroet de hond je enthousiast en kom je zonder problemen binnen. Maar doden die genoeg krijgen van het dodenrijk en proberen te ontsnappen, houdt hij grommend tegen. En wat dachten jullie van Harpijen ? Dat zijn valse vogelvrouwen met heksengezichten en scherpe grijpklauwen. Ze plukken zeevaarders van hun schepen en wekken met hun vleugels stormen op. Pas ook op voor Medusa, haar lange lokken zijn krioelende slangen en wie in haar ogen kijkt verandert in een stenen beeld.
Maar er zijn natuurlijk ook goede dieren. De Eenhoorn werd in de Middeleeuwen beroemd. Een beker, gemaakt van die hoorn, zou ieder gif die je vijand je wil laten drinken, onschadelijk maken. Ook een goed dier is de Dondervogel. Het is een machtige adelaar. Hij draagt op zijn rug een waterpoel van dauwdruppels. Dat water stort hij uit boven een gebied dat door bosbranden is getroffen, zodat het weer vruchtbaar wordt.
De Griffioen is de koning der dieren. Dit fabeldier heeft een lijf, achterpoten en staart van een leeuw, maar de kop, klauwen en de vleugels zijn van een adelaar. Hij is moedig en sterk. Vele koningen uit de Middeleeuwen wilden net zo onoverwinnelijk worden als deze griffioen en lieten dit dier daarom op hun wapenschild schilderen. Trollen zijn fabelwezens uit Scandinavië. Ze hebben krachtige spierballen en ontvoeren soms mensen. De enige manier om iemand van een trol te bevrijden is klokken te laten luiden bij de trollenheuvel. Ze smijten hun slachtoffer dan weer naar buiten. Maar wie ooit tussen de trollen geleefd heeft, wordt nooit meer de oude.
Mocht er ooit een trollenfamilie in je buurt komen wonen, probeer ze dan te vriend te houden. De enige keer dat je last van ze kan hebben is op de avond voor Kerstmis. als je naar de kerk gaat. Dan vallen ze de verlaten boerderij binnen om er wilde feesten te houden. Dus blijf die avond maar liever thuis. Een Scandinavische weerwolf (mens die een wolf is geworden) is gevaarlijk. Je kan je alleen tegen hem verdedigen door zijn naam eigen naam te roepen, dan verandert hij weer in een mens.
Draken zijn vleesgeworden angsten van mensen. Ze spuwen vuur en hebben zo'n slechte adem, dat alles waartegen ze blazen verschrompelt of verdort. Draken staan bekend om hun woede en slechte humeur, zijn trots, jaloers, hebzuchtig, vraatzuchtig en lui. Dat noemt men wel de 7 hoofdzonden. Een ridder die ten strijde trekt tegen een draak, strijdt dan tevens tegen het kwade in hemzelf. Chinese draken zijn minder chagrijnig, mensen staan niet op zijn menu. Als hij in een goede bui is, zal hij je zelfs helpen. Als je in China een draak genoemd wordt, is dat een compliment. De Djinn is ontstaan uit de hete wind van de woestijn. Ze kunnen goed of kwaad doen, want ze hebben magische krachten. Djinns kunnen je gek of ziek maken, maar ze kunnen ook paleizen voor je bouwen.
Tsukumogami betekent : rommelende rotzooi. Ruim je nooit op? Na jaren gaan gebruiksvoorwerpen een eigen leven leiden. Door gaten in de wand staren wel 100 ogen je aan. In de keuken vecht Seto Taisho, de potten- en pannengeneraal, met Shiro Taisho de theedoekendraak. De Keukegen lijkt op een kleine hond, die hoognodig in bad moet. Hij leeft onder je bed. Je vindt hem alleen in huizen die nooit schoongemaakt worden. Ze brengen ziektes met zich mee, Dus ruim altijd je kamer op en houdt hem buiten de deur.
Als afsluiting heb ik een mooi verhaal voor jullie Boeddha liep van stad naar dorp om de mensen te leren hoe ze moesten leven. Hij was arm en had honger. Hij ontmoette een haas, die zichzelf wilde opofferen om hem te helpen. De haas sprong in het houtvuur, zodat Boeddha hem kon opeten. Maar Boeddha strekte zijn armen uit en redde hem. Hij zei, ik zal ervoor zorgen dat de mensen nooit zullen vergeten welk offer jij wilde brengen. Hij zette de haas op de maan, waar iedereen hem nog steeds kan zien op alle nachten dat de maan vol is. Daarom is nog steeds bij volle maan de kans op het vinden van een geliefde, voor iedere man of vrouw die daarnaar op zoek is, het grootst...
geplaatst door sixty - 1423 keer gelezen
Vorige berichten
Man om de hoek
Hij moet dichtbij wonen. Liefst op fietsafstand. Niet meer dan 20 minuten rijden voor een spontaan kopje koffie. Geen logistieke uitdaging als je een keer wilt blijven slapen. En dat is nog maar het begin.
