Goed in je vel zitten
donderdag 22 maart 2018
Wat is er de oorzaak van dat we ons soms wat minder super voelen? Wat zouden we graag bij iedereen overkomen als iemand, die nooit iets te klagen heeft. Is dat in alle gevallen reëel?
We hebben allemaal wel eens een “bad day”. Er zijn omstandigheden in ons leven waar we niet veel aan kunnen doen. Je gezondheid kan het even laten afweten; daar gaat de een anders mee om dan de ander. Ik weet uit het grijze verleden nog, dat je bij elk griepje linea recta naar de huisarts ging. Het is goed, als we signalen oppakken, dat er iets met onze conditie mis is. Die aanwijzingen negeren is verkeerd. Tegenwoordig wordt er veel meer dan vroeger aan zelfmedicatie gedaan. De huisarts wordt doorgaans alleen voor ernstigere zaken benaderd. Mogelijk is dat ook cultuurgebonden. Ziek voelen en ziek zijn wordt verschillend ervaren, sommigen blijven erg lang doormodderen. In gesprekken die je hebt met goede kennissen merk je dat al gauw. Hoe vaak wordt de gezondheid aangekaart? Als we elkaar begroeten begint het al: “En, hoe gaat het er mee?” Eerlijkheid is dan geboden, maar moet je altijd het achterste puntje van je tong laten zien??
Of je na een griep weer snel op de been bent hangt natuurlijk ook af van je algemene conditie. Het is geen goede zaak om als gedeeltelijk hersteld bent weer aan de slag te gaan, zowel voor jezelf als voor je omgeving pakt dat funest uit. Aan de andere kant ken ik helaas ook mensen, die hun ziekzijn koesteren.
In een uiterst geval lijken die mensen aan hypochondrie te lijden. Wat???
Mensen met hypochondrie denken steeds dat ze een ernstige ziekte hebben, terwijl er medisch niets te vinden is dat daarop wijst. Hypochondrie is een angststoornis.
Ook als een dokter je goed nakijkt en niets vindt, blijft de angst voor een ernstige ziekte aanwezig of komt na korte tijd terug. Het is bijna niet mogelijk om je gerust te stellen. Je zoekt heftig naar geruststelling. Dat kan de angst voor een ernstige ziekte juist in stand houden of versterken. Begrijp me goed, ik kan goed voorstellen, hoe erg die gevoelens kunnen zijn. Wat erg is, dat sommige hypochonders er een handje van hebben anderen een ziekte aan te praten. Ik heb de indruk, dat ze dat doen om zich zelf gerust te stellen, domweg om een lotgenoot te krijgen.
Als we het idee hebben, dat we verkeerd in ons vel zitten, is het dan wel verstandig om een afspraakje te maken? Is het dan überhaupt handig actief op een datingsite te zitten? Niemand geeft graag toe dat hij of zij in een dipje zit, dat is slecht voor je imago. Dit betekent uiteraard wel, dat mensen, die chronisch ziek zijn of fysiek beperkt zijn ook een kans moeten hebben om in datingland aan de bak te komen. Discriminatie is no way. Gelukkig hebben we aan de andere kant vrije keuze waarbij het gaat om een partner, een vriend.
Mijn prangende vraag is dan weer: Moet je van te voren in een profiel of, als je mailt met iemand nog voordat je echt gaat daten vertellen, hoe de vork in de steel zit? Waar ligt de grens tussen eerlijk zijn en het leugentje om bestwil? Op welk moment geef je opening van zaken? Is het zo, dat hierbij de manier, waarop je reageert op zo’n ontboezeming cruciaal is? De Fransen zeggen dat zo fraai: “C’est la tone qui fait la musique”.
Datzelfde kom je ook tegen als jouw date je vraagt naar de reden, waarom het met een vorige relatie of vorige vriendschap gestopt is. Ik besef terdege, dat juist dit zaken zijn, waarop een flink taboe rust. Sommige taboes zijn het naar mijn smaak waard om door te breken.
