Een roos in de vuilnisbak
zondag 15 januari 2017
Er staat een roos in mijn vuilnisbak. Rood, nog vrijwel gaaf, gekregen van een aardige man die vanwege mijn ‘nee’ meende dat hij iets verkeerds had gedaan, en dat alles weer goed zou komen als hij mij een rode roos bracht. Hij (de roos) staat daar tussen de schillen van vorig jaar, want de vuilnisman kwam te vroeg en ik was dus te laat. En steeds als ik de vuilnisbak open zie ik die roos en vind ik het jammer dat hij en ik geen geliefden konden worden.
Nu zou ik het verhaal van deze niet ontloken liefde kunnen vertellen. Het verhaal van een te snel verstommend ‘hallelujah’. Maar juist voor dit verhaal zou ik mijn rode jas moeten uittrekken, de rode jas die binnen houdt wat ik binnen wil houden en buiten houdt wat ik buiten wil houden. Daarnaast: is zo’n verhaal niet al te vaak geschreven? Een leuke ontmoeting, een aangenaam weekend en dan het allesoverheersende besef van één van de twee: Dit wil ik niet? Nee, laat ik het over de schillen in mijn vuilnisbak hebben. Over de invloed van die schillen op mijn liefdesleven. Over het intrigerende artikeltje dat de algoritmes van Facebook mij toebedeelden: “Mannen die groente eten, zijn aantrekkelijker.” Uit een onderzoek zou zijn gebleken dat mannen die vooral groente eten lekker ruiken voor vrouwen. Mannen die veel koolhydraten eten, ruiken juist niet lekker - en de vlees- en tofu-eters zitten wat aantrekkelijke lichaamsgeur betreft in de middenmoot. Het leek mij een slordige conclusie, want het was een onderzoek naar zweet: In hoeverre kan zweet informatie geven over iemands gezondsheidstoestand en genen? Om hierachter komen lieten de onderzoekers zweet-stalen van mannen beoordelen door vrouwen; zij zijn immers de experts. Maar laat een vrouw aan het zweet van een man ruiken en ze kan er niet omheen: Het ruikt lekker of het stinkt. En dat leverde een leuk artikeltje op, een artikeltje dat mij, ondanks zijn simplisme, intrigeert; geur is immers de doorslaggevende factor bij het al dan niet beminnen. Charmante verschijning, weldadige intelligentie, een gedeelde passie maar een voor mij onaangename lichaamsgeur? Ik begin er niet aan. Ook niet als hij belooft om koolhydraten te vervangen door groente. En dan, denkend aan mijn vuilnisbak vol schillen: Zouden ook vrouwen lekkerder ruiken als ze vooral groente eten? Ik heb een hekel aan parfum; ik ruik dus naar mijzelf. O jee. Zou die leuke man van die ene date mij wél onweerstaanbaar hebben gevonden als ik nog volledig vegetarisch had gegeten? Als ik geen macaroni had gegeten de dag ervoor, maar enkel sla? En veroorzaakte die geweldige minnaar niet zelf zijn verminderde belangstelling voor mij met de borden vol rijst die hij me voorschotelde en die ik, onwetend, heb leeggegeten? Ik wil het weten, ik heb een neus nodig die het me vertelt, een scherpe, onpartijdige neus...
Ik ben geen beginneling in de liefde - maar ik zou er zo weer aan beginnen en ik zal er weer in verdwalen. De liefde is immers altijd volkomen nieuw. Eén factor is echter constant: Een geliefde ruikt lekker. Liefde gaat niet door de maag, maar door de neus. Ik pleit hierbij voor het ontwikkelen van een datingprofiel met geur-karakteristieken. Wat wij, daters, echt nodig hebben is geurherkenning via de glaskabel. Een appje waarmee je met je vingertoppen je geur kunt doorsturen op je smartphone. Hm, je ruikt lekker, zullen we? Ach, hoeveel datingleed zou hiermee voorkomen kunnen worden.