Ook zeker geen intercityverbinding als de vonk overslaat. Een man om de hoek; dat is het ideaal van een opvallend groot deel van de single 50-plus vrouw. Daarbij heb ik zelf het idee dat die wens sterker wordt naarmate de leeftijd oploopt. Ik heb alleen geen harde cijfers om dat te onderbouwen.
Geografie van het hart
Op het eerste gezicht klinkt het trouwens redelijk; die geografische beperking. Praktisch zelfs. Ik hoef alleen maar naar de profielen op deze site te kijken. "Ik zoek iemand uit de regio." "Maximaal 10 kilometer." "Liever niet verder dan de stad waarin ik woon." Het staat er gewoon. Eerlijk, transparant en volkomen begrijpelijk. Want wie wil er nou een relatie onderhouden over het eindeloze asfalt van een willekeurige snelweg?
En toch... Als je er even bij stilstaat, zegt die voorkeur ook iets anders. Iets over hoe we de liefde zijn gaan organiseren. Als een agenda-item; een planmatige opgave die bij voorkeur weinig reistijd kost en goed inpasbaar is tussen de sportschool en de wekelijkse boodschappen. De romantiek van vroeger de man die voor je door het land reist, die kilometers maakt omdat hij geen andere keuze ziet) lijkt te zijn ingeruild voor een straal van een paar kilometer en een parkeerplaats voor de deur.
De man om de hoek bestaat
Het goede nieuws: hij is er. Ergens in jouw buurt woont een man die ook op deze site zit. Die ook naar zijn telefoon kijkt en hoopt. Die óók een profiel heeft geschreven waarin hij zichzelf zo eerlijk mogelijk probeert neer te zetten, met een foto waarop hij er net iets beter uitziet dan in het echt.
Het slechte nieuws: hij woont misschien twee straten te ver. Of precies om de hoek, maar dan draagt hij altijd witte sportsokken in zijn sandalen. Of hij woont ideaal dichtbij, maar heeft een ex die ook in die buurt woont. Of hij heeft twee pitbulls en een radicale mening. De afstand klopt. De rest even niet. Maar zegt dat verder iets?
In- en aanpasbaar
Er is niks mis met praktisch denken. Op ‘onze’ leeftijd weten we wat we willen en wat we niet meer willen. Een relatie die voelt als een heen-en-weer is daar één van. Tegelijk vraag ik me soms af of die voorkeur voor nabijheid niet iets anders verbergt. Een behoefte aan controle; aan overzicht. Aan een liefde die past binnen de contouren van het leven dat je al hebt en dat je zo wilt houden.
Als je eerlijk bent, vrouw die dit leest: een man om de hoek is voor jou een man die jouw wereld niet al te veel verstoort. Die inpasbaar is. Die geen grote aanpassingen vraagt. En daar is op zichzelf niks mis mee. Maar de liefde heeft de gewoonte om zich weinig aan te trekken van wat in- of aanpasbaar is. Die gooit roosters overhoop. Die vraagt soms om een halfuur extra in de auto. Die komt soms van een kant die je niet had verwacht en zeker niet had gepland.
Want de man om de hoek is ook die man die je kunt tegenkomen wanneer de nieuwe relatie toch niet zo goed uitpakt als je dacht. Bij de bakker. Op het terras van dat café waar je altijd zit. Met zijn nieuwe vriendin, die er veel jonger uitziet. De nabijheid die je zoekt is dezelfde nabijheid die je later misschien wilt ontwijken.
Keuze of compromis?
Misschien is de vraag niet waar hij woont, maar wie hij is. Misschien is de man van je leven iemand die veertig minuten rijden bij je vandaan woont, maar voor wie je graag in de auto stapt. Iemand bij wie de afstand voor jou geen probleem is, maar een klein offer dat je met plezier brengt. Net als hij, uiteraard.
En misschien woont hij inderdaad om de hoek. Op loop- of fietsafstand. Met een parkeerplaats voor de deur en zonder witte sportsokken in de kast. Dat zou ook kunnen. Alleen moet je hem dan nog wel tegenkomen… En of dat voor de laptop lukt? Alles kan, maar wat denk je zelf? ?
Ken Jezelf, Terugblikken
Het kan best leuk zijn eens terug te blikken.
En als ik dat doe zie ik wel specifieke dingen op bepaalde fases in mijn leven, en ook groei.
