O, boze zwaan
vrijdag 28 juni 2024
Achteraf gezien was de boze zwaan een voorteken.
In Seoul is een wedstrijd nietsdoen gehouden: Wie 90 minuten lang de laagste, meest constante hartslag had, werd de winnaar. Wie in slaap viel, werd gediskwalificeerd. De wedstrijd was een initiatief van een kunstenaar; hij wilde laten zien dat nietsdoen niet per se tijdverspilling is.
Ikzelf wilde juist van alles doen. De Auronde oppoetsen en hem op Marktplaats zetten, samen met de zware, verstelbare spiraalbodem; het mos op mijn stoepje wegborstelen; verjaardags eten voorbereiden; op blote voeten van Katwijk naar Scheveningen Noorderstrand lopen; de oude gaten van de oude deurkrukken groen verven; een nieuwe wollen loper uitzoeken voor in de kamer. Maar eerst moest ik even een pakketje ophalen bij de supermarkt aan de overkant van het Kanaal, de negende supermarkt op loopafstand, de supermarkt die ik alleen gebruik als postkantoor - en voor bezwijk-aankopen zoals sesam reepjes of rijstwafels met chocola.
Goed, ik ging dus op weg, over het schelpenpad tussen vaart en park. In het gras tussen pad en vaart staat een grote zwaan bij een klein zwaantje. Vleugels in rust, plat op de rug. Als kind woonde ik aan een gracht vol eenden en zwanen. En vol ratten, maar ja. Langs een zwaan met opgestoken vleugels lopen, was ten strengste verboden. Dit verbod werd geïllustreerd met het verhaal van de zwaan die de arm van een jonge moeder had gebroken. Vooral die jonge moeder maakte indruk: Hoe moest ze nu haar baby uit de kinderwagen tillen? Ik liep dus rustig langs de grote zwaan en het kleine zwaantje, keek niet eens naar ze. Strekt het dier plotsklaps zijn nek en blaast! Ik kon maar net opzij springen.
Het takje, beestje, blaadje, steentje of wat dan ook raakte mijn oog toen ik ‘s avonds terug naar huis liep; een onbeduidend voorvalletje. Ik voelde me tevreden: in de diepe stadstuin van mijn dochter had ik twee pioenrozen en een bessenstruik gered van te onstuimig groeiende gulden roedes. Oppaskat Charly keek nauwlettend toe; er kon immers elk moment iets spannends tevoorschijn komen. Liever had hij de avond samen met mij op de bank doorgebracht, denk ik. Hij wilde op mijn bovenbenen klimmen, telkens als ik op mijn hurken zat.
Vandaag zit ik aan mijn ronde tafel blij te zijn dat allebei mijn ogen weer licht kunnen verdragen. De lindeboom voor mijn flat kijkt vriendelijk terug; zijn mond raakt wat uit model. Het begon klein. Bij klein leed altijd eerst spoelen met lauw water, is mijn motto. Dat was ‘s nachts, toen ik wakker werd met een rechter oog waar een mes in stak. Bij groot leed willen tranen nog weleens helpen - tenminste, als er een reddende engel in de buurt is. Dat was de dag erop, toen ik (met aspirientje) boodschappen dacht te gaan doen, maar strandde bij de huisartsenpraktijk. Mijn reddende engel was de arts die toevallig langs de ‘wegens ziekte en onderbezetting’ gesloten balie liep. Ze vroeg wat er mis was en regelde dat mijn eigen huisarts zijn lunchpauze opschortte. Hij onderzocht mijn oog en maakte een spoedafspraak met de oogarts - die op zijn beurt constateerde dat een beschadiging op mijn oog geïnfecteerd moest zijn geraakt. Het takje, beestje, blaadje, steentje of wat dan ook?
De volgende dag, aardig opgekikkerd, bracht ik (met zonnebril én grote zonneklep) even een tas vol karton naar de container. Dus struikelde ik in de schaduw over een eeuwenoude boomwortel en viel alweer een gat in mijn knie. ‘s Middags stond ik in het verkeerde ziekenhuis voor mijn prikvoeten; het ziekenhuis dat de informatiebrief had gestuurd en niet het ziekenhuis dat werd genoemd in de bevestigingsbrief. Ik ben een beginneling in de Leidse gezondheidszorg... En nou is het genoeg, boze zwaan. Vandaag ga ik niets doen. Helemaal niets. Mijn haar zit trouwens best goed.
geplaatst door RodeJas - 1734 keer gelezen
Vorige berichten
Mooie woorden zijn lang niet altijd daden
Mooi gezegd dat een grote woonafstand van elkaar geen bezwaar hoeft te zijn om je partner beter te leren kennen. Zelfs als dat inhoudt dat je de ander dan maar sporadisch kunt bezoeken omdat hij/zij meer dan 1000 km van jou verwijderd woont. Een gastvrij onderkomen in het buitenland kan bovendien een heerlijk vakantieadres zijn, zeker als het een Hollandse man of vrouw is, die de plaatselijke taal goed kent. De wederdienst is dan jouw gastvrije huis als hij of zij naar Nederland komt. In beide gevallen heb je geen hotel nodig.