Een open eind dus. Hopelijk willen jullie met mij meedenken.
geplaatst door Aktivo1 - 6460 keer gelezen
Vorige berichten
Slecht nieuws
De al wat oudere man is vaker het onderwerp van slecht nieuws in de vorm van een overlijdensbericht dan de al wat oudere vrouw, las ik. Wat ook slecht nieuws is voor die al wat oudere vrouw - in het bijzonder als ze single is, en op zoek naar een man om van te houden, een man om haar leven mee te delen. Zo blijven er immers steeds minder goede mannen over die een mogelijk toekomstige geliefde zouden kunnen zijn? Egoïstisch? Joh, het zijn maar woorden. En alleen iemand die mij niet kent, zal mij hier helemaal in herkennen.
Dit is al de achtste week van de steigers rond mijn flat. Naar buiten kijkend door de opening tussen mijn bolletjes gordijnen, zie ik niet de lindeboom die naar binnen kijkt, maar een steigerpaal. En mijn tuintje heeft het moeilijk. De mahonia’s bij het muurtje kunnen mij niet zoveel schelen; die stonden hier al, en zelf zou ik nooit voor een haag van mahonia's kiezen. De aardbeitjes, de primula’s, het daslook, en de jonge krentenbomen, taxussen en zwarte vlieren gaan mij wel aan het hart. Maar ja, waar moeten de werkmannen anders hun voeten neerzetten, onderweg naar een nieuw karwei? Ik vroeg hen wanneer het door de hogedrukspuit ontstane gat schuin boven mijn kamerraam gerepareerd zou worden. Het voegwerk aan de gevel leek immers afgerond te zijn? Ze kwamen een kijkje nemen, de twee mannen. Maar nee, mevrouw, dat is betonrot, en reparatie van betonrot staat niet in onze opdracht. Hè, betonrot, alarm, onmiddellijk repareren! Toch? Ik dacht aan de lijdensweg met de lekkende asbestleiding in mijn badkamer, een paar jaar geleden. Het laten repareren van betonrot zou weleens evenmin simpel kunnen zijn. Ze snapten het, geloof ik, die werkmannen. Eentje maakte een foto; hij ging contact opnemen met de beheerder.
Die al wat oudere mannen en het slechte nieuws: In de nieuwsbrief van het CBS las ik, dat het aantal in het verkeer omgekomen mannen het afgelopen jaar is gestegen, terwijl het aantal omgekomen vrouwen is gedaald. Het betreft vooral fietsende mannen, en vrijwel alleen fietsende mannen van zeventig jaar en ouder. Gevalletje vergrijzing, en van mannen die meer fietskilometers blijken te maken dan vrouwen? Of is het gecompliceerder? Zijn mannen, ook de al wat oudere, competitiever dan vrouwen, en zijn vrouwen meer risicomijdend? Deze vrouw in ieder geval wel: Vanwege de vele (door auto’s!) omver gereden fietsers in mijn nieuwe, oude woonplaats Leiden, verplaats ik mij daar te voet of per step. En ik vraag jullie, al wat oudere mannen… Nee, ik vraag jullie niks, helemaal niks. Wees vooral gelukkig, op die veel te snelle fiets!
Bron: CBS nieuwsbrief, cbs@nieuwsbrief.cbs.nl
Bakfiets
Er dendert weer zo'n fiets voorbij.
Dat hij, toen ik nog kroost had, niet bestond,
stemt me trouwens blij.
Ik geef toe, het was in mijn tijd meer gesjor,
een stoeltje achter en een stoeltje voor,
maar de mise-en-scène
smeedde een verbond,
dat ons vormde tot drieëenheid,
Vader, zoon en dochter.
Nu ik mijn driewielertijdperk met rasse schreden voel naderen,
kan ik me niet meer heugen,
is er iets dat dat geluk nog kan benaderen?
Niet direct, maar mocht er
iets in mij opkomen, dan zeg ik het geheid.
Ik weet, geheugen is een leugen,
en betekent voor de toekomst niets.
Wie weet, rijden wij hem ooit samen tegemoet
in wat dan ook, desnoods zo'n bakfiets.