Ik ben nooit een carrièretijgerin geweest. Natuurlijk moet je wel werken, maar een carrière heeft mij nooit geïnteresseerd. Wél goed verdienen en werk waar ik blij van word.
Maar mijn hoofdfocus lag meer op een leuke partner en kinderen krijgen.
Dat gebeurde dan toen ik in de 20 was. Getrouwd, twee kindjes en bewust ervoor gekozen om thuis te blijven voor hen. Ik wilde geen sleutel- of oppaskinderen, maar mama thuis als ze uit school kwamen.
Toen mijn jongste naar school ging, ben ik weer gaan werken. Maar dat was niet waar ik blij van werd, dus ging ik weer studeren.
Toen ik ondanks een auto ongeluk en whiplash in record tijd een MBO-4 opleiding had afgerond, wilde ik door! Het doel was mijn grote droom, OK-assistente!
Dat lukte om redenen niet. Ik heb de zorg verlaten en ben gegaan voor mijn andere passie, de Engelse taal.
Ik was toen nét gescheiden en het was een rommelige periode van meerdere keren verhuizen, over de breuk heen komen, alleenstaande moeder zijn, single vrouw, en studeren.
Ergens kwam er werk als docente Engels, een nieuwe partner, en verhuizing naar Zeeland.
Tussen mijn 40e en 50e lag de nadruk sterk op persoonlijke ontwikkeling. Iets wat ik sowieso belangrijk vind.
In die tijd kwam ik tot de ontdekking wie ik nou eigenlijk ben en waar ik gelukkig van word.
Dat kwam uit een beetje onverwachte hoek. Nou ja, eerlijk gezegd een totaal onverwachte hoek!
Mijn toenmalige partner was professioneel drummer geweest en met een aantal andere muzikanten werd een gelegenheidsband opgericht. Bedoeld voor één optreden per jaar: op Koninginnedag.
Iedereen uit het dorp die een liedje wilde zingen mocht meedoen, maar er moest dan wel flink geoefend worden.
Mijn dochter en zoon deden ook mee en op den duur was mijn hele gezin telkens weg om te oefenen. Zat ik daar in mijn eentje.
Ik besloot er ook heen te gaan. Al snel vond ik het leuk en toen een zangeres niet bij het oefenen kon zijn, werd gevraagd of ik in wilde vallen.
Nou, dat was me wat! Ik weet nog dat ik naar die microfoon keek alsof het een of ander monster was.
Ik had nog nooit zoiets gedaan. Maar al snel ging het gewoon goed, was ik over mijn angst heen. Het hielp natuurlijk dat ik iedereen van de band kende en de sfeer heel gemoedelijk was.
Een aantal maanden later was de show. Het podium was een trailer van een vrachtwagen die dwars op straat werd gezet. Eén zijkant ervan was opengemaakt, mooie verlichting erin en alle apparatuur. Ergens vóór het podium stond de geluidsman.
Ik had hier en daar mijn ‘werk’ met wat achtergrondzang en percussie. Af en toe stond ik dus ook op het podium.
De show begon, de hele straat stond vol met publiek, want zo’n eerste keer komt natuurlijk iedereen kijken of het wat is.
Het was hartstikke leuk en gezellig.
Maar op één of andere manier liep het ergens een beetje dood. Ik stond toen toevallig op het podium en zag het gebeuren. De aandacht en interesse van het publiek verslapte en ze begonnen wat weg te gaan van het podium. Een aantal ging het dorpskroegje in gaan of naar huis.
Als in een reflex greep ik een microfoon en begon ik de presentatie over te nemen. Ik begon tegen het publiek te praten, hen erbij te betrekken.
Door mijn enthousiasme en directe benadering kwam het publiek weer terug?!
In no time kon de show verder mét publiek dicht voor het podium. Duidelijk was het gewoon nodig zo af en toe de mensen er echt bij te betrekken en dat ben ik de rest van de avond af en toe blijven doen.
Het werd een hele geslaagde avond!
Na afloop ging ik het kroegje nog even in. Gewoon gezellig. Langs alle kanten werd ik door mensen gecomplimenteerd om wat ik had gedaan, er werd zelfs gezegd dat ik de show had gered.
Ik was helemaal beduusd. Ik voelde me alsof je een compliment krijgt dat je haar zo mooi zit terwijl je 6 weken je haar niet hebt geborsteld. Het voelde vreemd, want ik had toch niets bijzonders gedaan? Blijkbaar wel.
Later werd me gevraagd of ik het jaar erop de gehele presentatie op me wilde nemen. Ik heb “ja” gezegd en ik ben dat alle jaren blijven doen. De complimenten kreeg ik ook elk jaar weer.