In het buitenland kan degene die daar al lang woont, je tevens alle mooie plekjes in de omgeving laten zien, zonder dat je daarvoor met een hele groep toeristen op pad hoeft te gaan. Omgekeerd kan de ander bij jou in Nederland, rustig zijn & haar familie bezoeken vanuit jouw huis, of bij jou thuis ontvangen. Na een periode bij elkaar geweest te zijn, kan je daarna beeldbellen met elkaar om de relatie samen verder uit te diepen. Dagelijkse beslommeringen val je de ander dan maar liever niet teveel mee lastig, die los je gewoon zelf op.
Maar wat gebeurt er als je iemand ECHT nodig hebt in de tussenliggende periode dat je niet bij elkaar bent? Tot wie wend je je dan? Tien tegen een dat het een familielid is, je kind(eren), die goede buren of je hartsvriend(in) die alle ins en outs van je kent. Je kan immers niet verwachten dat je partner even overkomt omdat je opeens voor een kortstondige opname naar het ziekenhuis moet, je huisdier(en) te verzorgen in de periode dat je dat zelf niet kan, je post dagelijks uit het zicht te leggen om inbraak te voorkomen, etc.
Nou weet ik wel dat ik niet bij voorbaat al overal beren op de weg moet zien, als er nog niks aan de hand is, anders kan ik straks "bijna" alleen nog maar achter die spreekwoordelijke geraniums zitten. Het is bij mij wel zo dat grote avonturen aangaan een stuk minder is geworden, zeker nadat ik met pensioen ben gegaan. Over al die praktische dingen dacht ik 10 tot 15 jaar geleden nog niet zo na. Misschien scheelt het als je zelf ooit hebt meegemaakt dat er iets ernstig mis ging, of bij een dierbaar persoon waar je een hele sterke band mee hebt.
Ik heb ook ondervonden dat iemand die aan het andere eind van ons land woont ook niet zomaar even naar je toe komt, maar dat het vaak allemaal om vaste afspraken draait. Bij ie man of vrouw die veel minder ver weg woont, gaat dat toch allemaal een stuk makkelijker...
Voorbereidingen op de echte afspraak
Ik ben als ik dit schrijf bezig met het afvinken van mijn things-to-do list voor mijn vakantietrip die 6 juni begint. Er staan aandachtspunten op die ik de afgelopen dagen heb afgerond, dingen die ik vandaag en morgen ga doen en ook heel belangrijke afstreeppunten, die pas op de vroege ochtend van het vertrek afgerond kunnen worden. Acht dagen met de bus richting Hongarije, bezoekjes aan Boedapest en omgeving, in een land waar ik van de taal echt geen enkel woord spreek. Dat gebrek aan zelf verbaal te kunnen communiceren stuit mij tegen de borst. Ik breek zelfs mijn tong over de fonetische weergave van de belangrijkste zinnen en uitdrukkingen in het boekje met woorden en uitdrukkingen in het Hongaars.
Eigenlijk is mijn hele leven een voorbereiding op dingen die later gaan gebeuren. Als kind moest ik mij op school voorbereiden op mijn werkzame leven. Dagelijks of eens per paar dagen moet ik boodschappen doen. Ik probeer bij de voorbereiding van mijn vakantie niets te vergeten. Als ik jarig ben of anderen uit mijn kring jarig zijn eist dat weer een ander stuk voorwerk. En dan de kerstkaarten! Daar begin ik vroeg mee, in oktober ga ik ze al schrijven.
Een date vraagt, nee smeekt ook om voorbereidingen. Ik geloof dat van een flink deel van de dates al op voorhand helder is, dat ze geen vervolg krijgen, louter en alleen vanwege een slechte voorbereiding. Evenals een vakantie volledig in de soep kan lopen als het voorwerk niet perfect is. Hoe vaak lees ik niet dat een gezin en nog vaker een single onderweg merkt, dat er iets vergeten is. Ronduit rampzalig is het vergeten van het uitdoen van de knop van een gasfornuis, die weliswaar op de laagste stand stond.. Als je met z’n tweetjes bent zullen die ultieme missers minder vaak voorkomen.
De voorbereidingen voor een date moet je toch zelf doen. Hoewel, ik heb van sommige dames gehoord, dat ze hulp hebben gekregen, meestal van een dochter of een ander familielid die hen adviseerde hoe ze hun date tegemoet moesten gaan, en vooral bij het opstellen van een profieltekst.
