Groeizaam weer ook voor de liefdestuin
maandag 11 juli 2022
Groeizaam weer ook voor de liefdestuin
Het weer is in Nederland een geliefd gespreksonderwerp en vaak zelfs hét onderwerp voor een gesprek. Regen, zon, wind, ijzel, sneeuw, kou, warmte, op het weer kun je jouw gram kwijt, zonder dat je iemand kwetst. En het leuke van een gesprek over het weer is, dat je elkaar daar gemakkelijk in kunt vinden, ik heb nog nooit gezien, dat mensen over het weer met elkaar een woordenstrijd letterlijk uitvochten.
We klagen wel vaak over het weer. Of het is te warm, of te koud, of te nat, of te droog. Als je het goed beschouwt hebben we het in Nederland nog niet zo slecht. Natuurlijk is een combi van zon en regen het beste voor de natuur. Groeizaam weer, eerst flink wat regen en daarna zon is goed voor de tuin. Er is een campagne gaande om de oppervlakten met tegels die we in veel tuinen vinden om te zetten in plantenrijke borders. Tegelwippen en dan planten. Maar ook dat laatste gaat niet als vanzelf. Om mensen hier enthousiast voor te maken krijgen ze gratis plantjes in ruil voor de verwijderde tegels.
Eerst moeten de plantjes goed in de grond geplaatst worden. Soms zijn het nog maar zaadjes, dan hangt de groei af van de grondsoort en van het jaargetijde, waarin gezaaid is. Als er scheuten boven de grond komen moet afhankelijk van de soort plant de grond bemest worden maar vooral is er voldoende water en zon nodig. Dat hebben we niet zelf in de hand.
Bij een goede verzorging kunnen we hopen op bloemen en vruchten. En we kunnen genieten van al dat mooie groen om ons heen. Toch veel leuker dan een geheel betegelde patio met een plastic zitje?
Ook liefde heeft groeizaam weer nodig. Hoe groeien de plantjes in mijn – in jouw liefdestuin het beste? Valt er bij de eerste ontmoeting een zaadje in vruchtbare grond, dan is er een klik. Bij het tuinieren hebben we in een catalogus gekeken, wat je moet doen om een mooie tuin te krijgen, als een ontmoeting via een datingsite gebeurt hebben we gespeurd naar profielen, die passen bij onze liefdestuin. Helaas, ook al hebben we ons oog laten vallen op zaadjes en plantjes, die ons wel lijken, dan moeten we ons wel voegen naar wat de winkel van ons verwacht, evenzo moeten we bij daten via internet ons houden aan de regeltjes die daarvoor gelden. Sommige plantjes moeten verpot worden, ook dat komen we in relaties tegen, soms wordt van ons gevraagd of we willen verkassen omwille van de Liefde (met een grote L).
In de tuinwinkel zijn allerhand materialen en grondstoffen beschikbaar die ons kunnen helpen om de plantjes tot volle wasdom te brengen. Natuurlijk zijn er factoren die we niet in de hand hebben, in de omgeving van de gezaaide plantjes of gepote stekjes gebeurt veel: niet alleen het weer maar er kunnen ook andere tuinliefhebbers met een schep langskomen, die jouw plantje ook leuk vinden voor hun tuin… Helaas zie je dat ook in het leven van alledag, in relatieland.
Er zullen altijd jaloerse mensen zijn, die het op jouw liefde voorzien hebben, of het gras voor je voeten wegmaaien. Ook omdat het gemakkelijk is, evenals jij jouw plantjes hebt verzorgd grissen ze jouw relatie waar je aan gewerkt hebt uit jouw armen weg.
De vruchten van jouw harde werk gaan zo teloor. Verder zullen er mensen zijn, die jou wijzen op het onkruid in jouw tuin, terwijl jij het juist mooi vindt! Moet jij in jouw liefdestuin gaan schoffelen, oftewel met een ander oog naar jouw relatie kijken, omdat anderen dat zo vinden?
Het gras is bij de buren altijd groener, ik weet welhaast zeker, dat verschillende lezers in zo’n vervelende situatie verstrikt geraakt zullen zijn.
Het wordt nog onprettiger, als beide tuinlieden voorheen goed met elkaar bevriend waren maar door hun voorliefde voor elkaars plantjes in onmin zijn geraakt.
