Voor wat hoort wat â maar is dat altijd zo?
maandag 2 augustus 2021
Pecunia non olet, geld stinkt niet.
In de maatschappij is het nu eenmaal zo, dat maar een paar dingen altijd gratis zijn. De zon (als ze überhaupt door de wolken schijnt), de lucht die ik inadem, de regen die in mijn tuin de plantjes te drinken geeft. Voor andere zaken moet ik mijn beurs trekken, ik moet ze ruilen met iets wat ik zelf kwijt wil of ik moet een dienst verrichten, waardoor ik beloond word, al dan niet door een aanpassing van de stand op mijn bankrekening.
Er is dus iets als prestatie gekoppeld aan het ontvangen van een beloning. Voor niets gaat de zon op… Ooit zat ik bij de padvinderij. Eens per jaar gingen de padvinders langs de deuren om geld te verdienen voor hun groep, onder het motto “Heitje voor een kwarweitje”. Als je voor diegene waar je aanbelde een boodschap deed, de straat veegde of in huis wat schoonmaakte kreeg je een kwartje. Sommige “klanten” gaven zelfs meer.. Herinnert u zich nog de zegeltjes, die op de deur of deurpost geplakt werden, als teken dat daar al een katweitje gedaan was? Veel kwartjes opgeteld vormden een leuk bedrag voor de scouting.
Het Jiddische woord hei betekent 'vijf'; het gaat terug op de vijfde letter van het Hebreeuwse alfabet, hee, die 'vijf' als getalswaarde heeft. Het Etymologisch Woordenboek van het Nederlands (EWN) vermeldt dat heitje oorspronkelijk een Bargoens woord is. Het is een verkorting van heitbas ('vijf stuivers'). Een heitje was dus een kwartje. (bron: Onze Taal).
Misschien ziet u het als een zwaktebod, maar ik zou de titel van deze blog graag willen relativeren. Voor wat hoort wat klinkt erg materialistisch. Ik word vertederd als iemand spontaan mij iets geeft of aanbiedt voor mij wat te doen, zonder dat ik daar op voorhand wat tegenover heb gezet. Tegenwoordig word je vaak aangeklampt op allerlei plaatsen, bijvoorbeeld voor een station, door mensen die geld vragen voor iets te eten of te drinken. Vooropgesteld dat ze oprecht behoefte aan een hapje hebben, ik geef nooit geld. Liever stap ik dan een snackbar in en bestel wat voor ze. Wat ze niet leuk vinden, ze willen geld zien…. En zelf bepalen wat ze er mee willen doen!
In ruil voor zo’n geste kan ik toch niets terug verwachten?
Ik kwam vroeger op verjaardagen waar sommige gasten een bedrag(-je) in papiergeld gaven. Net als de andere aanwezigen lieten ze zich behoorlijk verwennen. Naar verluidt was het in sommige boerenfamilies ook gebruikelijk een jarige zo te bedenken, maar dan werd verwachten de gasten weer wel, dat zij van het begin van de middag tot laat in de avond overvloedig te eten en te drinken kregen. Het verjaardaghotel dus. Daarbij waren dan vaak de dames de klos bij het maken van de hapjes en het bedienen… Over “de goede oude tijd” gesproken..
Hoe vaak heb ik niet uit de communicatie via een algemene chat of uit contacten met daters de klacht moeten lezen en horen, dat degene, die bij een date betaalt daarvoor iets terug wil zien. Het kan een paar kanten op. Wanneer een dame er aan het eind van de eerste afspraak er op aandrong de rekening te mogen betalen, kwam het er doorgaans op neer, dat ze geen tweede afspraak wilde. Ook werd ik wel eens getrakteerd, als ik een lange reis overhad voor een ontmoeting.
Andersom heb ik gehoord, dat van dames, die bij een date uitbundig gefêteerd werden door hun gesprekspartner verwacht werd, dat ze hem in ruil daarvoor een “leuke” avond zouden bezorgen. Ik denk dat splitten – tenzij het gaat om een drankje – veel onduidelijkheid kan voorkomen. Als beiden evenwel aanvoelen, dat het traditionele patroon gevolgd kan worden moet dat ook weer mogelijk zijn. “Waar broeken zijn, betalen geen rokken”.. Dit gaat tegenwoordig ook niet op, veel dames dragen een modieuze pantalon.