geplaatst door RodeJas - 8913 keer gelezen
Vorige berichten
Alle ogen zijn gericht op Kwatta
Ik verbaas mij elke keer als ik in een groep mensen verkeer over de diversiteit. Zoveel mensen, zoveel zinnen. Nooit kom ik in een groep van louter gelijkgestemden. Een enkele keer zie ik op de tv beelden uit Noord Korea, waar hele regimenten mannen en vrouwen in hetzelfde saaie grijze kostuum als hun leider gekleed zijn en ook allemaal dezelfde mening zijn toegedaan. Het lijkt op hersenspoeling, vreselijk om deel uit te maken van zo’n samenleving. En we worden voor de gek gehouden: Er is wel degelijk weerstand tegen deze poppenkast.
Midden in de veelzijdige groepen die ik ken zijn weer een paar personen, die er qua uiterlijk en soms ook door hun gedrag uitspringen. Er zijn heel sociale mensen bij, die mij benaderen, vragen hoe het met mij gaat, die klaar staan om mij van koffie te voorzien. Anderen zijn juist heel stil, ze zullen nooit uit eigener beweging contact zoeken. En dan komt die ene binnen, waardoor alle ogen dezelfde richting op gaan. Oftewel: "Alle ogen zijn gericht op Kwatta". Dat is een bekende Nederlandse uitdrukking die betekent dat iemand of iets volop in de belangstelling staat.
Sommige mensen hebben nu eenmaal een bepaalde uitstraling, door hun uiterlijk, maar ook door hun manier van bewegen en hun vorm van communiceren. Het is in hun voordeel. Of ze gemakkelijk contact maken, hangt af van het karakter van het Kwatta meisje of de Kwatta jongen. Het zijn in elk geval geen muurbloempjes. Ze zullen als ergens gedanst kan worden zich een groot deel van de middag of avond op de dansvloer bewegen. Mannen, die alle moeite doen om zo’n jongedame voor zich in te nemen moeten zich goed indenken, dat zij niet de enige zijn!
Ik vraag mij af, hoe zo’n Kwattameisje of – jongen zich bij dit alles voelt. Zij of hij kan aan elke vinger tien geliefden krijgen. Maar wordt hij of zij daar blij van?
Voor hen is van belang, of ze over voldoende tact beschikken bij al hun contacten en bij de mannen of vrouwen, die achter het net vissen hoeveel respect zij hebben voor de keuze die “Kwatta” heeft voor hun “concurrenten”.
De eerlijkheid gebiedt te zeggen, dat het mijn ego streelt, als ik, al is het maar even, met een dame contact heb, die een als boven omschreven uitstraling heeft. Zoals ook een week geleden, toen ik A. het buurthuis zag binnen schrijden. Ik heb haar wederom ten dans gevraagd, moest haar wel nog enkele bekende variaties van de cha cha leren, maar toch. A. heeft de hele middag verder ook met de andere mannen zonder onderscheid des persoons een dansje gemaakt.
Na een paar uur vond ik het tijd om op te stappen, ik nam afscheid van enkele bekenden maar A. was nergens te bekennen. Toen ik naar buiten liep stond ze daar in haar eentje; het was buiten een stuk aangenamer dan binnen, waar de airco minimaal functioneerde. Uiteraard groette ik haar, ze wist nog niet zeker of ze daar zou blijven eten. Ik kreeg de indruk dat ze even pas op de plaats maakte en buiten de interessesfeer wilde zijn. Even die begerige blikken ontwijken? Misschien is het verlegenheid mijnerzijds, maar ik drong uit respect voor haar gevoelens niet verder aan op nader contact. Daarop ben ik mijns weegs en dus naar huis gegaan.
Overal vind je Kwatta-jongens en – meisjes. Afgelopen zondag kwam ik in een ander buurthuis ook weer zo’n lady tegen. Maar, hoe verschillend! Zij kon wel goed dansen en zij was super sociaal actief door met enkele anderen de zaal in te richten en iedereen aandacht te geven. Kwatta zijn heeft dus niet uitsluitend met een leuk uiterlijk te maken…
Tegenpolen
Tegenpolen trekken elkaar aan wordt alom beweerd. Maar is dat wel altijd zo ? Het kan heel fijn zijn als je daar echt naar zoekt . Voorbeeld : als jij van nature onzeker bent en daar soms zenuwachtig en druk van wordt, kan een rustige partner die niet gauw in de stress schiet een rots in de branding zijn. Maar hoe zit het met dingen die heel erg belangrijk voor je zijn?
