De ziel brede haar vleugels uit
vrijdag 3 januari 2020
Wat een prachtige Nieuwjaarsdag.
“De buren hebben al hun rotzooi van de afgelopen nacht weggehaald... “ denk ik op mijn weg met mijn honden en de camera naar de dijk. Graag wil ik de lucht invangen met mijn camera... Nog is het licht bleek. In het Duits bestaat er zo een mooi woord voor bleek licht – fahles Licht.
Een keer op de dijk beland is de bleekheid verdwenen en die zon staat diep en verblind mijn ogen. Tegenlichtopnames! Het is erg nat en water druppels hangen in de struiken. Mooie motieven voor de camera. De honden genieten het, los te kunnen lopen en worden ook zonder duik kletternat van het rollen in het gras.
Ook mijn gedachten gaan aan de wandel.
Het jaar 2020 is begonnen. Het is dan ook het begin van een nieuw decennia. Als ik mijn afgelopen decennia in een “vogelvlucht” bekijk, zo was het een decennia vol van afscheid nemen, zorg en verzorging, zielenpijn en tranen. Het was ook een decennia van gevechten. Gevechten om het leven, het overleven van mijn man en mijn leven zoals ik het ken, kende. Een gevecht geboren vanuit het onvermogen los te kunnen laten en of willen. Een strijd die te voeren was, om tot mezelf terug te vinden. Vanuit mijn zicht nu, was het een gevecht tegen windmolenvleugels geweest. Maar voor mij nodig en “mijn weg”!
Toen de strijd heeft gewoed in me, was ik op zoek gegaan naar bondgenoten, niet realiserend, dat ik alleen in mezelf moest en kon zoeken.
Diep in het alleen zijn en de eenzaamheid, heb ik me uiteindelijk gevonden, mezelf weer kunnen zien. Mezelf en niet het beeld, de “rol” in die ik me graag had gezien.
Met het nieuwe jaar, het nieuwe decennia zijn de sluiers voor mijn innerlijke ogen weggevlogen. Mijn blik is helder en mijn dromen zet ik kleurrijk op een doek.
Oh ja, ze zijn da nog de dromen en het verlangen, maar net als het verlies en het verdriet hebben ze hun plek gekregen.
Met mijn natte honden weer thuis en bij een lekkere kop koffie moest ik denken aan het Schumann Lied “Die Mondnacht “ (tekst: Joseph von Eichendorff)
https://youtu.be/Lbjp1K6XfRw
Mondnacht (Joseph von Eichendorff)
Es war, als hätt’ der Himmel
Die Erde still geküßt,
Daß sie im Blütenschimmer
Von ihm nun träumen müßt'.
Die Luft ging durch die Felder,
Die Ähren wogten sacht,
Es rauschten leis’ die Wälder,
So sternklar war die Nacht.
Und meine Seele spannte
Weit ihre Flügel aus,
Flog durch die stillen Lande,
Als flöge sie nach Haus.
Allemaal beste wensen met 2020!
Liefs
geplaatst door Elli - 1554 keer gelezen
Vorige berichten
Slecht nieuws
De al wat oudere man is vaker het onderwerp van slecht nieuws in de vorm van een overlijdensbericht dan de al wat oudere vrouw, las ik. Wat ook slecht nieuws is voor die al wat oudere vrouw - in het bijzonder als ze single is, en op zoek naar een man om van te houden, een man om haar leven mee te delen. Zo blijven er immers steeds minder goede mannen over die een mogelijk toekomstige geliefde zouden kunnen zijn? Egoïstisch? Joh, het zijn maar woorden. En alleen iemand die mij niet kent, zal mij hier helemaal in herkennen.
Dit is al de achtste week van de steigers rond mijn flat. Naar buiten kijkend door de opening tussen mijn bolletjes gordijnen, zie ik niet de lindeboom die naar binnen kijkt, maar een steigerpaal. En mijn tuintje heeft het moeilijk. De mahonia’s bij het muurtje kunnen mij niet zoveel schelen; die stonden hier al, en zelf zou ik nooit voor een haag van mahonia's kiezen. De aardbeitjes, de primula’s, het daslook, en de jonge krentenbomen, taxussen en zwarte vlieren gaan mij wel aan het hart. Maar ja, waar moeten de werkmannen anders hun voeten neerzetten, onderweg naar een nieuw karwei? Ik vroeg hen wanneer het door de hogedrukspuit ontstane gat schuin boven mijn kamerraam gerepareerd zou worden. Het voegwerk aan de gevel leek immers afgerond te zijn? Ze kwamen een kijkje nemen, de twee mannen. Maar nee, mevrouw, dat is betonrot, en reparatie van betonrot staat niet in onze opdracht. Hè, betonrot, alarm, onmiddellijk repareren! Toch? Ik dacht aan de lijdensweg met de lekkende asbestleiding in mijn badkamer, een paar jaar geleden. Het laten repareren van betonrot zou weleens evenmin simpel kunnen zijn. Ze snapten het, geloof ik, die werkmannen. Eentje maakte een foto; hij ging contact opnemen met de beheerder.