Kun je dit voorkomen? Ik ben bang, dat dit iets is van alle tijden. Hoe vaak wordt er niet onder elkaars duiven geschoten of worden de plantjes van de buurman uitgestoken?
Komt het misschien, omdat er weinig leuke plantjes of geschikte duiven zijn, dat mensen daarom geneigd zijn te kiezen voor die duiven of plantjes, waar ze eigenlijk van af moeten blijven?
geplaatst door Aktivo1 - 1893 keer gelezen
Vorige berichten
Dans
Dans slingert als een rode draad door mijn levens en mijn liefdes.Dat begon al heel vroeg, mijn ouders deden een tijdje net alsof ze hippies waren, we woonden toen in Amsterdam Zuid en dansten tussen de schuifdeuren op alle hippiemuziek:)
Op de kleuterschool raakte ik bevriend met een klasgenootje wier moeder professioneel danseres en choreografe was en vanaf 1973 zelfs les gaf aan de Kunstacademie. Voor haar best wel eens lastig om met kleuters opgescheept te zitten maar creatief als ze was gaf ze ons gewoon rollen in haar voorstellingen. We moesten bijvoorbeeld dansen als wuivend riet langs de rivier of als waterdruppels in een regenplas en dat ging ons prima af!
Door omstandigheden verhuisden mijn ouders naar een truttig dorp en daar ging het heel anders toe, men ging daar op stijldansen. Ik ben altijd voorstander alles een keer te proberen en ging dus met mijn nieuwe overbuurmeisje tien weken elke woensdagavond naar de dansschool bij het spoor. Er was daar wel een heel leuke jongen dus dat maakte veel goed, maar de lessen zelf waren heel ouderwets, de man moest leiden en de vrouw haar mond houden, blijkbaar waren de jaren zestig in dit dorp nog niet aangebroken. In een soort houdgreep sleurde de dansleraar me over de parketvloer om voor te doen hoe het moest en na tien weken kon ik het wel een beetje maar ik dacht, dit is meer iets voor noodgevallen.
Inmiddels was er disco, punk en new wave uitgebroken en daar voelde ik me meer bij thuis. Mijn zakgeld was ontoereikend en zelfs als ik elke avond ging oppassen kwam ik niet uit de kosten, maar creatief als ik ben, vond ik er oplossingen voor; ik ging gewoon werken in de discotheek, eerst bij de garderobe en later achter de tap, zo hoefde ik nooit meer entree te betalen en draaiden de dj's altijd mijn favoriete nummers:) Mijn schoolresultaten gingen wel wat achteruit en ik irriteerde me aan docenten die klaagden dat ik zat te gapen op maandagochtend, dus ik besloot staatsexamen te doen. Zo kon ik in de weekenden lekker dansen en alvast mijn diploma's halen in mijn eigen tijd. Zodra ik van die docenten verlost was haalde ik binnen 15 maanden twee diploma's en danste naar hartelust!
Niet verwonderlijk misschien dat mijn eerste grote liefde een jongen was die altijd semi ongeinteresseerd langs de dansvloer voor muurbloem speelde. Mijn tweede grote liefde danste twaalf jaar later elk weekend met me in de Melkweg. En mijn laatste grote liefde? Daarmee danste ik voor het eerst op een zomeravond in een romantisch park 915 kilometer hier vandaan:) Maar de aller aller mooiste dansvoorstelling was toch wel die van Scapino, gelukkig is het dit weekend weer zover!
Speelt dans in jullie levens en liefdes ook een belangrijke rol, of kijken jullie alleen nog de Notenkraker met de kerstdagen?
Toeval of Niet?
Ken je dat, van die dingen die je ineens elke keer ergens tegenkomt of hoort? Dat je bij jezelf denkt dat het wel héél toevallig is.
Of zou je dan van synchroniciteit spreken? En de volgende vraag: betekent het wat of is het inderdaad gewoon toevallig toeval.
Net zoals je overal zwangere vrouwen ziet als je zelf zwanger bent of wilt worden. Of overal verliefde stelletjes ziet als je een gebroken hart hebt.
Dan vraag je je ook af, wat is dit?!
Zo kwam ik een aantal jaren terug ineens veel mannen tegen met een bepaalde naam. Dat was een wat ouderwetse Hollandsche naam die anno nu niet meer zo vaak voorkomt.
Daarom viel het me op.