In relaties is het dilemma van iets geven en wat terug verwachten nog groter. Wat is het goed dat het gebruikelijke rollenpatroon van de man, die het geld inbrengt en de huisvrouw, die voor de kinderen zorgt in de laatste pakweg 50 jaar doorbroken is. Het is goed, dat er daarom heldere afspraken zijn over wat ieders taak en inbreng is in een relatie. Soms moet dat zelfs op papier staan. Het lijkt een beetje kil, afstandelijk, maar daarmee voorkom je veel narigheid.
geplaatst door Aktivo1 - 2609 keer gelezen
Vorige berichten
Niet snoepen tussen de scherven
Op een vrijdagmiddag was ik twee uur onder de pannen in Flevopoort in Amsterdam-Zeeburg voor een editie van het Danspaleis. Er waren veel bekenden en met een van de vrijwilligers mocht ik een perfecte rumba dansen.
Na een paar uur dansen repte ik mij naar de uitgang omdat ik ditmaal met tram, bus en een stukje fietsen op tijd in Haarlem wilde zijn, waar ik voor het eten met een groepje had afgesproken. Opeens viel mijn oog in de straat naar de tramhalte op een bijzonder tafereeltje.
Ik zag op de stoep een glazen weckpot, of eigenlijk wat er nog van over was, overal lagen scherven, maar ik zag ook de inhoud van de pot overal op straat liggen. Snoepjes ingepakt in glimmende papiertjes met alle kleuren van de regenboog. Ik had op de heenweg dezelfde route gelopen en deze verspilling van snoeperij toen niet gezien, daarom moest de teloorgang van de pot met snoep niet zo lang geleden gebeurd zijn.
Zou een kindje, dat de pot met inhoud uit zijn knuistjes liet vallen in tranen uitgebarsten zijn? Of was de pot uit een overvolle fietstas gevallen zonder dat de fietser / fietsster het gemerkt heeft? Ik heb een foto van het stilleven gemaakt, zoveel snoep op de stoep… Ik moest mijzelf inhouden om geen snoepjes op te rapen en mee te nemen of zelfs uit te proberen.
Ik was terughoudend, omdat er een zij het geringe kans was dat er “iets” met de snoepjes niet in de haak zou zijn. En, wie weet zou de echte eigenaar van het lekkers toch nog langs komen om de inhoud van de pot die in scherven lag op te halen. Toch raakte dit alles mij wel.
In Haarlem schoof ik keurig op tijd aan tafel. Ditmaal stond er goed gevulde Chinese kippensoep met mie en stokbrood met kruidenboter op het menu. Toen ik eenmaal aan tafel zat viel mijn oog op een schaaltje waarin – je raadt het al – in kleurige papiertjes gewikkelde snoepjes lagen. Toeval? Ik heb toen maar zo’n zuurtje geconsumeerd als compensatie van de gemiste Amsterdamse lekkernijen en als voorafje voor het eigenlijke eten. Ik legde in gedachten een linkje met de snoepjes in Amsterdam (afblijven!) en de zuurtjes op het schaaltje op de eettafel (snoepen toegestaan) enerzijds en aan de andere kant een ontmoeting met iemand, die bezet is en waar ik geen persoonlijke interesse voor mag tonen en iemand, die vrij is. Hoewel die vergelijking vergezocht is kon ik ‘m niet uit mijn hoofd krijgen.
Hoe vaak komen u en ik in ons leven dingen en situaties en ja, ik kan er niet omheen draaien, relaties tegen die in scherven liggen. Tussen die scherven liggen ook mooie dingen. Soms hebben we de breuk, die de oorzaak was van die scherven live meegemaakt. In het ergste geval zijn we bij die breuk betrokken geweest. Het is al heel wat, dat we van die breuk getuige waren. Maar verder?