Alhoewel ik het nog altijd niet snap wat er zo bijzonder aan is wat ik doe -ik ben gewoon ‘ik’ - kan ik het nu omarmen.
Die hele gebeurtenis heeft mij geleerd waar ik goed in ben én waar ik ontzettend blij van word: voor een groep staan en iets overbrengen.
Of dat nou als presentatrice is of als coach van groepen of docente of webinars online.
Rond de 50 was ik weer een paar jaar single en lag wéér de nadruk op een partner vinden.
Door de jaren heen is dat verschoven naar gelukkig zijn. Nu ik dan gister 60 ben geworden, is een partner niet langer het centrum van mijn universum, maar ikzelf en mijn geluk.
Die partner wil ik heel graag, maar dat is werkelijk een aanvulling. De kers op de taart.
Of de aardbei, want ik had een heerlijk aardbeitaartje om mijn verjaardag te vieren!
Dauwtrappen
Dauwtrappen
Letterlijke betekenis: “In de vroege ochtend op je blote voeten lopen over het nog vochtige gras door de nog aanwezige dauw”. Terwijl ik hier in mijn woonkamer zit te schrijven, tikt de regen tegen de ramen, waardoor mijn ochtendwandeling letterlijk in het water valt. De tijd is voorbij dat ik de stoute schoenen aantrok en gehuld in regenkledij toch op pad ging. Ik heb er geen zin meer in. Ik wacht wel tot het droog wordt.
De laatste keer, dat ik in de heel vroege morgen met blote voeten over het gras liep, was in het zuiden van Frankrijk tien jaar geleden. Het was fris, maar niet zo koud zoals de temperatuur op dit moment aanvoelt. Dauw komt in de zomer in het zuiden van Frankrijk niet zo vaak voor. Maar die nacht had het geregend en de laaghangende wolken hingen nog tussen de heuvels. De zon zou echter dit alles snel oplossen, want het beloofde weer een warme dag te worden. Mijn terugreis naar Nederland stond die dag gepland. Het was een dag van afscheid. Mijn (ons) huis verkocht en nieuwe eigenaren stonden op de drempel van hen pensioen gerechtigde leeftijd om evenals wij van dit huis en de omgeving te gaan genieten. Ik gunde het hen van harte, want na de eerste kennismaking voelde het goed om het huis aan hen over te dragen. De auto tot aan de nok toe volgepakt met de laatste spullen. Voor het definitieve afscheid liep ik nog eens door het huis. Herinneringen aan belevenissen in mij opnemend en tevens wensend het te willen vasthouden. Buiten was het stil, enkel het geluid van de vogels, zelfs de krekels hielden zich nog rustig. Ik hoorde het zachte kabbelen van het water in het bijna droge riviertje aan de overkant van de weg. Ik trok mijn slippers uit en liep met blote voeten over het nog vochtige gras. Ooit eens gelezen dat de dauw een magische en helende werking zou hebben. Ik wilde vooral die verbinding met de aarde, deze plek, tot in alle vezels van mijn lijf voelen en bewaren in mijn herinneringen. Een afscheid voor altijd.
Dauwtrappen, deze eeuwenoude traditie is vooral bekend in de Achterhoek, Salland, Twente, Overijssel en in het Zuiden van het land. Boswachters organiseren natuurwandelingen op de Veluwe en in de bossen. Al eerder schreef ik hier, dat mijn roots in de regio Salland liggen, in het dorpje, toen nog niet zo groot, Schalkhaar en later in Deventer. Als tiener, veertien jaar, zou ik met een vriendengroepje op Hemelvaartsdag gaan dauwtrappen. Niet wandelen, maar op de fiets naar de Veluwe was het plan. Dagen tevoren er al naar uitzien en maar hopen dat het niet zou regenen. Het was een gure dag en al onze plannen gingen jammer genoeg niet door. Een vriendje waar ik verliefd op was zou ook van de partij zijn. En da het niet door ging, was wel het ergste, dat voor mijn gevoel door het slechte weer mij moest overkomen. Hoe verliefd kun je op die leeftijd zijn. Het jaar daarop was het stralend weer en vertrokken we om acht uur richting de IJssel, met het pontje over en over de dijk langs de IJssel richting Vaasen, naar Epe en tenslotte naar de watervallen in Loenen. Hilarisch, maar ook knap vervelend was, dat een meegenomen fles Exota in de fietstas door de koolzuur was opengebarsten. Als kind had ik met mijn ouders deze route vaak gefietst. Dat was toen onze vakantie.
Al met al hoop ik, dat deze dag voor alle dauwtrappers toch nog een aangename en vooral droge dag wordt.
Liefs,
Monique