Ik was toen ook single, maar de betreffende mannen vond ik niet interessant als potentiële partner. Toch vond ik het typisch dat ik ineens overal mannen met die naam tegenkwam.
Laat ik nou een maand of twee, drie later online een man tegenkomen waar ik meteen een hele sterke klik mee had. En yup, die heette ook zo.
Toen moest ik me toch ook even op het hoofd krabben. Zo van, heeft het Universum me hier al die tijd op voorbereid?
De laatste tijd heb ik een ander gevalletje toeval. Niet direct man-gerelateerd.
Ik ben de laatste tijd behoorlijk gefascineerd door iets waarbij paardrijden een grote rol speelt.
En ineens komt dat overal en nergens omhoog. Ook herinneringen waarvan ik eigenlijk niet eens meer wist dat ik ze wist.
Zo had ik als 14-15 jarige een vriendin met een eigen pony en daar heb ik veel op gereden. Eerst gewoon stappen, daarna leerde mijn vriendin me een beetje rijden zodat ik ook draf en verlichte zit kon. Ik was geen ervaren ruiter en springen of galopperen werd ik niet blij van.
Maar buiten dat heb ik er altijd zó van genoten!
Ik wilde als kind altijd al paardrijden maar ik mocht niet van mijn moeder.
Ik ging dan maar geregeld bij de manége kijken, met verlangen in mijn hart!
Grappig genoeg had ik rond mijn 16e-17e een verloofde die paard kon rijden. Weer zo’n herinnering die ver weg gezakt was.
Met hem heb ik één keer paard gereden. Wat heb ik daar van genoten! Ik was eerst op een kleine, rustige pony gezet, maar dat had ik in een paar minuten gezien. Heen en weer geklotst worden met die korte stappen, de grond zo dichtbij, ieeekh!
Toen kreeg ik een grotere pony waar ik heerlijk op gereden heb. In hoeverre ik nou eigenlijk wist waar de gas en de rem zat, weet ik niet meer, haha.
Vroeger ging ik ook vaak met mijn vriendin naar de manége waar zij les had. Toen was er een keer een nieuw paard wat ik meen een politiepaard was geweest. Dat was het hoogste paard wat ze ooit hadden gehad. En ik mocht daar op!
Ik schat daar ik daar met een blok (hulpmiddel) op gekomen ben. Eenmaal erop vond ik het toch wel héél erg hoog en was ik blij dat ik eraf was.
De laatste keer dat ik op een paard heb gezeten, was toen ik een jaar of 37 was. Mijn ex had een paard gekocht en toen ik de kids naar hem bracht, had hij het gezadeld en al buiten staan. Ik mocht erop als ik wilde.
Héél graag!
Maar… ik kreeg het niet voor elkaar erop te komen? Mijn kinderen lagen dubbel, mijn ex ook. Ik moest ook lachen, maar was wel verbouwereerd, had dat niet verwacht. Ik dacht dat ik fit, lenig en sterk was. Daar stond ik lelijk op mijn neus te kijken!
Uiteindelijk ben ik er met een blok op gekomen.
En daarna nooit meer op een paard gezeten, laat staan gereden.
Maar nu van de week iemand in huis die me vraagt, “Heb jij iets met paarden?”
Huh? Nee, hoezo?
Zegt hij, “Nou, om de Ariat laarzen in de gang.”
Verroest! Ik heb inderdaad een paar jaar terug laarzen gekocht die ik leuk vond wat heel toevallig eigenlijk rijlaarzen zijn.
Wat blijkt? Hij rijdt zelf paard, zowat heel zijn familie zit in de paarden.
Toevallig?!
Ik vertelde hem mijn verhaal, en dat ik nekletsel heb na ongeval en niet meer durf. Oh-zo bang dat ik eraf val en weer letsel oploop.
Daarop zei hij dat er een manége is die ritten doet met beginners of bange mensen. Dan rijdt er iemand met je mee op een fiets die het paard vasthoudt.
Wow…
Nou zit ik in dubio.
Ik ga hem wel vragen om de naam van die manége.
Enerzijds voel ik enorme vreugde! Misschien kan ik mijn droom alsnog uit laten komen! Af en toe op een paard!
Tegelijkertijd komt er stevige angst op.
Maar ik vind het ook weer belangrijk om jezelf te geven waar je zo naar verlangt. Moet je dat dan door angst om zeep laten helpen?