Het is heel begrijpelijk om empathie te tonen en contact proberen te leggen met iemand, wiens relatie nog niet zo lang in scherven ligt of wiens partner vrij kort geleden overleden is. Het zijn geen verboden vruchten. Dan doe je dat om de ander te troosten, maar die ander is wel heel kwetsbaar. Hoe ligt dat gevoelsmatig? Moet je geduld hebben, moet je een tijdje afstand nemen? Voor alle duidelijkheid, contact zoeken in dit geval en iemand benaderen, die nog in een relatie zit zijn twee verschillende situaties! Soms weet je bij een eerste afspraak niet veel van de voorgeschiedenis van de ander. Verder kunnen sommigen hun verleden gemakkelijker achter zich laten. Is dat misschien iets om bij die eerste date aan elkaar duidelijk te maken? Kun je beter daten met iemand, die geen recente relatiebreuk had?
Ik vond het achteraf goed dat ik in Amsterdam geen hand heb uitgestoken naar de snoepjes. Trouwens, ik ben geen “hoarder” (Engels voor verzamelaar van gevonden voorwerpen). Maar ik raakte mijn nieuwsgierigheid naar het verhaal achter dit kleine drama niet kwijt.
Wanneer in mijn omgeving een relatie stopt moet ik heel goed nadenken, hoe ik hier op reageer en ook of ik er op reageer. Mijn reactie is niet altijd welkom…
Kortom: de zegswijze “Scherven brengen geluk” is een zoethoudertje, voor mij heeft die spreuk geen waarheid in zich..
Een warm bad
Ik ben enige tijd geleden lid geworden van 2 gespreksgroepen. Op maandagmiddag ontmoet ik iedere week een groepje van 12 personen, die samen iets bedenken of doen. Dat kan van alles zijn : een quiz, een leuk spelletje, een creatieve middag, of een lezing. De groep op dinsdagmorgen bestaat uit 8 personen, we komen eens in de 14 dagen bij elkaar en de gesprekken zijn wat meer op H.B.O-niveau
De leidster van de dinsdag groep heeft een lijst samengesteld van 26 serieuze onderwerpen, die we 1 voor 1 gedurende het cursusjaar met de groep gaan bespreken. Eenzaamheid, de natuur, het milieu, politiek, of een actueel onderwerp uit de krant. Het gespreksniveau is niet alleen anders dan in de maandaggroep, maar de leden van de dinsdaggroep zijn ook vele malen kritischer, zowel in de gesprekken als de discussies over het onderwerp.
Op maandagmiddag is het lekker ontspannen, er wordt gelachen, maar we zijn ook hecht, we leven mee met elkaar. We vieren uitgebreid Sinterklaas, hebben samen een kerstlunch gehad, maar sturen elkaar ook een beterschapkaart, indien nodig. De dinsdaggroep is veel afstandelijker. Dat werd mij goed duidelijk toen ik door ziekte 4 bijeenkomsten had gemist. Oh, je bent er weer, was de lauwe reactie. Niemand vroeg hoe het met me was. Toen iedereen zat, gingen we gelijk van start met het onderwerp. Er werden meteen A4-tjes uitgedeeld.
Iemand die op me overkomt als een hartelijk, belangstellend persoon voelt comfortabel als een warm bad. Om weerstand op te bouwen voor een goede gezondheid is een ijsbad, of zwemmen in koud buitenwater, zoals Wim Hof (de ijsman), ons enkele jaren geleden heeft voorgedaan, misschien veel beter. Het is in ieder geval goed voor je immuunsysteem. Maar is het ook fijn om te doen? Voelt vast prima achteraf, maar ik vind het net zo radicaal als die emmer koud water over je hoofd uitstorten, na afloop van die weldadige vochtige warmte in de saunahut. Dat deel van het programma sla ik liever over.