Zit ik dan achter en jij voor?
Maakt mij niet uit, ik ga ervoor.
Eind goed, al goed.
Een steuntje in de rug of voor de benen
De ouderdom komt met gebreken. Hoewel het verouderingsproces bij iedereen verschillend verloopt, zal een 80-jarige( let wel gemiddeld) minder fit zijn dan een twintiger. Uitzonderingen daar gelaten, ik hoorde onlangs van een man van 25, met wie ik zowel door zijn sociale situatie als zijn conditie niet zou willen ruilen.
Om de gevolgen van het ouder worden de baas te kunnen zijn bestaan hulpmiddelen, hulppersonen en aanwijzingen voor betere gedragspatronen. Die drie soorten hulpjes zijn vaak met elkaar verweven. Naast de reguliere eerste - en tweedelijns gezondheidszorg kent ons land een ratjetoe van organisaties, die allen beweren het beste met ons welzijn voor te hebben.
Die organisaties zijn bedoeld om iedereen een steuntje in de rug te bieden en hen te helpen zo mobiel mogelijk te blijven. Er zijn organisaties, die dit beroepsmatig doen, met betaalde krachten, en organisaties waarvan de bezetting voor (een deel) uit vrijwilligers bestaat. Denk hierbij aan de mantelzorg, die ook en misschien wel grotendeels onbetaald door vrienden of familieleden wordt verstrekt.
Het proces dat vooraf gaat aan het verkrijgen van zo’n steuntje is heel verschillend. Er is een tekort aan kwalitatief goede mantelzorg. Niet iedere goedwillende vrijwilliger is opgewassen tegen de problemen, waarmee hij of zij in de praktijk mee te maken krijgt. De cursussen kunnen hem of haar maar deels op het goede been zetten. Waar er een kostenplaatje bij komt kijken is het goed, dat er financiële tegemoetkomingen zijn.
Wie een steuntje in de rug of voor de benen krijgt blijft hoe dan ook kwetsbaar. Ik vind het niet alleen jammer, maar zelfs schandalig dat sommige mensen misbruik maken van dat kwetsbaar zijn. Verder hebben mensen met zo’n steuntje vaak dezelfde wensen voor de invulling van hun leven als fysiek en geestelijk gezonde mensen.
Er zijn onder de steunverkrijgers (als ik zo mag noemen) personen die een relatie hebben. Ik zie regelmatig op een dansmiddag een vrouw, die haar eega rondrijdt op de dansvloer, hij is meervoudig gehandicapt. Aan de blijheid die uit zijn ogen straalt merk ik hoe zeer hij die middagen op prijs stelt. En zij doet dit vol vreugde voor haar echtgenoot.
Veel singles die minder valide zijn of dat na een tijd geworden zijn missen een partner, zij verlangen wel degelijk naar een maatje om zich heen. Voor de gezelligheid, het contact, en uiteraard als hun steuntje. Er bestaan sites speciaal bedoeld voor deze groep. Sommigen van hen zullen niettemin ook proberen een vriendschap te krijgen door iemand “in het wild” te ontmoeten of door zich op een reguliere site aan te melden.
Het dilemma dat zich dan voordoet is gelijkwaardigheid. Waar de een volop kan meedoen aan allerlei activiteiten is zijn of haar wederhelft beperkt. Er kan sowieso een mooie spirituele band ontstaan. Maar is dat genoeg? En het gevaar is levensgroot aanwezig, dat er een andere, potentiële partner tussenbeide komt, een die nog wel “recht van lijf en leden “ is.
Wie heeft in zo’n situatie verkeerd of kent mensen, die er in verkeren? Die ongelijkheid kan natuurlijk ook tijdens de relatie ontstaan. Als het steuntje dan weg is valt de steunverkrijger in een diep gat… Soms krijgt een contact tussen een hulpverlener en een ontvanger een update naar een liefdesrelatie. Dan blijkt er meer te zijn dan aanvankelijk bedoeld was. Mogelijk heeft een van de lezers ook zo’n ontwikkeling meegemaakt..