Als single loop je eigenlijk vaak al dingen mis, zelfs al heb je een fijn en vervuld leven in je eentje en ben je gelukkig.
Ik vind het ook belangrijk geregeld uit je comfort-zone te stappen. Anders ga je meer en meer vastroesten.
Als ik denk aan weer in het zadel zitten, dat geur van leder, paard en hooi, dan schreeuwt mijn hele wezen “ja!!”
Dat voelt zo als thuis. Vertrouwd.
Echter, als ik denk aan mijn nekje, misschien eraf vallen, slaat de angst toe.
Maar ja, dit komt toch niet voor niets op mijn pad? Het is toch geen toeval dat er een optie blijkt om af en toe veilig(er) paard te kunnen rijden.
Ik ga er nog eens over nadenken!
Niet nodig
Het is koud buiten. Nee, het lijkt koud buiten; de mensen die ik nu buiten zie lopen, lopen er kouwelijk bij. Vooral de jonge vrouwen: een muts kan immers hun lange haren voorgoed veranderen in iets vogelnest-achtigs? Zelf heb ik een lange donsjas en een goeie hoed tegen de kou. Én knalroze handschoenen. Ooit wilde een geliefde dat er bij hem thuis altijd handschoenen voor mij zouden zijn, en in zijn dorp waren de vinger handschoenen voor vrouwen nu eenmaal knalroze. Ik hoop al jaren dat ik er eentje verlies, zodat ik de andere met goed fatsoen kan weggooien. Ik had helemaal geen nieuwe handschoenen nodig.
Mijn flat staat vol met spullen die ik niet nodig heb, veel te vol - en soms denk ik dat ik pas weer kan schrijven wanneer al die dingen een ander huis hebben gevonden, wanneer er weer ruimte is in mijn flat en daarmee in mijn hoofd. Zo is daar die witte stalen tv-kast, de kast die ik zo moedig in mijn eentje in elkaar heb geschroefd terwijl er twee personen op de handleiding stonden. Kwestie van schroevendraaier eerst even in een prittstift duwen bij verticaal en ondersteboven schroefwerk. Die kast dus. Hij paste perfect - totdat ik de wieltjes eronder draaide. Ze bleken uit te steken, die wieltjes. Zonder wieltjes gebruiken dan maar? Nee, deze kast heeft wieltjes nodig om een leuke kast te zijn. Of accepteren dat hij te ver de kamer in komt? Nee, dan is de achterkant van de tv dominant aanwezig in mijn kleine huiskamer. Hup, dan maar op Marktplaats met hem - zodat hij nu in de logeerkamer staat te wachten op een acceptabel bod. De oude 24 inch tv staat ook nog in de logeerkamer, net als de dvd-speler, een tas vol dvd’s, en het rode stalen kastje op wielen waar die kleine tv zo mooi op paste. Dit zijn spullen waaraan ik gehecht ben. Wat ik hier nodig heb, is iemand aan wie ik ze kan geven, iemand die ze nodig heeft, iemand die ik er blij mee kan maken.
De ombouw van mijn tweepersoons Auping Auronde heeft trouwens ook weken in die logeerkamer gestaan voordat ik het helemaal zeker wist: Ik zet hem op Marktplaats, ik heb geen tweepersoonsbed nodig, nooit meer. Gek genoeg was er laatst toch een man die mij in de war maakte met de simpele vraag of ik het zeker wist, van dat tweepersoonsbed. Soms is er nu eenmaal zo’n man…
Soms vraagt iemand me wat ik nodig heb - en meestal is het antwoord simpel: Twee kippenbouten, een arm die wél bij de havervlokken hoog in het winkelschap kan, toch maar een verdoving tijdens een tandartsbehandeling. En soms, heel soms, is het antwoord ‘een kusje’. Waarmee ik natuurlijk meer dan een kusje bedoel, veel meer…
Laatst, in de trein, vroeg een man mij om iets dat híj nodig had. Hij was jong, goed verzorgd en vriendelijk. Zijn Nederlands was nog in ontwikkeling. Hij bood me een slok bier aan uit zijn glas, en vroeg of ik dochters had. Ach, waarom hem geen waar antwoord gegeven? Hij wilde met één van mijn dochters trouwen, deze Arabische prins; hij had een vrouw nodig.