Eigenlijk beleef ik het date-gebeuren net zo. De sfeer van het gesprek is voor mij bepalend voor een succesvolle ontmoeting. Iemand kan zeer intelligent of welbespraakt zijn, als hij overkomt als een ijskonijn, haak ik af. Dan kies ik toch liever voor die eenvoudige, gezelligere man. Misschien mis ik wat, maar als ik dan in een heerlijk warm bad terecht kom, heb ik dat er graag voor over...
Single Story: de Vita-vrouw
“Stilstand is de dood in slow motion. Comfort is gif in een mooi glas. De bank is een graf met een zacht kussen. Je snapt toch wat ik bedoel? Daar ga ik in elk geval wel van uit.”
“Het is in elk geval het enige wat ik kan denken als ik op mijn datingsites door de profielen surf. Mannen die trots poseren naast een oldtimer, op een boot met een biertje of, de ergste van allemaal, een selfie op de bank. Het enige wat die beelden in stilte uitschreeuwen, is stagnatie. Je kunt de levensenergie bijna zien wegtrekken. Het zijn geen profielen; het zijn grafschriften in wording.”
“Vitaliteit. Dat is het enige wat écht telt. De rest is overbodig. Die mannen praten over ‘genieten van het leven’ met een glas rode wijn in de hand op een terras. Dat is geen genieten, dat is je cellen vergiftigen. Genieten is de endorfinekick na tien kilometer kneiterharde intervaltraining. Dat je voelt dat je leeft, dat elke spier in je lijf heeft gewerkt.”
“Mijn profiel is beeldend. Foto van mij op een bergtop in de Alpen; bezweet maar voldaan. Foto van mij tijdens de Dam-tot-Dam-loop. Foto van mijn weekmenu; allemaal clean, biologisch, macro-perfect. En daarbij zoek ik een ‘actieve partner’. Dat is niet zomaar een wens, dat is een absolute voorwaarde voor overleving. MIJN overleving.”
“Ik heb één keer een date gehad. Met een man die in theorie een serieuze kandidaat was. Hij zag er in elk geval fit uit op zijn foto’s. Ik durfde voorzichtig al te hopen op een fysiek gezonde zielsverwant. We hadden afgesproken voor een wandeling. Na een halfuur, toen we nog maar iets meer dan drie kilometer hadden gelopen, stelde hij voor om op een bankje te gaan zitten. ‘Even bijkomen,’ zei hij.”
“Bijkomen? Ik was net rustig warmgedraaid om een paar uur lekker door te stappen. Ik voelde meteen mijn energielevel crashen. Alsof je een F1-bolide vraagt om permanent in de tweede versnelling te rijden en tussendoor onnodige pitstops te maken. Ik heb de date ter plekke beëindigd. ‘Onze basissnelheid ligt te ver uit elkaar,’ zei ik. Wat had ik anders moeten zeggen… Dat is toch gewoon eerlijk?”
“Ze zeggen dat ik te veeleisend ben. Dat is echt klinkklare nonsens. Ik vraag alleen om een gedeelde levensstandaard. Hoe kan ik samen zijn met iemand die zijn lichaam als een afvalbak behandelt? Iemand die ‘ontspant’ door op de bank te liggen? Dat doe je met actieve rust, zoals een hersteltraining. De bank is waar ambitie sterft in eenzaamheid.”
“Ik hoor mijn vriendinnen weleens praten over ‘samen oud worden’. Ik wil helemaal niet oud worden. Ik wil mijn hele leven lang fit blijven. Ik wil op mijn tachtigste nog een marathon kunnen lopen. Met een man die naast me loopt, niet eentje die bij de finish op me wacht met een rolstoel.”
“Een kennis vroeg me laatst: ‘Heb je een vaste openingszin op die datingsites van jou? Iets om het ijs te breken?’ Zeker. Ik hou het simpel en efficiënt. ‘Leuk profiel. Wat was je hartslag in rust vanochtend?’”
Deze Single Story is fictief. Het verhaal is 'opgetekend' in Grand Café 'De Nieuwe Kans', dat alleen op digitaal papier bestaat. Dat het allemaal verdacht veel op de werkelijkheid lijkt, is puur toeval. Maar misschien ook niet...