Vrouwen schenken voor een afspraakje doorgaans meer aandacht aan hun kleding en overige uiterlijke verzorging dan mannen. Een even belangrijk aspect voor een date is goed afspreken, waar de locatie is en hoe laat de ontmoeting plaats heeft. Wat voor iemand een bekende plek is kan voor de ander een zoekplaatje zijn.
Net als voor een vakantiereisje is een lijstje van aandachtspunten bij een date niet overbodig,. Voorkomen is beter dan genezen. Nog erger, een mislukte date door een slechte voorbereiding krijgt doorgaans geen tweede kans. Er zijn onvoorziene omstandigheden die een date compleet kunnen laten mislukken. Iemand kan in een slecht humeur verkeren, gewoon niet goed in zijn of haar vel zitten. Is het dan niet beter om de date uit te stellen??
Buienradar is een geweldig hulpmiddel om een buiten-date tot een succes te maken. Ik raadpleeg die site regelmatig. Helaas is ook die site niet altijd voor 100 procent betrouwbaar.
Ik wens iedereen goede voorbereidingen op de ontmoeting, die nog komen gaat. En nog meer, dat die date slaagt en een vervolg krijgt!
Uitgehuwelijkt
Afgelopen weekend heb ik 2 kunstroutes bezocht. Ze waren allebei in de buurt en dus te bezoeken met de fiets. Als bonus heb ik ook diverse mooie tuinen mogen betreden waarin de beelden, het keramiek of de schilderijen zeer fraai stonden opgesteld. Toch hadden sommige kunstenaars hun werk ook nog volledig opgesteld staan in hun atelier.
Zo betrad ik een atelier waar de kunstenaar veel schilderijen van Rembrandt van Rijn had nageschilderd. Hij zei met een brede lach : je hoeft niet meer naar het Rijksmuseum om zijn schilderijen te bekijken, je kunt zijn werk hier ook bewonderen. Hij had ook nog "het puttertje" van Carel Fabritius nageschilderd, Rembrandts meest getalenteerde leerling. Rembrandt is helaas niet zo netjes met het werk van zijn beste leerling omgesprongen.
Als hij een schilderij van Carel mooi vond, zette hij gewoon zijn eigen handtekening eronder, vertelde de kunstenaar me. Hij kwam ermee weg, omdat Fabritius nog een leerling van hem was. Meestervervalser Han van Meegeren, die o.a. schilderijen van Vermeer had vervalst kreeg er gevangnisstraf voor. Rembrandt was in wel meer dingen niet zo netjes, antwoordde ik hem. Ik heb ooit eens gehoord dat hij veel schulden had gemaakt en dat hij in 1656 vrijwillig failliet ging om het erfdeel van zijn zoon te beschermen, maar zijn huis & inboedel werden later toch nog verkocht.
Ook weet ik dat hij na de dood van zijn vrouw Saskia van Uylenburgh een kindermeisje, Geertje Dircx had ingehuurd voor zijn zoon Titus. Zij was ook de huishoudster. Hij werd op haar verliefd en zij werd zijn minnares. Niet vreemd, maar wel ongepast dat ze ongehuwd samenleefden als man en vrouw, dat kon echt niet in die tijd. Hij deed haar dus een trouwbelofte. die hij net zo makkelijk weer verbrak, toen hij een relatie kreeg met Hendrickje Stoffels, zijn grote liefde en muze. Geertje pikte dat niet en klaagde hem aan. Dat kon ze niet winnen want Rembrandt was toen al een beroemd kunstenaar. Sterker nog, zij had de ringen van zijn vrouw, die hij zelf aan haar geschonken had, naar de lommerd gebracht. Hij klaagde haar dus ook aan. Door zijn toedoen werd zij 5 jaar opgesloten in een tuchthuis.
Het gesprek met deze kunstenaar ging als volgt verder. Hij zei : geloof het of niet, maar mijn vrouw en ik zijn aan elkaar uitgehuwelijkt. Wat, hier in Nederland (?), dat meen je niet, zei ik en keek hem verbaasd aan. Tja, mijn vader had een grote boerderij, haar vader was ook een rijke boer. Wij werden door onze ouders gezien als een uitstekende huwelijkskandidaat. Ook kenden onze ouders elkaar, wij hadden dezelfde achtergrond, dezelfde waarden en normen, kat in het bakkie. Hoe liep dat af, vroeg ik hem, zijn jullie gelukkig geworden? Na 55 jaar huwelijk is ze nog steeds mijn vrouw. Geen enkel probleem, onze ouders hadden het goed gezien, antwoordde hij met pretlichtjes in zijn ogen.
By the way, ik heb hier ook nog een dienblad vol met kleine borreltjes oranje bitter staan, voor al mijn bezoekers. Tast toe, proost ...