Ik kan me goed voorstellen dat een man of vrouw die helemaal opgaat in de verzorging en liefde van de eigen huisdieren, het liefst een partner vindt die daar ook affiniteit mee heeft. Hetzelfde geldt voor normen en waarden, hoe je omgaat met het milieu kan veel invloed hebben op een relatie. Maar ook binnenshuis is de manier van omgaan met elkaar belangrijk Zeker als je van liefdevolle seks,houdt, met veel intimiteit, zal je toch een monogame partner zoeken. Zo zijn er nog veel meer dingen te bedenken.
Maar om even terug te komen op die tegenpolen. Wat je eerst zo aantrekkelijk vond, kan op de lange duur ook tegen gaan staan. Als die rustige partner later zo introvert blijkt te zijn dat je het gevoel krijgt dat hij of zij in een eigen wereld leeft en jou daar eigenlijk niet zo bij nodig heeft, kan dat de relatie bergafwaarts doen gaan. Omgekeerd : de spontaniteit en gevoeligheid die je partner bij jou zo leuk vond in het begin, kan ook gaan irriteren, als de rust in huis daar teveel door verstoord wordt. Dat zijn toch dingen waar je vaak veel later pas achter komt.
Daarom vind ik het belangrijk dat je elkaar goed aanvult. Als hij handig is en graag klust, laat hem lekker zijn gang gaan. Als jij graag leest, of je favoriete serie op tv wilt zien, so be it ! Maar alles valt of staat door dingen niet te overdrijven. Het bekende gezegde ; hier vindt je wat en daar laat je wat, is volgens mij nog steeds van toepassing. Een goede communicatie is daarbij onontbeerlijk. We zijn nu eenmaal niet hetzelfde en de gulden middenweg werkt meestal toch het beste...
Een toekomst zonder zorgen
De gemiddelde leeftijd van de deelnemers aan deze site zal 70 jaar zijn, schat ik. Vanaf de kleuterschool kan ik me dingen nog goed herinneren. Daarvoor zijn het nog vage momentopnames die af en toe door mijn hoofd flitsen, maar zo’n 65 jaar aan concrete herinneringen is er wel verzameld.Herinneringen aan vreugde en verdriet, ontmoeting en afscheid, succes en falen, gezondheid en ziekte, trots en schaamte, hulp en bedrog, geluk en pech. Ieder van ons heeft hetzelfde in meer of mindere mate meegemaakt.
Soms is het bitterzoet. Wat waren er veel fijne dingen en wat is het jammer dat ze nooit meer terugkomen! Toch prijs ik me gelukkig dat het per saldo een enorme rijkdom in mijn hoofd heeft opgeleverd. Rijkdom, die niemand me meer kan afpakken.
Ik vraag me ook niet meer af of ik het beter of anders had kunnen doen. Ongetwijfeld, maar zou mijn leven dan wel zonder vallen en opstaan zijn verlopen? Natuurlijk niet. Terugkijken doe je op onze leeftijd waarschijnlijk vaker, dan een half leven geleden. Ik zelf -en dat gun ik iedereen- kan zo’n moment van bezinning steeds afsluiten met een gevoel van tevredenheid en dankbaarheid.
Maar meer nog dan dat: het geeft ook vertrouwen in de toekomst. Het leven is nog niet voorbij en waarom zou er niet nog een mooie reis in het verschiet liggen? Ongetwijfeld met hier en daar een spannende hobbel, maar veel minder dan tot nu toe. Met minder bewijsdrang, minder lawaai en minder strijd en daarentegen meer tevredenheid, rust en vrede wordt de weg een stuk eenvoudiger en vriendelijker.
Het is nog niet voorbij, in tegendeel.
Machiel van der Schoot