Die al wat oudere mannen en het slechte nieuws: In de nieuwsbrief van het CBS las ik, dat het aantal in het verkeer omgekomen mannen het afgelopen jaar is gestegen, terwijl het aantal omgekomen vrouwen is gedaald. Het betreft vooral fietsende mannen, en vrijwel alleen fietsende mannen van zeventig jaar en ouder. Gevalletje vergrijzing, en van mannen die meer fietskilometers blijken te maken dan vrouwen? Of is het gecompliceerder? Zijn mannen, ook de al wat oudere, competitiever dan vrouwen, en zijn vrouwen meer risicomijdend? Deze vrouw in ieder geval wel: Vanwege de vele (door auto’s!) omver gereden fietsers in mijn nieuwe, oude woonplaats Leiden, verplaats ik mij daar te voet of per step. En ik vraag jullie, al wat oudere mannen… Nee, ik vraag jullie niks, helemaal niks. Wees vooral gelukkig, op die veel te snelle fiets!
Bron: CBS nieuwsbrief, cbs@nieuwsbrief.cbs.nl
Bakfiets
Er dendert weer zo'n fiets voorbij.
Dat hij, toen ik nog kroost had, niet bestond,
stemt me trouwens blij.
Ik geef toe, het was in mijn tijd meer gesjor,
een stoeltje achter en een stoeltje voor,
maar de mise-en-scène
smeedde een verbond,
dat ons vormde tot drieëenheid,
Vader, zoon en dochter.
Nu ik mijn driewielertijdperk met rasse schreden voel naderen,
kan ik me niet meer heugen,
is er iets dat dat geluk nog kan benaderen?
Niet direct, maar mocht er
iets in mij opkomen, dan zeg ik het geheid.
Ik weet, geheugen is een leugen,
en betekent voor de toekomst niets.
Wie weet, rijden wij hem ooit samen tegemoet
in wat dan ook, desnoods zo'n bakfiets.
Zit ik dan achter en jij voor?
Maakt mij niet uit, ik ga ervoor.
Eind goed, al goed.
Een steuntje in de rug of voor de benen
De ouderdom komt met gebreken. Hoewel het verouderingsproces bij iedereen verschillend verloopt, zal een 80-jarige( let wel gemiddeld) minder fit zijn dan een twintiger. Uitzonderingen daar gelaten, ik hoorde onlangs van een man van 25, met wie ik zowel door zijn sociale situatie als zijn conditie niet zou willen ruilen.
Om de gevolgen van het ouder worden de baas te kunnen zijn bestaan hulpmiddelen, hulppersonen en aanwijzingen voor betere gedragspatronen. Die drie soorten hulpjes zijn vaak met elkaar verweven. Naast de reguliere eerste - en tweedelijns gezondheidszorg kent ons land een ratjetoe van organisaties, die allen beweren het beste met ons welzijn voor te hebben.
Die organisaties zijn bedoeld om iedereen een steuntje in de rug te bieden en hen te helpen zo mobiel mogelijk te blijven. Er zijn organisaties, die dit beroepsmatig doen, met betaalde krachten, en organisaties waarvan de bezetting voor (een deel) uit vrijwilligers bestaat. Denk hierbij aan de mantelzorg, die ook en misschien wel grotendeels onbetaald door vrienden of familieleden wordt verstrekt.
Het proces dat vooraf gaat aan het verkrijgen van zo’n steuntje is heel verschillend. Er is een tekort aan kwalitatief goede mantelzorg. Niet iedere goedwillende vrijwilliger is opgewassen tegen de problemen, waarmee hij of zij in de praktijk mee te maken krijgt. De cursussen kunnen hem of haar maar deels op het goede been zetten. Waar er een kostenplaatje bij komt kijken is het goed, dat er financiële tegemoetkomingen zijn.
Wie een steuntje in de rug of voor de benen krijgt blijft hoe dan ook kwetsbaar. Ik vind het niet alleen jammer, maar zelfs schandalig dat sommige mensen misbruik maken van dat kwetsbaar zijn. Verder hebben mensen met zo’n steuntje vaak dezelfde wensen voor de invulling van hun leven als fysiek en geestelijk gezonde mensen.
Er zijn onder de steunverkrijgers (als ik zo mag noemen) personen die een relatie hebben. Ik zie regelmatig op een dansmiddag een vrouw, die haar eega rondrijdt op de dansvloer, hij is meervoudig gehandicapt. Aan de blijheid die uit zijn ogen straalt merk ik hoe zeer hij die middagen op prijs stelt. En zij doet dit vol vreugde voor haar echtgenoot.
Veel singles die minder valide zijn of dat na een tijd geworden zijn missen een partner, zij verlangen wel degelijk naar een maatje om zich heen. Voor de gezelligheid, het contact, en uiteraard als hun steuntje. Er bestaan sites speciaal bedoeld voor deze groep. Sommigen van hen zullen niettemin ook proberen een vriendschap te krijgen door iemand “in het wild” te ontmoeten of door zich op een reguliere site aan te melden.
Het dilemma dat zich dan voordoet is gelijkwaardigheid. Waar de een volop kan meedoen aan allerlei activiteiten is zijn of haar wederhelft beperkt. Er kan sowieso een mooie spirituele band ontstaan. Maar is dat genoeg? En het gevaar is levensgroot aanwezig, dat er een andere, potentiële partner tussenbeide komt, een die nog wel “recht van lijf en leden “ is.
Wie heeft in zo’n situatie verkeerd of kent mensen, die er in verkeren? Die ongelijkheid kan natuurlijk ook tijdens de relatie ontstaan. Als het steuntje dan weg is valt de steunverkrijger in een diep gat… Soms krijgt een contact tussen een hulpverlener en een ontvanger een update naar een liefdesrelatie. Dan blijkt er meer te zijn dan aanvankelijk bedoeld was. Mogelijk heeft een van de lezers ook zo’n ontwikkeling meegemaakt..